Klein woordenboek Spaans-Nederlands en vv met 174942 woorden

Ga naar woordenboek gesorteerd op Nederlandse naam
Ir a diccionario clasificado en nombre holandés

Klik op de eerste letter van het gezochte Spaanse woord uit de rij aangeduid met 1e.
Indien de rij met 2e, 3e, 4e aanwezig is, kies dan ook de tweede, derde en vierde letter.
Elija el primer carácter de la palabra buscada de la fila indicada con 1e.
Cuando también hay una fila indicada con 2e, 3e, 4e, elija el segundo, tercer, cuarto carácter.

Laatst gewijzigd:       22 Dec 2008
Última Actualización: 22 Dec 2008

1e 0‑9A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z Æ

2e a b c d e f g h i j k l m n o p q rs t u v xy z

3ea bc e f gh i mno p qs t u

4e b d f i l m n r s

<-- Vorige/ AnteriorVolgende/ Siguiente -->

Spaans/españolNederlands/holandés
assustantivo
Plural es: ases

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'as'
, el  W
aaszelfstandig naamwoord
Meervoud is: azen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de/hetBij dit zelfstandig naamwoord kan men als lidwoord naar believen 'de' of 'het' gebruiken.  W
asasustantivo
Plural es: asas

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asa'
, el (f.)Este sustantivo es femenino pero se usa el artículo masculino para evitar una colisión de las a´s.  W  sMango
1.hengselzelfstandig naamwoord
Verkleinwoord is: hengseltje
Lettergrepen: heng·sel
Meervoud is: hengsels

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, het  W
klinkzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Meervoud is: klinken

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
krukzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Meervoud is: krukken

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
oorzelfstandig naamwoord
Verkleinwoord is: oortje
Één lettergreep
Meervoud is: oren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, het  W
2Mango.gevestzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ge·vest
Meervoud is: gevesten

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, het
halszelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Meervoud is: halzen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
handvatzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: hand·vat
Meervoud is: handvatten

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, het  W
heftzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Meervoud is: heften

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, het  W
knopzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Meervoud is: knoppen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
steelzelfstandig naamwoord
Verkleinwoord is: steeltje
Één lettergreep
Meervoud is: stelen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
asatercera persona singular presente de indicativo del verbo asar

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asa'
  sAse
Tuesta
Tueste
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t braadtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t brandtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t roostertderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
¡asa!imperativo singular del verbo asar
  s¡Asad!
¡Tostad!
¡Tuesta!
braad!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
brand!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
rooster!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asa"asa de la sartén":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asa'
  de"asa de la sartén":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  la"asa de la sartén":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'la'
  sartén"asa de la sartén":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'sartén'
, la
handvat van de koekenpanzelfstandig naamwoordsvorm
, het
asabatercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
  sAsara
Asase
Asé
Asó
Tostaba
Tostara
Tostase
Tosté
Tostó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t braaddederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
ik braaddeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t branddederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
ik branddeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t roosterdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
ik roosterdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asabaissegunda persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
  sAsarais
Asaseis
Asasteis
Tostabais
Tostarais
Tostaseis
Tostasteis
jullie braaddentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
jullie branddentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
jullie roosterdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asábamosprimera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
  sAsamos
Asáramos
Asásemos
Tostamos
Tostábamos
Tostáramos
Tostásemos
wij/we braaddeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
wij/we branddeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
wij/we roosterdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asabantercera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
  sAsaran
Asaron
Asasen
Tostaban
Tostaran
Tostaron
Tostasen
zij/ze braaddenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
zij/ze branddenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
zij/ze roosterdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asabassegunda persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asar
  sAsaras
Asases
Asaste
Tostabas
Tostaras
Tostases
Tostaste
jij braaddetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
jij branddetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
jij roosterdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
¡asad!imperativo plural del verbo asar
  s¡Asa!
¡Tostad!
¡Tuesta!
braad!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
brand!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
rooster!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asadaadjetivo femenino singular de la palabra: Asado

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asada'
  W  sAsadas
Asado
Asados
Tostada
Tostadas
Tostado
Tostados
1Asado.gegrildbijvoeglijk naamwoord
gegrildeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Gegrild
  _adjetivo femenino singular del participio pasado del verbo asar
  W
2Tostar.gebradenbijvoeglijk gebruikt onregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  W
gebrandebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
geroosterdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  _adjetivo femenino singular de la palabra: Asado
  W
3Asado.gebradenbijvoeglijk naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  W
geroosterdbijvoeglijk naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  W
geroosterdeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Geroosterd

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asadasadjetivo femenino plural de la palabra: Asado

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  W  sAsada
Asado
Asados
Tostada
Tostadas
Tostado
Tostados
1Asado.gegrildbijvoeglijk naamwoord
gegrildeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Gegrild
  _adjetivo femenino plural del participio pasado del verbo asar
  W
2Tostar.gebradenbijvoeglijk gebruikt onregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  W
gebrandebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
geroosterdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  _adjetivo femenino plural de la palabra: Asado
  W
3Asado.gebradenbijvoeglijk naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  W
geroosterdbijvoeglijk naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  W
geroosterdeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Geroosterd

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asaderasustantivo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asadera'
braadpanzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: braad·pan
Meervoud is: braadpannen

Lage wijde pan meestal van gietijzer of staal (meestal geëmailleerd), bestand tegen hoge temperatuur. Voor bovenop bakken of braden in de oven. Ook te gebruiken als stoofpan. (Zie daar).

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
asadosustantivo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
, el  o  W
1.gebraadzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ge·braad

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, het
  _sustantivo
Plural es: asados
  W
2.spitzelfstandig naamwoord
Verkleinwoord is: spitje
Meervouden zijn: speten, spitten

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, het  W
  _sustantivo
  W
3.gebraden vleeszelfstandig naamwoordsvorm
, het
asadoadjetivo masculino singular

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  W  sAsada
Asadas
Asados
Tostada
Tostadas
Tostado
Tostados
1.gegrildbijvoeglijk naamwoord
gegrildeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Gegrild
  _adjetivo masculino singular del participio pasado del verbo asar
  W
2Tostar.gebradenbijvoeglijk gebruikt onregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  W
gebrandebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
geroosterdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  _adjetivo masculino singular
  W
3.gebradenbijvoeglijk naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  W
geroosterdbijvoeglijk naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  W
geroosterdeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Geroosterd

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asadoparticipio pasado del verbo asar

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  sTostado
gebradenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
gebrandregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord branden
Lettergrepen: ge·brand

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
geroosterdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asado"asado a la olla":

Cocer un pedazo grande de carne en cazuela a fuego lento.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  a"asado a la olla":

Cocer un pedazo grande de carne en cazuela a fuego lento.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'a'
  la"asado a la olla":

Cocer un pedazo grande de carne en cazuela a fuego lento.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'la'
  olla"asado a la olla":

Cocer un pedazo grande de carne en cazuela a fuego lento.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'olla'
in de pan gebraden
asado"asado a la parrilla":
locución adjetiva

El calor incide directamente sobre la pieza que estamos cocinando. Se utiliza para piezas de ración de poco tamaño o de carnes nobles (filete, solomillo etc). No pinchar nunca la carne para darle la vuelta. Untarlo de grasa antes de cocinarlo para evita que pierda jugos y favorecer la formación de una costra. Las carnes rojas salarlas al darles la vuelta, nunca antes de cocinarlas. Cocer con el calor directo de carbones calientes.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  a"asado a la parrilla":
locución adjetiva

El calor incide directamente sobre la pieza que estamos cocinando. Se utiliza para piezas de ración de poco tamaño o de carnes nobles (filete, solomillo etc). No pinchar nunca la carne para darle la vuelta. Untarlo de grasa antes de cocinarlo para evita que pierda jugos y favorecer la formación de una costra. Las carnes rojas salarlas al darles la vuelta, nunca antes de cocinarlas. Cocer con el calor directo de carbones calientes.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'a'
  la"asado a la parrilla":
locución adjetiva

El calor incide directamente sobre la pieza que estamos cocinando. Se utiliza para piezas de ración de poco tamaño o de carnes nobles (filete, solomillo etc). No pinchar nunca la carne para darle la vuelta. Untarlo de grasa antes de cocinarlo para evita que pierda jugos y favorecer la formación de una costra. Las carnes rojas salarlas al darles la vuelta, nunca antes de cocinarlas. Cocer con el calor directo de carbones calientes.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'la'
  parrilla"asado a la parrilla":
locución adjetiva

El calor incide directamente sobre la pieza que estamos cocinando. Se utiliza para piezas de ración de poco tamaño o de carnes nobles (filete, solomillo etc). No pinchar nunca la carne para darle la vuelta. Untarlo de grasa antes de cocinarlo para evita que pierda jugos y favorecer la formación de una costra. Las carnes rojas salarlas al darles la vuelta, nunca antes de cocinarlas. Cocer con el calor directo de carbones calientes.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'parrilla'
gegrildbijvoeglijk naamwoord
  o
asado"asado a la sal":

se aplica a carnes y pescados y consiste en cubrir la pieza de sal gorda y asarlo en el horno así. Es clásico de lubina y dorada, pero también de pierna o de lomo de cerdo.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  a"asado a la sal":

se aplica a carnes y pescados y consiste en cubrir la pieza de sal gorda y asarlo en el horno así. Es clásico de lubina y dorada, pero también de pierna o de lomo de cerdo.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'a'
  la"asado a la sal":

se aplica a carnes y pescados y consiste en cubrir la pieza de sal gorda y asarlo en el horno así. Es clásico de lubina y dorada, pero también de pierna o de lomo de cerdo.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'la'
  sal"asado a la sal":

se aplica a carnes y pescados y consiste en cubrir la pieza de sal gorda y asarlo en el horno así. Es clásico de lubina y dorada, pero también de pierna o de lomo de cerdo.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'sal'
in zoutkorst
Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'In').
  o
asado"asado al horno":

Cocinar un trozo de carne en un ambiente seco sin elementos húmedos y con grasa. Se utiliza para piezas de gran tamaño que generalmente son sometidas a numerosas preelaboraciones. Todos los asados se deben de meter en el horno previamente calentado. Después de cumplido el tiempo necesario, se apaga el horno totalmente y se deja la carne de 5 a 10 minutos para que esta se esponje antes de sacarla para trinchar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  al"asado al horno":

Cocinar un trozo de carne en un ambiente seco sin elementos húmedos y con grasa. Se utiliza para piezas de gran tamaño que generalmente son sometidas a numerosas preelaboraciones. Todos los asados se deben de meter en el horno previamente calentado. Después de cumplido el tiempo necesario, se apaga el horno totalmente y se deja la carne de 5 a 10 minutos para que esta se esponje antes de sacarla para trinchar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'al'
  horno"asado al horno":

Cocinar un trozo de carne en un ambiente seco sin elementos húmedos y con grasa. Se utiliza para piezas de gran tamaño que generalmente son sometidas a numerosas preelaboraciones. Todos los asados se deben de meter en el horno previamente calentado. Después de cumplido el tiempo necesario, se apaga el horno totalmente y se deja la carne de 5 a 10 minutos para que esta se esponje antes de sacarla para trinchar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'horno'
in de oven gebraden
asado"asado bajo tierra":

No deja de ser una variación del asado a la sal. Se envuelve bien el alimento, junto con diversos condimentos, para que no se manche y en el caso de las cenizas, simplemente se colocarían en su interior mientras estas están calientes. En el caso de hacerlo bajo tierra, una vez cubierto de tierra se prepararía una hoguera encima.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  bajo"asado bajo tierra":

No deja de ser una variación del asado a la sal. Se envuelve bien el alimento, junto con diversos condimentos, para que no se manche y en el caso de las cenizas, simplemente se colocarían en su interior mientras estas están calientes. En el caso de hacerlo bajo tierra, una vez cubierto de tierra se prepararía una hoguera encima.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'bajo'
  tierra"asado bajo tierra":

No deja de ser una variación del asado a la sal. Se envuelve bien el alimento, junto con diversos condimentos, para que no se manche y en el caso de las cenizas, simplemente se colocarían en su interior mientras estas están calientes. En el caso de hacerlo bajo tierra, una vez cubierto de tierra se prepararía una hoguera encima.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'tierra'
onder de grond gebraden
asado
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  ternera
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ternera'
  al
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'al'
  ajillo
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ajillo'
kalfsvlees met knoflook
asado"asado en cenizas":

No deja de ser una variación del asado a la sal. Se envuelve bien el alimento, junto con diversos condimentos, para que no se manche y en el caso de las cenizas, simplemente se colocarían en su interior mientras estas están calientes. En el caso de hacerlo bajo tierra, una vez cubierto de tierra se prepararía una hoguera encima.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  en"asado en cenizas":

No deja de ser una variación del asado a la sal. Se envuelve bien el alimento, junto con diversos condimentos, para que no se manche y en el caso de las cenizas, simplemente se colocarían en su interior mientras estas están calientes. En el caso de hacerlo bajo tierra, una vez cubierto de tierra se prepararía una hoguera encima.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'en'
  cenizas"asado en cenizas":

No deja de ser una variación del asado a la sal. Se envuelve bien el alimento, junto con diversos condimentos, para que no se manche y en el caso de las cenizas, simplemente se colocarían en su interior mientras estas están calientes. En el caso de hacerlo bajo tierra, una vez cubierto de tierra se prepararía una hoguera encima.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ceniza'
onder hete as gebraden
asado"asado en horno":

Consiste en cocinar un género con grasa en el horno, de ésta manera el calor incide en la pieza desde todos los ángulos y no esta en contacto directo con la fuente de calor. El género se dora en el exterior y se cocina en el interior a medida que penetra el calor.
  •   El horno previamente calentado.
•   No pinchar la pieza en el proceso de asado.
•   Comprobar la temperatura interior de la pieza para saber si esta hecha.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  en"asado en horno":

Consiste en cocinar un género con grasa en el horno, de ésta manera el calor incide en la pieza desde todos los ángulos y no esta en contacto directo con la fuente de calor. El género se dora en el exterior y se cocina en el interior a medida que penetra el calor.
  •   El horno previamente calentado.
•   No pinchar la pieza en el proceso de asado.
•   Comprobar la temperatura interior de la pieza para saber si esta hecha.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'en'
  horno"asado en horno":

Consiste en cocinar un género con grasa en el horno, de ésta manera el calor incide en la pieza desde todos los ángulos y no esta en contacto directo con la fuente de calor. El género se dora en el exterior y se cocina en el interior a medida que penetra el calor.
  •   El horno previamente calentado.
•   No pinchar la pieza en el proceso de asado.
•   Comprobar la temperatura interior de la pieza para saber si esta hecha.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'horno'
in de oven gebraden
asado
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  en
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'en'
  la
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'la'
  plancha
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'plancha'
op hete plaat gebraden
asadorsustantivo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asador'
, el  W
grillrestaurantzelfstandig naamwoord
, het
asadorasustantivo
Plural es: asadoras

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asadora'
, la
braadpanzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: braad·pan
Meervoud is: braadpannen

Lage wijde pan meestal van gietijzer of staal (meestal geëmailleerd), bestand tegen hoge temperatuur. Voor bovenop bakken of braden in de oven. Ook te gebruiken als stoofpan. (Zie daar).

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
grillzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Meervoud is: grills

Toestel om te roosteren d.m.v. niet rokend vuur b.v. houtskool (zie spit) of d.m.v. elektriciteit of gas.

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
asadorassustantivo plural de la palabra: Asadora

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asadora'
, las
braadpannenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Braadpan

Lage wijde pan meestal van gietijzer of staal (meestal geëmailleerd), bestand tegen hoge temperatuur. Voor bovenop bakken of braden in de oven. Ook te gebruiken als stoofpan. (Zie daar).

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braadpan').
, de  W
grillsMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Grill

Toestel om te roosteren d.m.v. niet rokend vuur b.v. houtskool (zie spit) of d.m.v. elektriciteit of gas.

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Grill').
, de  W
asadossustantivo plural de la palabra: Asado

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
, los  W
spetenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Spit
Lettergrepen: spe·ten

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Spit').
, de  W
spittenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Spit
Lettergrepen: spit·ten

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
asadosadjetivo masculino plural de la palabra: Asado

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asado'
  W  sAsada
Asadas
Asado
Tostada
Tostadas
Tostado
Tostados
1Asado.gegrildbijvoeglijk naamwoord
gegrildeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Gegrild
  _adjetivo masculino plural del participio pasado del verbo asar
  W
2Tostar.gebradenbijvoeglijk gebruikt onregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  W
gebrandebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
geroosterdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  _adjetivo masculino plural de la palabra: Asado
  W
3Asado.gebradenbijvoeglijk naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
  W
geroosterdbijvoeglijk naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
  W
geroosterdeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Geroosterd

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asadurasustantivo
Plural es: asaduras

Conjunto de las entrañas de un animal, en concreto el hígado, bazo, pulmón y corazón, que suelen cocinarse fritas con salsa.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asadura'
, la  D
ingewandzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: in·ge·wand
Meervoud is: ingewanden
, het  W
asadurassustantivo

Nombre que reciben las entrañas (casquería) de un animal cordero, bovino es decir los sesos, pulmones, hígados etc.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asadura'
, las
1.ingewandenzelfstandig naamwoord

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
  _sustantivo plural de la palabra: Asadura

Nombre que reciben las entrañas (casquería) de un animal cordero, bovino es decir los sesos, pulmones, hígados etc.
2.ingewandenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Ingewand

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
, de  W
asafétidasustantivo
Nombre científico es: Ferula asafoetida

Es una umbelífera que se cultiva en Irán y Afganistán. Se forma primero solamente una roseta de grandes hojas, que en el 5º año de desarrollo produce un tallo de 3 m de alto y 10 cm. De grueso, con hojas pinnadas y con inflorescencias en doble umbela. Se utiliza la resina de las raíces y como especia y una de sus propiedades es contra el estreñimiento.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asafétida'
, la  W
1.asa foetidazelfstandig naamwoordsvorm
Latijnse plantennaam is: Ferula asafoetida
  W
2.asafoetidazelfstandig naamwoord
Latijnse plantennaam is: Ferula asafoetida

Is een bruin poeder dat wordt verkregen uit de hars van een plant die met name in Oost-india groeit (de plant is familie van de venkelplant). De smaak is indringend en vreemd.
, de  W
duivelsdrekzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: dui·vels·drek
Latijnse plantennaam is: Ferula asafoetida

Ferula asafoetida en Ferula narthex zijn venkels die inheems zijn in Iran en Afghanistan. De melkachtige gom van de penwortel van deze planten droogt op tot een parelachtige hars die na verloop van tijd donker wordt. Zijn hoge zwavelgehalte maakt dat asafoetida stinkt (vandaar ook namen als duivels mest), maar spaarzaam gebruikt geeft het een heel geurig aroma. Gecombineerd met knoflook en ui vormt het de basis van veel zuid Indiase vegetarische gerechten.
, de  W
asáissegunda persona plural presente de indicativo del verbo asar
  sAséis
Tostáis
Tostéis
jullie bradentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord braden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Braden').
jullie brandentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord branden

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Branden').
jullie roosterentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord roosteren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Roosteren').
asalariatercera persona singular presente de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalarie
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t bezoldigtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t salarieertderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
¡asalaria!imperativo singular del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  s¡Asalariad!
bezoldig!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
salarieer!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariabatercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariara
Asalariase
Asalarié
Asalarió
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t bezoldigdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
ik bezoldigdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t salarieerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
ik salarieerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariabaissegunda persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariarais
Asalariaseis
Asalariasteis
jullie bezoldigdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jullie salarieerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariábamosprimera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariamos
Asalariáramos
Asalariásemos
wij/we bezoldigdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
wij/we salarieerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariabantercera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariaran
Asalariaron
Asalariasen
zij/ze bezoldigdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
zij/ze salarieerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariabassegunda persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariaras
Asalariases
Asalariaste
jij bezoldigdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jij salarieerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
¡asalariad!imperativo plural del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  s¡Asalaria!
bezoldig!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
salarieer!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariadaadjetivo femenino singular del participio pasado del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asalariada'
  sAsalariadas
Asalariado
Asalariados
bezoldigdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
gesalarieerdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariadasadjetivo femenino plural del participio pasado del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariada
Asalariado
Asalariados
bezoldigdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
gesalarieerdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariadoadjetivo masculino singular del participio pasado del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asalariado'
  sAsalariada
Asalariadas
Asalariados
bezoldigdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
gesalarieerdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariadoparticipio pasado del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asalariado'
bezoldigdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
gesalarieerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariadosadjetivo masculino plural del participio pasado del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariada
Asalariadas
Asalariado
bezoldigdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
gesalarieerdebijvoeglijk gebruikt regelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariáissegunda persona plural presente de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariéis
jullie bezoldigentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jullie salariërentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariamosprimera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariemos
Asalariábamos
Asalariáramos
Asalariásemos
wij/we bezoldigdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
wij/we bezoldigeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _primera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
wij/we salarieerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
wij/we salariëreneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariantercera persona plural presente de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalarien
zij/ze bezoldigenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
zij/ze salariërenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariandogerundio del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
bezoldigendonvoltooid deelwoord van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
salariërendonvoltooid deelwoord van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariarVerbo transitivo
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asalariar'
  D  ci
conjugaciones del INDICATIVO
PresentePréterito indefinido
AsalarioAsalarié
AsalariasAsalariaste
AsalariaAsalarió
AsalariamosAsalariamos
AsalariáisAsalariasteis
AsalarianAsalariaron
Futuro/CondicionalPréterito imperfecto 
AsalariaréíaAsalariaba
AsalariarásíasAsalariabas
AsalariaráíaAsalariaba
AsalariaremosíamosAsalariábamos
AsalariaréisíaisAsalariabais
AsalariaráníanAsalariaban
  cs
conjugaciones del SUBJUNTIVO
PresentePréterito imperfect ra
AsalarieAsalariara
AsalariesAsalariaras
AsalarieAsalariara
AsalariemosAsalariáramos
AsalariéisAsalariarais
AsalarienAsalariaran
FuturoPréterito imperfecto se
AsalariareAsalariase
AsalariaresAsalariases
AsalariareAsalariase
AsalariáremosAsalariásemos
AsalariareisAsalariaseis
AsalariarenAsalariasen
  cp
conjugaciones del IMPERATIVO
afirmativonegativo
Asalaria(tú)No asalaries
Asalarie(usted)No asalarie
Asalariad(vosotros)No asalariéis
Asalarien(ustedes)No asalarien
bezoldigenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: be·zol·di·gen
Verbuiging: Bezoldigde - Bezoldigd


Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
salariërenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: sa·la·rië·ren, sa·la·ri·eren
Verbuiging: Salarieerde - Gesalarieerd


Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands.
asalariaratercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariaba
Asalariase
Asalarié
Asalarió
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t bezoldigdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
ik bezoldigdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t salarieerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
ik salarieerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariarátercera persona singular futuro de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariare
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal bezoldigenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal salariërenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaraissegunda persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariabais
Asalariaseis
Asalariasteis
jullie bezoldigdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jullie salarieerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariáramosprimera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariamos
Asalariábamos
Asalariásemos
wij/we bezoldigdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
wij/we salarieerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariarantercera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariaban
Asalariaron
Asalariasen
zij/ze bezoldigdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
zij/ze salarieerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariarántercera persona plural futuro de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariaren
zij/ze zullen bezoldigenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
zij/ze zullen salariërenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariarassegunda persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariabas
Asalariases
Asalariaste
jij bezoldigdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jij salarieerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariarássegunda persona singular futuro de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariares
jij zal bezoldigentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jij zal salariërentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaretercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariará
Asalariaré
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal bezoldigenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
ik zal bezoldigeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal salariërenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
ik zal salariëreneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaréprimera persona singular futuro de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariare
ik zal bezoldigeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
ik zal salariëreneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariareissegunda persona plural futuro de subjuntivo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariaréis
jullie zullen bezoldigentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jullie zullen salariërentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaréissegunda persona plural futuro de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariareis
jullie zullen bezoldigentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jullie zullen salariërentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaremosprimera persona plural futuro de indicativo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariáremos
wij/we zullen bezoldigeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
wij/we zullen salariëreneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariáremosprimera persona plural futuro de subjuntivo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariaremos
wij/we zullen bezoldigeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
wij/we zullen salariëreneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariarentercera persona plural futuro de subjuntivo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariarán
zij/ze zullen bezoldigenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
zij/ze zullen salariërenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaressegunda persona singular futuro de subjuntivo del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
  sAsalariarás
jij zal bezoldigentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jij zal salariërentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaríatercera persona singular condicional del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zou bezoldigenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _primera persona singular condicional del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
ik zou bezoldigeneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
  _tercera persona singular condicional del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zou salariërenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
  _primera persona singular condicional del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
ik zou salariëreneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaríaissegunda persona plural condicional del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
jullie zouden bezoldigentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
jullie zouden salariërentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaríamosprimera persona plural condicional del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.
wij/we zouden bezoldigeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord bezoldigen

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Bezoldigen').
wij/we zouden salariëreneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord salariëren

Klik voor toegang tot onlinewoordenboek Van Dale Hedendaags Nederlands (voor het woord 'Salariëren').
asalariaríantercera persona plural condicional del verbo asalariar
(verbo transitivo). Fijar o pagar salario a una persona.
FAM. Asalariado, -a.