Klein woordenboek Spaans-Nederlands en vv met 339183 woorden

Ga naar woordenboek Nederlands-Spaans; Ir a diccionario holandés-español.

Klik op de eerste letter van het gezochte Spaanse woord uit de rij aangeduid met 1e. Indien de rij met 2e, 3e, 4e etc. aanwezig is, kies dan ook de tweede, derde, vierde ... letter.
Elija el primer carácter de la palabra española buscada de la fila indicada con 1e. Cuando también hay una fila indicada con 2e, 3e, 4e, etc. elija el segundo, tercer, cuarto ... carácter.

Laatst gewijzigd:   29 Oct 2012  ; última actualización: 29 Oct 2012.

Que agradable es vivir en Tenerife

1e 0‑9 A B C D EF G H I J K L M N Ñ O P Q R S T U V W X Y Z ß

2e 0‑9a e i l o r t u y

3e- c e ghijk l m n q r s tu vyz

4e ba be bi br bu

<-- Vorige/ Anteriorpalabras de
woorden van
FABA ..... FABULOSOSVolgende/ Siguiente -->

Spaans/españolNederlands/holandés
fabasustantivo
Plural es: fabas
Nombre científico es: Phaseolus vulgaris

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'faba'
, la  o  w  W  sAlubia
Ejote
Fréjol
Frijol
Habichuela verde
Vainita
  f
boonzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Verkleinwoord is: boontje [boon·tje]], het
Meervoud is: bonen
Latijnse plantennamen zijn: Phaseolus vulgaris, Vicia faba

ALLE betekenissen van dit woord:
(de; bonen)
1 zaadje uit de peulvrucht van enige vlinderbloemige planten, waarvan men alleen de zaden ofwel de gehele vrucht eet
2 vlinderbloemige plant met rode, witte of paarse, soms sterk riekende bloemen, waaruit de peulvruchten groeien.
, de  o  wn  w  B  f
Fabaceaesustantivo
Esta palabra no tiene plural
f. pl. bot. Familia de plantas, angiospermas dicotiledóneas, cuyo fruto se cría en vainas.
  w  sFabáceas
Leguminosae
Leguminosas
vlinderbloemenfamiliezelfstandig naamwoord
Lettergrepen: vlin·der·bloe·men·fa·mi·lie
Dit woord is een samenstelling van 'vlinderbloemen' en 'familie'
Dit woord heeft geen meervoud
, de  w
  _sustantivo
Esta palabra es en plural
f. pl. bot. Familia de plantas, angiospermas dicotiledóneas, cuyo fruto se cría en vainas.
  w  sFabáceas
Leguminosae
Leguminosas
vlinderbloemigenzelfstandig naamwoord
Dit woord is een meervoud
, de  w
FabaceaeNombre (o por antonomasia)
f. pl. bot. Familia de plantas, angiospermas dicotiledóneas, cuyo fruto se cría en vainas.
  w  sFabáceas
Leguminosae
Leguminosas
Fabaceaeeigennaam (of antonomasie)
  w
Leguminosaeeigennaam (of antonomasie)
  w
Papilionaceaeeigennaam (of antonomasie)
  w
Fabáceassustantivo
Esta palabra no tiene plural
f. pl. bot. Familia de plantas, angiospermas dicotiledóneas, cuyo fruto se cría en vainas.
  w  sFabaceae
Leguminosae
Leguminosas
vlinderbloemenfamiliezelfstandig naamwoord
Lettergrepen: vlin·der·bloe·men·fa·mi·lie
Dit woord is een samenstelling van 'vlinderbloemen' en 'familie'
Dit woord heeft geen meervoud
, de  w
  _sustantivo
Esta palabra es en plural
f. pl. bot. Familia de plantas, angiospermas dicotiledóneas, cuyo fruto se cría en vainas.
  w  sFabaceae
Leguminosae
Leguminosas
vlinderbloemigenzelfstandig naamwoord
Dit woord is een meervoud
, de  w
FabáceasNombre (o por antonomasia)
f. pl. bot. Familia de plantas, angiospermas dicotiledóneas, cuyo fruto se cría en vainas.
  w  sFabaceae
Leguminosae
Leguminosas
Fabaceaeeigennaam (of antonomasie)
  w
Leguminosaeeigennaam (of antonomasie)
  w
Papilionaceaeeigennaam (of antonomasie)
  w
fabadasustantivo
Plural es: fabadas
(sustantivo). Potaje de judías con tocino y morcilla, típico de Asturias.
OBS.1 Término relacionado etimológicamente con haba.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabada'
, la  w
bonengerechtzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: bo·nen·ge·recht
Dit woord is een samenstelling van 'bonen' en 'gerecht'
Meervoud is: bonengerechten
, het
fabada"fabada asturiana":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabada'
  asturiana
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'asturiana'
, la  o  w
fabada asturianazelfstandig naamwoordsvorm
, de  o
Spaanse witte bonensoepzelfstandig naamwoordsvorm
Lettergrepen: Spaan·se wit·te bo·nen·soep
, de  o
fabadassustantivo plural de la palabra: Fabada
(sustantivo). Potaje de judías con tocino y morcilla, típico de Asturias.
OBS.1 Término relacionado etimológicamente con haba.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabada'
, las  w
bonengerechtenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Bonengerecht
Lettergrepen: bo·nen·ge·rech·ten
Dit woord is een samenstelling van 'bonen' en 'gerechten'
, de
fabassustantivo plural de la palabra: Faba
Nombre científico es: Phaseolus vulgaris

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'faba'
, las  o  w  W  sAlubias
Ejotes
Fréjoles
Frijoles
Vainitas
  f
bonenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Boon
Lettergrepen: bo·nen
Latijnse plantennamen zijn: Phaseolus vulgaris, Vicia faba

ALLE betekenissen van het woord 'Boon':
(de; bonen)
1 zaadje uit de peulvrucht van enige vlinderbloemige planten, waarvan men alleen de zaden ofwel de gehele vrucht eet
2 vlinderbloemige plant met rode, witte of paarse, soms sterk riekende bloemen, waaruit de peulvruchten groeien.
, de  o  wn  w  B  f
fabessustantivo
, las  o
witte bonen uit Asturiaszelfstandig naamwoordsvorm
, de
Fabian Gottlieb von Bellingshausen "Fabian Gottlieb von Bellingshausen":
Nombre (o por antonomasia)
  w
Fabian Gottlieb von Bellingshauseneigennaam (of antonomasie)
ontdekkingsreiziger.
  w
fabricatercera persona singular presente de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrea
Cree
Fabrique
Produce
Produzca
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze fabriceertderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maakt aanderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maaktderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze vervaardigtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fábricasustantivo
Plural es: fábricas

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábrica'
, la  w
fabriekzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: fa·briek
Meervoud is: fabrieken

ALLE betekenissen van dit woord:
(de v ; fabrieken)
1 industriële onderneming waarin op grote schaal stoffen of goederen worden geproduceerd
2 het gebouw waarin een fabriek gevestigd is.
, de  wn  w
¡fabrica!imperativo singular del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  s¡Crea!
¡Cread!
¡Fabricad!
¡Produce!
¡Producid!
fabriceer!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
maak aan!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
maak!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
vervaardig!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fábrica"fábrica de armamento":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábrica'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  armamento
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'armamento'
, la
wapenfabriekzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: wa·pen·fa·briek
Dit woord is een samenstelling van 'wapen' en 'fabriek'
, de
fábrica"fábrica de cauchos":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábrica'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  cauchos
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'caucho'
, la
rubberfabriekzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: rub·ber·fa·briek
Dit woord is een samenstelling van 'rubber' en 'fabriek'
, de
fábrica"fábrica de la muerte":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábrica'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  la
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'la'
  muerte
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'muerte'
, la  w  sCampo de exterminio
Campo de la muerte
vernietigingskampzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ver·nie·ti·gings·kamp
Dit woord is een samenstelling van 'vernietigings' en 'kamp'

ALLE betekenissen van dit woord:
(het)
1 concentratiekamp in de Tweede Wereldoorlog, waar mensen stelselmatig vermoord werden.
, het  wn  w
fábrica"fábrica de papel":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábrica'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  papel
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'papel'
, la  w
papierfabriekzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: pa·pier·fa·briek
Dit woord is een samenstelling van 'papier' en 'fabriek'

ALLE betekenissen van dit woord:
(de v )
1 fabriek waar papier wordt gemaakt.
, de  w
fábrica"fábrica de tabacos":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábrica'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  tabacos
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'tabaco'
, la
tabaksfabriekzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ta·baks·fa·briek
, de
fábrica"fábrica de zapatos":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábrica'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  zapatos
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'zapato'
, la
schoenfabriekzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: schoen·fa·briek
Dit woord is een samenstelling van 'schoen' en 'fabriek'
, de
fabricabatercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricara
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze fabriceerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricara
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik fabriceerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: ik fa·bri·ceer·de

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricara
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maakte aanderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricara
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik maakte aaneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: ik maak·te aan

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricara
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maaktederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricara
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik maakteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: ik maak·te

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricara
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze vervaardigdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricara
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik vervaardigdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ik ver·vaar·dig·de

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricabaissegunda persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreabais
Crearais
Creaseis
Creasteis
Fabricarais
Fabricaseis
Fabricasteis
Producíais
Produjerais
Produjeseis
Produjisteis
jullie fabriceerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie maakten aantweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie maaktentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie vervaardigdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricábamosprimera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Fabricamos
Fabricáramos
Fabricásemos
Producíamos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
wij/we fabriceerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
wij/we maakten aaneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we maakteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
wij/we vervaardigdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricabantercera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaban
Crearan
Crearon
Creasen
Fabricaran
Fabricaron
Fabricasen
Producían
Produjeran
Produjeron
Produjesen
zij/ze fabriceerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze maakten aanderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze maaktenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze vervaardigdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricabassegunda persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreabas
Crearas
Creases
Creaste
Fabricaras
Fabricases
Fabricaste
Producías
Produjeras
Produjeses
Produjiste
jij/je fabriceerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je maakte aantweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je maaktetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je vervaardigdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricaciónsustantivo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricación'
, la  w  sConfección
Producción
1Confección
Producción
.
fabricagezelfstandig naamwoord
Lettergrepen: fa·bri·ca·ge

ALLE betekenissen van dit woord:
(de v )
1 machinale productie.
, de
fabricatiezelfstandig naamwoord
Lettergrepen: fa·bri·ca·tie

ALLE betekenissen van dit woord:
(de v ; fabricaties)
1 fabricage.
, de  wn
  _sustantivo
(Acción y efecto de fabricar)
Esta palabra no tiene plural
  w
2.aanmakenzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: aan·ma·ken
Dit woord is een samenstelling van 'aan' en 'maken'
Dit woord heeft geen meervoud

ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
, het  wn
fabricerenzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: fa·bri·ce·ren
Dit woord heeft geen meervoud

ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
, het  wn
makenzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ma·ken
Dit woord heeft geen meervoud

ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
, het  wn  we
vervaardigenzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ver·vaar·di·gen
Dit woord heeft geen meervoud

ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
, het  wn
  _sustantivo
Plural es: fabricaciones
  w  sConfección
Producción
3Confección
Producción
.
aanmaakzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: aan·maak

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m )
1 vervaardiging in voorraad.
, de  wn  w
productiezelfstandig naamwoord
Lettergrepen: pro·duc·tie
Meervoud is: producties

ALLE betekenissen van dit woord:
(de v )
1 voortbrenging, vervaardiging van (materiële en geestelijke) goederen
2 (producties) wat voortgebracht wordt (aan materiële en geestelijke goederen)
3 (producties) (juridisch) een door een procespartij aan het gerecht overgelegd bewijsstuk.
, de  wn  w
vervaardigingzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ver·vaar·di·ging
, de  w
fabricación"fabricación de cigarrillos":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricación'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  cigarrillos
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'cigarrillo'
, la
sigarettenfabricagezelfstandig naamwoord
Dit woord is een samenstelling van 'sigaretten' en 'fabricage'
, de
fabricacionessustantivo plural de la palabra: Fabricación

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricación'
, las  w
productiesMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Productie
Lettergrepen: pro·duc·ties

ALLE betekenissen van het woord 'Productie':
(de v )
1 voortbrenging, vervaardiging van (materiële en geestelijke) goederen
2 (producties) wat voortgebracht wordt (aan materiële en geestelijke goederen)
3 (producties) (juridisch) een door een procespartij aan het gerecht overgelegd bewijsstuk.
, de  w
¡fabricad!imperativo plural del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  s¡Crea!
¡Cread!
¡Fabrica!
¡Produce!
¡Producid!
fabriceer!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
maak aan!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
maak!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
vervaardig!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricadaforma conjugada (femenino singular) del participio pasado del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreada
Creadas
Creado
Creados
Fabricadas
Fabricado
Fabricados
Producida
Producidas
Producido
Producidos
aangemaaktregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: aan·ge·maakt

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
gefabriceerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: ge·fa·bri·ceerd

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
gemaaktregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: ge·maakt

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; gemaaktheid)
1 voorgewend, gehuicheld
2 gekunsteld, onnatuurlijk.
  wn  we
vervaardigdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ver·vaar·digd

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricadasforma conjugada (femenino plural) del participio pasado del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreada
Creadas
Creado
Creados
Fabricada
Fabricado
Fabricados
Producida
Producidas
Producido
Producidos
aangemaaktregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: aan·ge·maakt

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
gefabriceerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: ge·fa·bri·ceerd

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
gemaaktregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: ge·maakt

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; gemaaktheid)
1 voorgewend, gehuicheld
2 gekunsteld, onnatuurlijk.
  wn  we
vervaardigdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ver·vaar·digd

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricadoparticipio pasado del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreada
Creadas
Creado
Creados
Fabricada
Fabricadas
Fabricados
Producida
Producidas
Producido
Producidos
aangemaaktregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: aan·ge·maakt

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
gefabriceerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: ge·fa·bri·ceerd

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
gemaaktregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: ge·maakt

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; gemaaktheid)
1 voorgewend, gehuicheld
2 gekunsteld, onnatuurlijk.
  wn  we
vervaardigdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ver·vaar·digd

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricadosforma conjugada (masculino plural) del participio pasado del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreada
Creadas
Creado
Creados
Fabricada
Fabricadas
Fabricado
Producida
Producidas
Producido
Producidos
aangemaaktregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: aan·ge·maakt

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
gefabriceerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: ge·fa·bri·ceerd

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
gemaaktregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: ge·maakt

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; gemaaktheid)
1 voorgewend, gehuicheld
2 gekunsteld, onnatuurlijk.
  wn  we
vervaardigdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ver·vaar·digd

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricáissegunda persona plural presente de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreáis
Creéis
Fabriquéis
Producís
Produzcáis
jullie fabricerentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: jul·lie fa·bri·ce·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie maken aantweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: jul·lie ma·ken aan

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie makentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: jul·lie ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie vervaardigentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: jul·lie ver·vaar·di·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricamosprimera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Creemos
Fabricábamos
Fabricáramos
Fabricásemos
Fabriquemos
Producíamos
Producimos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
Produzcamos
wij/we fabriceerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Creemos
Fabricábamos
Fabricáramos
Fabricásemos
Fabriquemos
Producíamos
Producimos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
Produzcamos
wij/we fabricereneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
  _primera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Creemos
Fabricábamos
Fabricáramos
Fabricásemos
Fabriquemos
Producíamos
Producimos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
Produzcamos
wij/we maakten aaneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we maakteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Creemos
Fabricábamos
Fabricáramos
Fabricásemos
Fabriquemos
Producíamos
Producimos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
Produzcamos
wij/we maken aaneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we makeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
  _primera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Creemos
Fabricábamos
Fabricáramos
Fabricásemos
Fabriquemos
Producíamos
Producimos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
Produzcamos
wij/we vervaardigdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Creemos
Fabricábamos
Fabricáramos
Fabricásemos
Fabriquemos
Producíamos
Producimos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
Produzcamos
wij/we vervaardigeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricantercera persona plural presente de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrean
Creen
Fabriquen
Producen
Produzcan
zij/ze fabricerenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze maken aanderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze makenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze vervaardigenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricandogerundio del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreando
Produciendo
aanmakendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
fabricerendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
makendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
vervaardigendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricantesustantivo
Plural es: fabricantes

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricante'
, el-laCon este sustantivo se usa el artículo femenino cuando se aplica a una mujer y el artículo masculino en otros casos.  w
fabrikantzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: fa·bri·kant
Meervoud is: fabrikanten

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m ; fabrikanten)
1 eigenaar, ondernemer van een fabriek.
, de
fabricante"fabricante de aviones":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricante'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  aviones
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'avión'
, el-laCon este sustantivo se usa el artículo femenino cuando se aplica a una mujer y el artículo masculino en otros casos.
vliegtuigbouwerzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: vlieg·tuig·bou·wer
Dit woord is een samenstelling van 'vliegtuig' en 'bouwer'
, de  w
fabricante"fabricante de herramientas":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricante'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  herramientas
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'herramienta'
, el-laCon este sustantivo se usa el artículo femenino cuando se aplica a una mujer y el artículo masculino en otros casos.
gereedschapsfabrikantzelfstandig naamwoord
fabricante"fabricante de velas":
locución sustantiva

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricante'
  de
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'de'
  velas
Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vela'
, el-laCon este sustantivo se usa el artículo femenino cuando se aplica a una mujer y el artículo masculino en otros casos.
kaarsenfabrikantzelfstandig naamwoord
Dit woord is een samenstelling van 'kaarsen' en 'fabrikant'
, de
fabricantessustantivo plural de la palabra: Fabricante

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricante'
, los-lasCon este sustantivo se usa el artículo femenino cuando se aplica a una mujer y el artículo masculino en otros casos.  w
fabrikantenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Fabrikant
Lettergrepen: fa·bri·kan·ten

ALLE betekenissen van het woord 'Fabrikant':
(de m ; fabrikanten)
1 eigenaar, ondernemer van een fabriek.
, de
fabricarinfinitivo de un verbo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  M  sCrear
Producir
  ci
conjugaciones del INDICATIVO
PresentePréterito indefinido
FabricoFabriqué
FabricasFabricaste
FabricaFabricó
FabricamosFabricamos
FabricáisFabricasteis
FabricanFabricaron
Futuro/CondicionalPréterito imperfecto 
FabricaréíaFabricaba
FabricarásíasFabricabas
FabricaráíaFabricaba
FabricaremosíamosFabricábamos
FabricaréisíaisFabricabais
FabricaráníanFabricaban
  cs
conjugaciones del SUBJUNTIVO
PresentePréterito imperfect ra
FabriqueFabricara
FabriquesFabricaras
FabriqueFabricara
FabriquemosFabricáramos
FabriquéisFabricarais
FabriquenFabricaran
FuturoPréterito imperfecto se
FabricareFabricase
FabricaresFabricases
FabricareFabricase
FabricáremosFabricásemos
FabricareisFabricaseis
FabricarenFabricasen
  cp
conjugaciones del IMPERATIVO
afirmativonegativo
Fabrica(tú)No fabriques
Fabrique(usted)No fabrique
Fabriquemos(nosotros)No fabriquemos
Fabricad(vosotros)No fabriquéis
Fabriquen(ustedes)No fabriquen
Formas impersonales
participio pasado    Gerundio
FabricadoFabricando
aanmakenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: aan·ma·ken
Verbuiging:
aanmaken - maakte aan - aangemaakt


ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
fabricerenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: fa·bri·ce·ren
Verbuiging:
fabriceren - fabriceerde - gefabriceerd


ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
makenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: ma·ken
Verbuiging:
maken - maakte - gemaakt


ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
vervaardigenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: ver·vaar·di·gen
Verbuiging:
vervaardigen - vervaardigde - vervaardigd


ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricaratercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze fabriceerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik fabriceerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: ik fa·bri·ceer·de

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maakte aanderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik maakte aaneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: ik maak·te aan

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maaktederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik maakteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: ik maak·te

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze vervaardigdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricase
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik vervaardigdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ik ver·vaar·dig·de

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricarátercera persona singular futuro de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreará
Creare
Fabricare
Producirá
Produjere
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal aanmakenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal fabricerenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal makenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal vervaardigenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricaraissegunda persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreabais
Crearais
Creaseis
Creasteis
Fabricabais
Fabricaseis
Fabricasteis
Producíais
Produjerais
Produjeseis
Produjisteis
jullie fabriceerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie maakten aantweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie maaktentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie vervaardigdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricáramosprimera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Fabricábamos
Fabricamos
Fabricásemos
Producíamos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
wij/we fabriceerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
wij/we maakten aaneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we maakteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
wij/we vervaardigdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricarantercera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaban
Crearan
Crearon
Creasen
Fabricaban
Fabricaron
Fabricasen
Producían
Produjeran
Produjeron
Produjesen
zij/ze fabriceerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze maakten aanderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze maaktenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze vervaardigdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricarántercera persona plural futuro de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearán
Crearen
Fabricaren
Producirán
Produjeren
zij/ze zullen aanmakenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze zullen fabricerenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze zullen makenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze zullen vervaardigenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricarassegunda persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreabas
Crearas
Creases
Creaste
Fabricabas
Fabricases
Fabricaste
Producías
Produjeras
Produjeses
Produjiste
jij/je fabriceerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je maakte aantweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je maaktetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je vervaardigdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricarássegunda persona singular futuro de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearás
Creares
Fabricares
Producirás
Produjeres
jij/je zal aanmakentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je zal fabricerentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je zal makentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je zal vervaardigentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricaretercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreará
Creare
Crearé
Fabricará
Fabricaré
Producirá
Produciré
Produjere
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal aanmakenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCreará
Creare
Crearé
Fabricará
Fabricaré
Producirá
Produciré
Produjere
ik zal aanmakeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCreará
Creare
Crearé
Fabricará
Fabricaré
Producirá
Produciré
Produjere
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal fabricerenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCreará
Creare
Crearé
Fabricará
Fabricaré
Producirá
Produciré
Produjere
ik zal fabricereneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCreará
Creare
Crearé
Fabricará
Fabricaré
Producirá
Produciré
Produjere
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal makenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCreará
Creare
Crearé
Fabricará
Fabricaré
Producirá
Produciré
Produjere
ik zal makeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCreará
Creare
Crearé
Fabricará
Fabricaré
Producirá
Produciré
Produjere
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal vervaardigenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCreará
Creare
Crearé
Fabricará
Fabricaré
Producirá
Produciré
Produjere
ik zal vervaardigeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricaréprimera persona singular futuro de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreare
Crearé
Fabricare
Produciré
Produjere
ik zal aanmakeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
ik zal fabricereneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
ik zal makeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
ik zal vervaardigeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricareissegunda persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreareis
Crearéis
Fabricaréis
Produciréis
Produjereis
jullie zullen aanmakentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: jul·lie zul·len aan·ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie zullen fabricerentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: jul·lie zul·len fa·bri·ce·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie zullen makentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: jul·lie zul·len ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie zullen vervaardigentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len ver·vaar·di·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricaréissegunda persona plural futuro de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreareis
Crearéis
Fabricareis
Produciréis
Produjereis
jullie zullen aanmakentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: jul·lie zul·len aan·ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie zullen fabricerentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: jul·lie zul·len fa·bri·ce·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie zullen makentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: jul·lie zul·len ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie zullen vervaardigentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len ver·vaar·di·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricaremosprimera persona plural futuro de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearemos
Creáremos
Fabricáremos
Produciremos
Produjéremos
wij/we zullen aanmakeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we zullen fabricereneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
wij/we zullen makeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
wij/we zullen vervaardigeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricáremosprimera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearemos
Creáremos
Fabricaremos
Produciremos
Produjéremos
wij/we zullen aanmakeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we zullen fabricereneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
wij/we zullen makeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
wij/we zullen vervaardigeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricarentercera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearán
Crearen
Fabricarán
Producirán
Produjeren
zij/ze zullen aanmakenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze zullen fabricerenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze zullen makenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze zullen vervaardigenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricaressegunda persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearás
Creares
Fabricarás
Producirás
Produjeres
jij/je zal aanmakentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je zal fabricerentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je zal makentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je zal vervaardigentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricaríatercera persona singular condicional del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearía
Produciría
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou aanmakenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
  _primera persona singular condicional del verbo 'fabricar'
  sCrearía
Produciría
ik zou aanmakeneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
  _tercera persona singular condicional del verbo 'fabricar'
  sCrearía
Produciría
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou fabricerenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
  _primera persona singular condicional del verbo 'fabricar'
  sCrearía
Produciría
ik zou fabricereneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
  _tercera persona singular condicional del verbo 'fabricar'
  sCrearía
Produciría
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou makenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
  _primera persona singular condicional del verbo 'fabricar'
  sCrearía
Produciría
ik zou makeneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
  _tercera persona singular condicional del verbo 'fabricar'
  sCrearía
Produciría
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou vervaardigenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
  _primera persona singular condicional del verbo 'fabricar'
  sCrearía
Produciría
ik zou vervaardigeneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricaríaissegunda persona plural condicional del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearíais
Produciríais
jullie zouden aanmakentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: jul·lie zou·den aan·ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie zouden fabricerentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: jul·lie zou·den fa·bri·ce·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie zouden makentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: jul·lie zou·den ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie zouden vervaardigentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: jul·lie zou·den ver·vaar·di·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricaríamosprimera persona plural condicional del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearíamos
Produciríamos
wij/we zouden aanmakeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we zouden fabricereneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
wij/we zouden makeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
wij/we zouden vervaardigeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricaríantercera persona plural condicional del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearían
Producirían
zij/ze zouden aanmakenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze zouden fabricerenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze zouden makenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze zouden vervaardigenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricaríassegunda persona singular condicional del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrearías
Producirías
jij/je zou aanmakentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je zou fabricerentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je zou makentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je zou vervaardigentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricarontercera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaban
Crearan
Crearon
Creasen
Fabricaban
Fabricaran
Fabricasen
Producían
Produjeran
Produjeron
Produjesen
zij/ze fabriceerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze maakten aanderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze maaktenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze vervaardigdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricassegunda persona singular presente de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreas
Crees
Fabriques
Produces
Produzcas
jij/je fabriceerttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je maakt aantweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je maakttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je vervaardigttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fábricassustantivo plural de la palabra: Fábrica

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábrica'
, las  w
fabriekenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Fabriek
Lettergrepen: fa·brie·ken

ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; fabriekte, heeft gefabriekt)
1 (schertsend; informeel) in elkaar zetten.
, de  wn  w
fabricasetercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze fabriceerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik fabriceerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: ik fa·bri·ceer·de

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maakte aanderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik maakte aaneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: ik maak·te aan

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maaktederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik maakteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: ik maak·te

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze vervaardigdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricó
Fabriqué
Producía
Produje
Produjera
Produjese
Produjo
ik vervaardigdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ik ver·vaar·dig·de

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricaseissegunda persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreabais
Crearais
Creaseis
Creasteis
Fabricabais
Fabricarais
Fabricasteis
Producíais
Produjerais
Produjeseis
Produjisteis
jullie fabriceerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie maakten aantweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie maaktentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie vervaardigdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricásemosprimera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreábamos
Creamos
Creáramos
Creásemos
Fabricábamos
Fabricamos
Fabricáramos
Producíamos
Produjéramos
Produjésemos
Produjimos
wij/we fabriceerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
wij/we maakten aaneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we maakteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
wij/we vervaardigdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricasentercera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaban
Crearan
Crearon
Creasen
Fabricaban
Fabricaran
Fabricaron
Producían
Produjeran
Produjeron
Produjesen
zij/ze fabriceerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze maakten aanderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze maaktenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze vervaardigdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricasessegunda persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreabas
Crearas
Creases
Creaste
Fabricabas
Fabricaras
Fabricaste
Producías
Produjeras
Produjeses
Produjiste
jij/je fabriceerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je maakte aantweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je maaktetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je vervaardigdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricastesegunda persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreabas
Crearas
Creases
Creaste
Fabricabas
Fabricaras
Fabricases
Producías
Produjeras
Produjeses
Produjiste
jij/je fabriceerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je maakte aantweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je maaktetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je vervaardigdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabricasteissegunda persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreabais
Crearais
Creaseis
Creasteis
Fabricabais
Fabricarais
Fabricaseis
Producíais
Produjerais
Produjeseis
Produjisteis
jullie fabriceerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie maakten aantweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie maaktentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie vervaardigdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricoprimera persona singular presente de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCree
Creo
Fabrique
Produzca
Produzco
ik fabriceereerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
ik maak aaneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
ik maakeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
ik vervaardigeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ik ver·vaar·dig

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabricótercera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creó
Fabricaba
Fabricara
Fabricase
Producía
Produjera
Produjese
Produjo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze fabriceerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maakte aanderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maaktederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze vervaardigdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fabriquetercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrea
Cree
Creo
Fabrica
Fabrico
Produce
Produzca
Produzco
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze fabriceertderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCrea
Cree
Creo
Fabrica
Fabrico
Produce
Produzca
Produzco
ik fabriceereerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
ik maak aaneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
  _tercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCrea
Cree
Creo
Fabrica
Fabrico
Produce
Produzca
Produzco
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maakt aanderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze maaktderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCrea
Cree
Creo
Fabrica
Fabrico
Produce
Produzca
Produzco
ik maakeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
  _tercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCrea
Cree
Creo
Fabrica
Fabrico
Produce
Produzca
Produzco
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze vervaardigtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'
  sCrea
Cree
Creo
Fabrica
Fabrico
Produce
Produzca
Produzco
ik vervaardigeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ik ver·vaar·dig

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabriquéprimera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreaba
Creara
Crease
Creé
Fabricaba
Fabricara
Fabricase
Producía
Produje
Produjera
Produjese
ik fabriceerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: ik fa·bri·ceer·de

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
ik maakte aaneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: ik maak·te aan

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
ik maakteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: ik maak·te

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
ik vervaardigdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: ik ver·vaar·dig·de

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
¡fabrique!imperativo singular del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  s¡Cree!
¡Creen!
¡Fabriquen!
¡Produzca!
¡Produzcan!
fabriceert u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
maakt u aan!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
maakt u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
vervaardigt u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabriquéissegunda persona plural presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreáis
Creéis
Fabricáis
Producís
Produzcáis
jullie fabricerentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: jul·lie fa·bri·ce·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
jullie maken aantweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: jul·lie ma·ken aan

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
jullie makentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: jul·lie ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
jullie vervaardigentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: jul·lie ver·vaar·di·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabriquemosprimera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreamos
Creemos
Fabricamos
Producimos
Produzcamos
wij/we fabricereneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
wij/we maken aaneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
wij/we makeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
wij/we vervaardigeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
¡fabriquemos!imperativo plural del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  s¡Creemos!
¡Produzcamos!
laten we aanmakengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'aanmaken'
Lettergrepen: la·ten we aan·ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
laten we fabricerengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'fabriceren'
Lettergrepen: la·ten we fa·bri·ce·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
laten we makengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'maken'
Lettergrepen: la·ten we ma·ken

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
laten we vervaardigengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'vervaardigen'
Lettergrepen: la·ten we ver·vaar·di·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabriquentercera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCrean
Creen
Fabrican
Producen
Produzcan
zij/ze fabricerenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
zij/ze maken aanderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
zij/ze makenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
zij/ze vervaardigenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
¡fabriquen!imperativo plural del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  s¡Cree!
¡Creen!
¡Fabrique!
¡Produzca!
¡Produzcan!
fabriceert u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'fabriceren'

ALLE betekenissen van het woord 'Fabriceren':
(overgankelijk werkwoord; fabriceerde, heeft gefabriceerd; fabricage/fabricatie)
1 (producten) door middel van werktuigen bewerken, vervaardigen op grote schaal
2 knutselend maken
3 (pejoratief) verzinnen, verdichten.
  wn
maakt u aan!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'aanmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Aanmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte aan, heeft aangemaakt)
1 in voorraad vervaardigen
2 toebereiden
3 doen branden.
  wn
maakt u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'maken'

ALLE betekenissen van het woord 'Maken':
(overgankelijk werkwoord; maakte, heeft gemaakt; maker)
1 (wat kapot is) herstellen
2 tot stand brengen
3 in de genoemde toestand of positie brengen
4 (van hoeveelheden) zoveel bedragen als genoemd wordt.
  wn  we
vervaardigt u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'vervaardigen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vervaardigen':
(overgankelijk werkwoord; vervaardigde, heeft vervaardigd; vervaardiger, vervaardiging)
1 maken, samenstellen.
  wn
fabriquerosustantivo
Plural es: fabriqueros

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabriquero'
, el  M
ouderlingzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ou·der·ling
Meervoud is: ouderlingen

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m ; ouderlingen; ouderlingetje)
1 ambtsdrager in de vroegchristelijke kerk met als taak het voorgaan van de gemeente
2 (protestants) ambtsdrager in een protestantse kerk, als lid van de kerkenraad belast met het toezicht op predikant en gemeente.
, de  w
fabriquerossustantivo plural de la palabra: Fabriquero

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabriquero'
, los
ouderlingenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Ouderling
Lettergrepen: ou·der·lin·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Ouderling':
(de m ; ouderlingen; ouderlingetje)
1 ambtsdrager in de vroegchristelijke kerk met als taak het voorgaan van de gemeente
2 (protestants) ambtsdrager in een protestantse kerk, als lid van de kerkenraad belast met het toezicht op predikant en gemeente.
, de  w
fabriquessegunda persona singular presente de subjuntivo del verbo 'fabricar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabricar'
  sCreas
Crees
Fabricas
Produces
Produzcas
jij/je fabriceerttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'fabriceren'
jij/je maakt aantweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'aanmaken'
jij/je maakttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'maken'
jij/je vervaardigttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'vervaardigen'
fábulasustantivo
Plural es: fábulas

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábula'
, la  w  sApólogo
fabelzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: fa·bel
Verkleinwoord is: fabeltje [fa·bel·tje]], het
Meervouden zijn: fabelen, fabels

ALLE betekenissen van dit woord:
(de; fabelen, fabels)
1 kort moraliserend verhaal met dieren of zaken als handelende personen
2 samenvatting in chronologische volgorde van de handeling of inhoud van een werk.
, de  wn  w
fábulassustantivo plural de la palabra: Fábula

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fábula'
, las  w  sApólogos
fabelenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Fabel
Lettergrepen: fa·be·len

ALLE betekenissen van het woord 'Fabel':
(de; fabelen, fabels)
1 kort moraliserend verhaal met dieren of zaken als handelende personen
2 samenvatting in chronologische volgorde van de handeling of inhoud van een werk.
, de  wn  w
fabelsMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Fabel
Lettergrepen: fa·bels

ALLE betekenissen van het woord 'Fabel':
(de; fabelen, fabels)
1 kort moraliserend verhaal met dieren of zaken als handelende personen
2 samenvatting in chronologische volgorde van de handeling of inhoud van een werk.
, de  w
fabulosaadjetivo femenino singular de la palabra: Fabuloso

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabuloso'
  sFabulosas
Fabuloso
Fabulosos
fabuleusbijvoeglijk naamwoord
Lettergrepen: fa·bu·leus

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.
fabuleuzeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Fabuleus
Lettergrepen: fa·bu·leu·ze

ALLE betekenissen van het woord 'Fabuleus':
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.
fabulosasadjetivo femenino plural de la palabra: Fabuloso

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabuloso'
  sFabulosa
Fabuloso
Fabulosos
fabuleusbijvoeglijk naamwoord
Lettergrepen: fa·bu·leus

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.
fabuleuzeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Fabuleus
Lettergrepen: fa·bu·leu·ze

ALLE betekenissen van het woord 'Fabuleus':
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.
fabulososustantivo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabuloso'
fabuleuszelfstandig naamwoord
Lettergrepen: fa·bu·leus

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.
fabulosoadjetivo masculino singular

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabuloso'
  sFabulosa
Fabulosas
Fabulosos
fabuleusbijvoeglijk naamwoord
Lettergrepen: fa·bu·leus

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.
fabuleuzeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Fabuleus
Lettergrepen: fa·bu·leu·ze

ALLE betekenissen van het woord 'Fabuleus':
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.
fabulososadjetivo masculino plural de la palabra: Fabuloso

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'fabuloso'
  sFabulosa
Fabulosas
Fabuloso
fabuleusbijvoeglijk naamwoord
Lettergrepen: fa·bu·leus

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.
fabuleuzeVerbuiging van het bijvoeglijk naamwoord: Fabuleus
Lettergrepen: fa·bu·leu·ze

ALLE betekenissen van het woord 'Fabuleus':
(bijvoeglijk naamwoord; fabuleuzer, meest fabuleus)
1 ongeloofwaardig
2 buitengewoon goed, groot, mooi enz.

1e 0‑9 A B C D EF G H I J K L M N Ñ O P Q R S T U V W X Y Z ß

2e 0‑9a e i l o r t u y

3e- c e ghijk l m n q r s tu vyz

4e ba be bi br bu

<-- Vorige/ Anteriorpalabras de
woorden van
FABA ..... FABULOSOSVolgende/ Siguiente -->



arriba