Klein woordenboek Spaans-Nederlands en vv met 339183 woorden

Ga naar woordenboek Nederlands-Spaans; Ir a diccionario holandés-español.

Klik op de eerste letter van het gezochte Spaanse woord uit de rij aangeduid met 1e. Indien de rij met 2e, 3e, 4e etc. aanwezig is, kies dan ook de tweede, derde, vierde ... letter.
Elija el primer carácter de la palabra española buscada de la fila indicada con 1e. Cuando también hay una fila indicada con 2e, 3e, 4e, etc. elija el segundo, tercer, cuarto ... carácter.

Laatst gewijzigd:   29 Oct 2012  ; última actualización: 29 Oct 2012.

Tenerife, ideal para senderistas

1e 0‑9 A B C D E F G H I J K L M N Ñ O P Q R S T UV W X Y Z ß

2e _ a c e h i lo u xy

3e- l m rs t yz

4e ca ce ci co de dk iv

<-- Vorige/ Anteriorpalabras de
woorden van
VOCABLO ..... VOIVODINAVolgende/ Siguiente -->

Spaans/españolNederlands/holandés
vocablosustantivo
Plural es: vocablos

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocablo'
, el  w  sTérmino
1Término.termzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Meervoud is: termen

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m ; termen; termpje)
1 woord, uitdrukking met een specifieke betekenis
2 (wiskunde) elk van de grootheden waarvan de verhouding in een verhoudingsvorm is uitgedrukt of door de tekens + of -
3 elk van de stellingen van een syllogisme.
, de  wn  w
vaktermzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: vak·term
Dit woord is een samenstelling van 'vak' en 'term'
Meervoud is: vaktermen

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m )
1 term, behorend bij een bepaald beroep.
, de  w
  _sustantivo
Plural es: vocablos
  o  w  sPalabra
2Palabra.bewoordingzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: be·woor·ding
Meervoud is: bewoordingen
, de  wn  w
woordzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Verkleinwoord is: Woordje, het
Meervoud is: woorden

ALLE betekenissen van dit woord:
(het; woorden)
1 spraakklank of geheel van spraakklanken dat op zichzelf een betekenis heeft of de zichtbare voorstelling hiervan
2 wat gezegd wordt
3 het spreken
4 erewoord, belofte.
  wn  w
vocablossustantivo plural de la palabra: Vocablo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocablo'
, los  w  sTérminos
1.termenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Term
Lettergrepen: ter·men

ALLE betekenissen van het woord 'Term':
(de m ; termen; termpje)
1 woord, uitdrukking met een specifieke betekenis
2 (wiskunde) elk van de grootheden waarvan de verhouding in een verhoudingsvorm is uitgedrukt of door de tekens + of -
3 elk van de stellingen van een syllogisme.
, de  w
vaktermenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Vakterm
Lettergrepen: vak·ter·men
Dit woord is een samenstelling van 'vak' en 'termen'

ALLE betekenissen van het woord 'Vakterm':
(de m )
1 term, behorend bij een bepaald beroep.
, de  w
  _sustantivo plural de la palabra: Vocablo
  o  w  sPalabras
2.bewoordingenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Bewoording
Lettergrepen: be·woor·din·gen

ALLE betekenissen van dit woord:
(zelfstandig naamwoord, meervoud)
1 formulering.
, de  w
woordenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Woord
Lettergrepen: woor·den

ALLE betekenissen van het woord 'Woord':
(het; woorden)
1 spraakklank of geheel van spraakklanken dat op zichzelf een betekenis heeft of de zichtbare voorstelling hiervan
2 wat gezegd wordt
3 het spreken
4 erewoord, belofte.
, de  wn  w
vocabulariosustantivo
Plural es: vocabularios

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocabulario'
, el  w  sDiccionario
Léxico
1Diccionario
Léxico
.
dictionairezelfstandig naamwoord
Lettergrepen: dic·ti·o·nai·re
Verkleinwoord is: dictionairetje [dic·ti·o·nai·re·tje]], het
Meervoud is: dictionaires

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m ; dictionaires)
1 woordenboek.
, de  w
woordenboekzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: woor·den·boek
Dit woord is een samenstelling van 'woorden' en 'boek'
Meervoud is: woordenboeken

ALLE betekenissen van dit woord:
(het)
1 naslagwerk waarin de afzonderlijke woorden en vaste uitdrukkingen van een taal zijn gerangschikt, met daarbij hun grammatische eigenschappen, gebruiksmogelijkheden, betekenissen of vertalingen.
, het  wn  w
2.woordenlijstzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: woor·den·lijst
Dit woord is een samenstelling van 'woorden' en 'lijst'
Meervoud is: woordenlijsten

ALLE betekenissen van dit woord:
(de)
1 lijst van woorden.
, de  wn  w
3.woordenschatzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: woor·den·schat
Dit woord is een samenstelling van 'woorden' en 'schat'
Meervoud is: woordenschatten

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m )
1 verzameling woorden die een taal rijk is, die deel uitmaken van een bepaald jargon of die iemand kent.
, de  wn  w
vocabulariossustantivo plural de la palabra: Vocabulario

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocabulario'
, los  w  sDiccionarios
Léxicos
1.dictionairesMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Dictionaire
Lettergrepen: dic·ti·o·nai·res

ALLE betekenissen van het woord 'Dictionaire':
(de m ; dictionaires)
1 woordenboek.
, de  w
woordenboekenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Woordenboek
Lettergrepen: woor·den·boe·ken
Dit woord is een samenstelling van 'woorden' en 'boeken'

ALLE betekenissen van het woord 'Woordenboek':
(het)
1 naslagwerk waarin de afzonderlijke woorden en vaste uitdrukkingen van een taal zijn gerangschikt, met daarbij hun grammatische eigenschappen, gebruiksmogelijkheden, betekenissen of vertalingen.
, de  w
2.woordenlijstenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Woordenlijst
Lettergrepen: woor·den·lijs·ten
Dit woord is een samenstelling van 'woorden' en 'lijsten'

ALLE betekenissen van het woord 'Woordenlijst':
(de)
1 lijst van woorden.
, de  w
3.woordenschattenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Woordenschat
Lettergrepen: woor·den·schat·ten
Dit woord is een samenstelling van 'woorden' en 'schatten'

ALLE betekenissen van het woord 'Woordenschat':
(de m )
1 verzameling woorden die een taal rijk is, die deel uitmaken van een bepaald jargon of die iemand kent.
, de  w
vocaciónsustantivo
Plural es: vocaciones

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocación'
, la  w
roepingzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: roe·ping
Meervoud is: roepingen

ALLE betekenissen van dit woord:
(de v ; roepingen; roepinkje)
1 bepaalde taak waartoe men geroepen is of zich geroepen voelt.
, de  wn  w
vocacionessustantivo plural de la palabra: Vocación

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocación'
, las  w
roepingenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Roeping
Lettergrepen: roe·pin·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Roeping':
(de v ; roepingen; roepinkje)
1 bepaalde taak waartoe men geroepen is of zich geroepen voelt.
, de  w
vocalsustantivo
Plural es: vocales

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocal'
, la  w
klinkerzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: klin·ker
Verkleinwoord is: klinkertje [klin·ker·tje]], het
Meervoud is: klinkers

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m ; klinkers)
1 (taalkunde) door de stembanden voortgebracht spraakgeluid, dat in de mondholte tot zijn bijzondere klank wordt gevormd, waarbij de uitgestoten adem nergens wordt gestuit
2 het teken dat een vocaal moet voorstellen
3 hardgebakken straatsteen.
, de  wn  w
vocaalzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: vo·caal
Meervoud is: vocalen

ALLE betekenissen van dit woord:
(de; vocalen)
1 klinker.
(bijvoeglijk naamwoord)
1 tot de stem behorend
2 uitgevoerd door of bestemd voor uitvoering met de stem.
, de  wn  w
zelfklinkerzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: zelf·klin·ker
Dit woord is een samenstelling van 'zelf' en 'klinker'
Meervoud is: zelfklinkers
, de  wn  w
vocalessustantivo plural de la palabra: Vocal

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocal'
, las  w
klinkersMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Klinker
Lettergrepen: klin·kers

ALLE betekenissen van het woord 'Klinker':
(de m ; klinkers)
1 (taalkunde) door de stembanden voortgebracht spraakgeluid, dat in de mondholte tot zijn bijzondere klank wordt gevormd, waarbij de uitgestoten adem nergens wordt gestuit
2 het teken dat een vocaal moet voorstellen
3 hardgebakken straatsteen.
, de  w
vocalenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Vocaal
Lettergrepen: vo·ca·len

ALLE betekenissen van het woord 'Vocaal':
(de; vocalen)
1 klinker.
(bijvoeglijk naamwoord)
1 tot de stem behorend
2 uitgevoerd door of bestemd voor uitvoering met de stem.
, de  w
zelfklinkersMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Zelfklinker
Lettergrepen: zelf·klin·kers
Dit woord is een samenstelling van 'zelf' en 'klinkers'
, de  w
vocálicaadjetivo femenino singular de la palabra: Vocálico

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocálico'
  sVocálicas
Vocálico
Vocálicos
klinker-bijvoeglijk naamwoord
vocálicasadjetivo femenino plural de la palabra: Vocálico

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocálico'
  sVocálica
Vocálico
Vocálicos
klinker-bijvoeglijk naamwoord
vocálicoadjetivo masculino singular

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocálico'
  sVocálica
Vocálicas
Vocálicos
klinker-bijvoeglijk naamwoord
vocálicosadjetivo masculino plural de la palabra: Vocálico

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocálico'
  sVocálica
Vocálicas
Vocálico
klinker-bijvoeglijk naamwoord
vocativosustantivo
Plural es: vocativos

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocativo'
, el  w
vocatiefzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: vo·ca·tief
Meervoud is: vocatieven

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m ; vocatieven)
1 (taalkunde) naamval in de Latijnse verbuiging die de aangesproken persoon kenmerkt.
, de  wn  w
vocativossustantivo plural de la palabra: Vocativo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocativo'
, los  w
vocatievenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Vocatief
Lettergrepen: vo·ca·tie·ven

ALLE betekenissen van het woord 'Vocatief':
(de m ; vocatieven)
1 (taalkunde) naamval in de Latijnse verbuiging die de aangesproken persoon kenmerkt.
, de  w
voceatercera persona singular presente de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClama
Clame
Grita
Grite
Vocee
Vocifera
Vocifere
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
¡vocea!imperativo singular del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  s¡Clama!
¡Clamad!
¡Grita!
¡Gritad!
¡Vocead!
¡Vocifera!
¡Vociferad!
schreeuw!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceabatercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceara
Vocease
Voceé
Voceó
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vocear'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceara
Vocease
Voceé
Voceó
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
ik schreeuwdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ik schreeuw·de

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceabaissegunda persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamabais
Clamarais
Clamaseis
Clamasteis
Gritabais
Gritarais
Gritaseis
Gritasteis
Vocearais
Voceaseis
Voceasteis
Vociferabais
Vociferarais
Vociferaseis
Vociferasteis
jullie schreeuwdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceábamosprimera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamábamos
Clamamos
Clamáramos
Clamásemos
Gritábamos
Gritamos
Gritáramos
Gritásemos
Voceamos
Voceáramos
Voceásemos
Vociferábamos
Vociferamos
Vociferáramos
Vociferásemos
wij/we schreeuwdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceabantercera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaban
Clamaran
Clamaron
Clamasen
Gritaban
Gritaran
Gritaron
Gritasen
Vocearan
Vocearon
Voceasen
Vociferaban
Vociferaran
Vociferaron
Vociferasen
zij/ze schreeuwdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceabassegunda persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamabas
Clamaras
Clamases
Clamaste
Gritabas
Gritaras
Gritases
Gritaste
Vocearas
Voceases
Voceaste
Vociferabas
Vociferaras
Vociferases
Vociferaste
jij/je schreeuwdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
¡vocead!imperativo plural del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  s¡Clama!
¡Clamad!
¡Grita!
¡Gritad!
¡Vocea!
¡Vocifera!
¡Vociferad!
schreeuw!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceadaforma conjugada (femenino singular) del participio pasado del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamada
Clamadas
Clamado
Clamados
Gritada
Gritadas
Gritado
Gritados
Voceadas
Voceado
Voceados
Vociferada
Vociferadas
Vociferado
Vociferados
geschreeuwdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ge·schreeuwd

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceadasforma conjugada (femenino plural) del participio pasado del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamada
Clamadas
Clamado
Clamados
Gritada
Gritadas
Gritado
Gritados
Voceada
Voceado
Voceados
Vociferada
Vociferadas
Vociferado
Vociferados
geschreeuwdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ge·schreeuwd

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceadoparticipio pasado del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamada
Clamadas
Clamado
Clamados
Gritada
Gritadas
Gritado
Gritados
Voceada
Voceadas
Voceados
Vociferada
Vociferadas
Vociferado
Vociferados
geschreeuwdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ge·schreeuwd

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceadosforma conjugada (masculino plural) del participio pasado del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamada
Clamadas
Clamado
Clamados
Gritada
Gritadas
Gritado
Gritados
Voceada
Voceadas
Voceado
Vociferada
Vociferadas
Vociferado
Vociferados
geschreeuwdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ge·schreeuwd

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceáissegunda persona plural presente de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamáis
Claméis
Gritáis
Gritéis
Voceéis
Vociferáis
Vociferéis
jullie schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceamosprimera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamábamos
Clamamos
Clamáramos
Clamásemos
Clamemos
Gritábamos
Gritamos
Gritáramos
Gritásemos
Gritemos
Voceábamos
Voceáramos
Voceásemos
Voceemos
Vociferábamos
Vociferamos
Vociferáramos
Vociferásemos
Vociferemos
wij/we schreeuwdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'vocear'
  sClamábamos
Clamamos
Clamáramos
Clamásemos
Clamemos
Gritábamos
Gritamos
Gritáramos
Gritásemos
Gritemos
Voceábamos
Voceáramos
Voceásemos
Voceemos
Vociferábamos
Vociferamos
Vociferáramos
Vociferásemos
Vociferemos
wij/we schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceantercera persona plural presente de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClaman
Clamen
Gritan
Griten
Voceen
Vociferan
Vociferen
zij/ze schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceandogerundio del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamando
Gritando
Vociferando
schreeuwendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: schreeu·wend

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; schreeuwender, meest schreeuwend)
1 al te zeer opvallend.
(bijwoord)
1 in te hoge mate.
  wn
vocearinfinitivo de un verbo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamar
Gritar
Vociferar
  ci
conjugaciones del INDICATIVO
PresentePréterito indefinido
VoceoVoceé
VoceasVoceaste
VoceaVoceó
VoceamosVoceamos
VoceáisVoceasteis
VoceanVocearon
Futuro/CondicionalPréterito imperfecto 
VocearéíaVoceaba
VocearásíasVoceabas
VocearáíaVoceaba
VocearemosíamosVoceábamos
VocearéisíaisVoceabais
VocearáníanVoceaban
  cs
conjugaciones del SUBJUNTIVO
PresentePréterito imperfect ra
VoceeVoceara
VoceesVocearas
VoceeVoceara
VoceemosVoceáramos
VoceéisVocearais
VoceenVocearan
FuturoPréterito imperfecto se
VoceareVocease
VocearesVoceases
VoceareVocease
VoceáremosVoceásemos
VoceareisVoceaseis
VocearenVoceasen
  cp
conjugaciones del IMPERATIVO
afirmativonegativo
Vocea(tú)No vocees
Vocee(usted)No vocee
Voceemos(nosotros)No voceemos
Vocead(vosotros)No voceéis
Voceen(ustedes)No voceen
Formas impersonales
participio pasado    Gerundio
VoceadoVoceando
schreeuwenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: schreeu·wen
Verbuiging:
schreeuwen - schreeuwde - geschreeuwd


ALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn  w
vocearatercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceaba
Vocease
Voceé
Voceó
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vocear'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceaba
Vocease
Voceé
Voceó
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
ik schreeuwdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ik schreeuw·de

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
vocearátercera persona singular futuro de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamará
Clamare
Gritará
Gritare
Voceare
Vociferará
Vociferare
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal schreeuwenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearaissegunda persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamabais
Clamarais
Clamaseis
Clamasteis
Gritabais
Gritarais
Gritaseis
Gritasteis
Voceabais
Voceaseis
Voceasteis
Vociferabais
Vociferarais
Vociferaseis
Vociferasteis
jullie schreeuwdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceáramosprimera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamábamos
Clamamos
Clamáramos
Clamásemos
Gritábamos
Gritamos
Gritáramos
Gritásemos
Voceábamos
Voceamos
Voceásemos
Vociferábamos
Vociferamos
Vociferáramos
Vociferásemos
wij/we schreeuwdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearantercera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaban
Clamaran
Clamaron
Clamasen
Gritaban
Gritaran
Gritaron
Gritasen
Voceaban
Vocearon
Voceasen
Vociferaban
Vociferaran
Vociferaron
Vociferasen
zij/ze schreeuwdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearántercera persona plural futuro de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamarán
Clamaren
Gritarán
Gritaren
Vocearen
Vociferarán
Vociferaren
zij/ze zullen schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearassegunda persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamabas
Clamaras
Clamases
Clamaste
Gritabas
Gritaras
Gritases
Gritaste
Voceabas
Voceases
Voceaste
Vociferabas
Vociferaras
Vociferases
Vociferaste
jij/je schreeuwdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearássegunda persona singular futuro de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamarás
Clamares
Gritarás
Gritares
Voceares
Vociferarás
Vociferares
jij/je zal schreeuwentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearetercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamará
Clamare
Clamaré
Gritará
Gritare
Gritaré
Voceará
Vocearé
Vociferará
Vociferare
Vociferaré
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal schreeuwenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vocear'
  sClamará
Clamare
Clamaré
Gritará
Gritare
Gritaré
Voceará
Vocearé
Vociferará
Vociferare
Vociferaré
ik zal schreeuweneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
vocearéprimera persona singular futuro de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamare
Clamaré
Gritare
Gritaré
Voceare
Vociferare
Vociferaré
ik zal schreeuweneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceareissegunda persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamareis
Clamaréis
Gritareis
Gritaréis
Vocearéis
Vociferareis
Vociferaréis
jullie zullen schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
vocearéissegunda persona plural futuro de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamareis
Clamaréis
Gritareis
Gritaréis
Voceareis
Vociferareis
Vociferaréis
jullie zullen schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
vocearemosprimera persona plural futuro de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaremos
Clamáremos
Gritaremos
Gritáremos
Voceáremos
Vociferaremos
Vociferáremos
wij/we zullen schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceáremosprimera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaremos
Clamáremos
Gritaremos
Gritáremos
Vocearemos
Vociferaremos
Vociferáremos
wij/we zullen schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearentercera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamarán
Clamaren
Gritarán
Gritaren
Vocearán
Vociferarán
Vociferaren
zij/ze zullen schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearessegunda persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamarás
Clamares
Gritarás
Gritares
Vocearás
Vociferarás
Vociferares
jij/je zal schreeuwentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearíatercera persona singular condicional del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaría
Gritaría
Vociferaría
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou schreeuwenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular condicional del verbo 'vocear'
  sClamaría
Gritaría
Vociferaría
ik zou schreeuweneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
vocearíaissegunda persona plural condicional del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaríais
Gritaríais
Vociferaríais
jullie zouden schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie zou·den schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
vocearíamosprimera persona plural condicional del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaríamos
Gritaríamos
Vociferaríamos
wij/we zouden schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearíantercera persona plural condicional del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamarían
Gritarían
Vociferarían
zij/ze zouden schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearíassegunda persona singular condicional del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamarías
Gritarías
Vociferarías
jij/je zou schreeuwentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocearontercera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaban
Clamaran
Clamaron
Clamasen
Gritaban
Gritaran
Gritaron
Gritasen
Voceaban
Vocearan
Voceasen
Vociferaban
Vociferaran
Vociferaron
Vociferasen
zij/ze schreeuwdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceassegunda persona singular presente de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamas
Clames
Gritas
Grites
Vocees
Vociferas
Vociferes
jij/je schreeuwttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceasetercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceaba
Voceara
Voceé
Voceó
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vocear'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceaba
Voceara
Voceé
Voceó
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
ik schreeuwdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ik schreeuw·de

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceaseissegunda persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamabais
Clamarais
Clamaseis
Clamasteis
Gritabais
Gritarais
Gritaseis
Gritasteis
Voceabais
Vocearais
Voceasteis
Vociferabais
Vociferarais
Vociferaseis
Vociferasteis
jullie schreeuwdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceásemosprimera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamábamos
Clamamos
Clamáramos
Clamásemos
Gritábamos
Gritamos
Gritáramos
Gritásemos
Voceábamos
Voceamos
Voceáramos
Vociferábamos
Vociferamos
Vociferáramos
Vociferásemos
wij/we schreeuwdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceasentercera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaban
Clamaran
Clamaron
Clamasen
Gritaban
Gritaran
Gritaron
Gritasen
Voceaban
Vocearan
Vocearon
Vociferaban
Vociferaran
Vociferaron
Vociferasen
zij/ze schreeuwdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceasessegunda persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamabas
Clamaras
Clamases
Clamaste
Gritabas
Gritaras
Gritases
Gritaste
Voceabas
Vocearas
Voceaste
Vociferabas
Vociferaras
Vociferases
Vociferaste
jij/je schreeuwdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceastesegunda persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamabas
Clamaras
Clamases
Clamaste
Gritabas
Gritaras
Gritases
Gritaste
Voceabas
Vocearas
Voceases
Vociferabas
Vociferaras
Vociferases
Vociferaste
jij/je schreeuwdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceasteissegunda persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamabais
Clamarais
Clamaseis
Clamasteis
Gritabais
Gritarais
Gritaseis
Gritasteis
Voceabais
Vocearais
Voceaseis
Vociferabais
Vociferarais
Vociferaseis
Vociferasteis
jullie schreeuwdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceetercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClama
Clame
Clamo
Grita
Grite
Grito
Vocea
Voceo
Vocifera
Vocifere
Vocifero
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'vocear'
  sClama
Clame
Clamo
Grita
Grite
Grito
Vocea
Voceo
Vocifera
Vocifere
Vocifero
ik schreeuweerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceéprimera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Voceaba
Voceara
Vocease
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
Vociferé
ik schreeuwdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ik schreeuw·de

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
¡vocee!imperativo singular del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  s¡Clame!
¡Clamen!
¡Grite!
¡Griten!
¡Voceen!
¡Vocifere!
¡Vociferen!
schreeuwt u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceéissegunda persona plural presente de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamáis
Claméis
Gritáis
Gritéis
Voceáis
Vociferáis
Vociferéis
jullie schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceemosprimera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamamos
Clamemos
Gritamos
Gritemos
Voceamos
Vociferamos
Vociferemos
wij/we schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
¡voceemos!imperativo plural del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  s¡Clamemos!
¡Gritemos!
¡Vociferemos!
laten we schreeuwengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: la·ten we schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceentercera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClaman
Clamen
Gritan
Griten
Vocean
Vociferan
Vociferen
zij/ze schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
¡voceen!imperativo plural del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  s¡Clame!
¡Clamen!
¡Grite!
¡Griten!
¡Vocee!
¡Vocifere!
¡Vociferen!
schreeuwt u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceessegunda persona singular presente de subjuntivo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamas
Clames
Gritas
Grites
Voceas
Vociferas
Vociferes
jij/je schreeuwttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
voceoprimera persona singular presente de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClame
Clamo
Grite
Grito
Vocee
Vocifere
Vocifero
ik schreeuweerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
voceótercera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'vocear'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vocear'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Gritó
Voceaba
Voceara
Vocease
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
Vociferó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
vocessustantivo plural de la palabra: Voz

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'voz'
, las  w
1.stemgeluidenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Stemgeluid
Lettergrepen: stem·ge·lui·den
Dit woord is een samenstelling van 'stem' en 'geluiden'

ALLE betekenissen van het woord 'Stemgeluid':
(het)
1 geluid van de stem.
, de  w
stemmenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Stem
Lettergrepen: stem·men

ALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; stemde, heeft gestemd; stemmer, stemming)
1 bij verkiezingen enz. zijn stem uitbrengen
2 (muziek) onderling gelijke toonhoogte hebben.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; stemde, heeft gestemd)
1 in een bepaalde stemming brengen
2 (een muziekinstrument) op de juiste toonhoogte(n) brengen.
, de  wn  w
2.insprakenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Inspraak

ALLE betekenissen van het woord 'Inspraak':
(de)
1 gelegenheid om zijn mening kenbaar te maken in een aangelegenheid waarbij men betrokken is.
, de  w
vociferatercera persona singular presente de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jacta de
Se jacte de
Vocifere
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze laat zich voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze boogt opderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
¡vocifera!imperativo singular del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  s¡Jactaos de!
¡Jáctate de!
¡Vociferad!
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
laat je voorstaan op!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
schreeuw!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.boog op!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferabaprimera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jactaba de
Me jactara de
Me jactase de
Me jacté de
Se jactaba de
Se jactara de
Se jactase de
Se jactó de
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
ik liet me voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'
  sMe jactaba de
Me jactara de
Me jactase de
Me jacté de
Se jactaba de
Se jactara de
Se jactase de
Se jactó de
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze liet zich voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceaba
Voceara
Vocease
Voceé
Voceó
Vociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
ik schreeuwdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ik schreeuw·de

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'
  sVociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
3.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze boogde opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'
  sVociferara
Vociferase
Vociferé
Vociferó
ik boogde opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: ik boog·de op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferabaissegunda persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactabais de
Os jactarais de
Os jactaseis de
Os jactasteis de
Vociferarais
Vociferaseis
Vociferasteis
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie lieten je voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie schreeuwdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie boogden optweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferábamosprimera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sNos jactábamos de
Nos jactamos de
Nos jactáramos de
Nos jactásemos de
Vociferamos
Vociferáramos
Vociferásemos
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
wij/we lieten ons voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
wij/we schreeuwdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.wij/we boogden opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferabantercera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactaban de
Se jactaran de
Se jactaron de
Se jactasen de
Vociferaran
Vociferaron
Vociferasen
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze lieten zich voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze schreeuwdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze boogden opderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferabassegunda persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactabas de
Te jactaras de
Te jactases de
Te jactaste de
Vociferaras
Vociferases
Vociferaste
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je liet je voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je schreeuwdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je boogde optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
¡vociferad!imperativo plural del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  s¡Jactaos de!
¡Jáctate de!
¡Vocifera!
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
laat je voorstaan op!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
schreeuw!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.boog op!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferadaforma conjugada (femenino singular) del participio pasado del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe ... jactado de
Vociferadas
Vociferado
Vociferados
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zich gelaten voorstaan oponregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'laten voorstaan op'
Lettergrepen: zich ge·la·ten voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
geschreeuwdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ge·schreeuwd

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.geboogd opregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: ge·boogd op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferadasforma conjugada (femenino plural) del participio pasado del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe ... jactado de
Vociferada
Vociferado
Vociferados
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zich gelaten voorstaan oponregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'laten voorstaan op'
Lettergrepen: zich ge·la·ten voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
geschreeuwdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ge·schreeuwd

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.geboogd opregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: ge·boogd op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferadoparticipio pasado del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe ... jactado de
Vociferada
Vociferadas
Vociferados
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zich gelaten voorstaan oponregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'laten voorstaan op'
Lettergrepen: zich ge·la·ten voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
geschreeuwdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ge·schreeuwd

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.geboogd opregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: ge·boogd op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferadosforma conjugada (masculino plural) del participio pasado del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe ... jactado de
Vociferada
Vociferadas
Vociferado
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zich gelaten voorstaan oponregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'laten voorstaan op'
Lettergrepen: zich ge·la·ten voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
geschreeuwdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ge·schreeuwd

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.geboogd opregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: ge·boogd op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferáissegunda persona plural presente de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactáis de
Os jactéis de
Vociferéis
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie laten je voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
Lettergrepen: jul·lie la·ten je voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie bogen optweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: jul·lie bo·gen op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferamosprimera persona plural presente de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sNos jactábamos de
Nos jactamos de
Nos jactáramos de
Nos jactásemos de
Nos jactemos de
Vociferábamos
Vociferáramos
Vociferásemos
Vociferemos
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
wij/we laten ons voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
  _primera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'vociferar'
  sNos jactábamos de
Nos jactamos de
Nos jactáramos de
Nos jactásemos de
Nos jactemos de
Vociferábamos
Vociferáramos
Vociferásemos
Vociferemos
wij/we lieten ons voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
wij/we schreeuwdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'vociferar'
  sClamábamos
Clamamos
Clamáramos
Clamásemos
Clamemos
Gritábamos
Gritamos
Gritáramos
Gritásemos
Gritemos
Voceábamos
Voceamos
Voceáramos
Voceásemos
Voceemos
Vociferábamos
Vociferáramos
Vociferásemos
Vociferemos
wij/we schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.wij/we bogen opeerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
  _primera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'vociferar'
  sVociferábamos
Vociferáramos
Vociferásemos
Vociferemos
wij/we boogden opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferantercera persona plural presente de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactan de
Se jacten de
Vociferen
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze laten zich voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze bogen opderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferandogerundio del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sJactándose de
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zich latend voorstaan oponvoltooid deelwoord van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
schreeuwendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: schreeu·wend

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; schreeuwender, meest schreeuwend)
1 al te zeer opvallend.
(bijwoord)
1 in te hoge mate.
  wn
3.bogend oponvoltooid deelwoord van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferarinfinitivo de un verbo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sJactarse de  ci
conjugaciones del INDICATIVO
PresentePréterito indefinido
VociferoVociferé
VociferasVociferaste
VociferaVociferó
VociferamosVociferamos
VociferáisVociferasteis
VociferanVociferaron
Futuro/CondicionalPréterito imperfecto 
VociferaréíaVociferaba
VociferarásíasVociferabas
VociferaráíaVociferaba
VociferaremosíamosVociferábamos
VociferaréisíaisVociferabais
VociferaráníanVociferaban
  cs
conjugaciones del SUBJUNTIVO
PresentePréterito imperfect ra
VocifereVociferara
VociferesVociferaras
VocifereVociferara
VociferemosVociferáramos
VociferéisVociferarais
VociferenVociferaran
FuturoPréterito imperfecto se
VociferareVociferase
VociferaresVociferases
VociferareVociferase
VociferáremosVociferásemos
VociferareisVociferaseis
VociferarenVociferasen
  cp
conjugaciones del IMPERATIVO
afirmativonegativo
Vocifera(tú)No vociferes
Vocifere(usted)No vocifere
Vociferemos(nosotros)No vociferemos
Vociferad(vosotros)No vociferéis
Vociferen(ustedes)No vociferen
Formas impersonales
participio pasado    Gerundio
VociferadoVociferando
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zich laten voorstaan opwerkwoordsvorm
Lettergrepen: zich la·ten voor·staan op
Verbuiging:
zich laten voorstaan op - liet zich voorstaan op - zich gelaten voorstaan op

zich laten voorstaan opwerkwoordsvorm
Lettergrepen: zich la·ten voor·staan op
Verbuiging:
zich laten voorstaan op - liet zich voorstaan op - zich gelaten voorstaan op

2Clamar
Gritar
Vocear
.
schreeuwenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: schreeu·wen
Verbuiging:
schreeuwen - schreeuwde - geschreeuwd


ALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn  w
3.bogen opwerkwoordsvorm
Lettergrepen: bo·gen op
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
Verbuiging:
bogen op - boogde op - geboogd op


ALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferaraprimera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jactaba de
Me jactara de
Me jactase de
Me jacté de
Se jactaba de
Se jactara de
Se jactase de
Se jactó de
Vociferaba
Vociferase
Vociferé
Vociferó
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
ik liet me voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'
  sMe jactaba de
Me jactara de
Me jactase de
Me jacté de
Se jactaba de
Se jactara de
Se jactase de
Se jactó de
Vociferaba
Vociferase
Vociferé
Vociferó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze liet zich voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceaba
Voceara
Vocease
Voceé
Voceó
Vociferaba
Vociferase
Vociferé
Vociferó
ik schreeuwdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ik schreeuw·de

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'
  sVociferaba
Vociferase
Vociferé
Vociferó
3.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze boogde opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'
  sVociferaba
Vociferase
Vociferé
Vociferó
ik boogde opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: ik boog·de op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferarátercera persona singular futuro de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactará de
Se jactare de
Vociferare
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal zich laten voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal schreeuwenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal bogen opderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferaraissegunda persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactabais de
Os jactarais de
Os jactaseis de
Os jactasteis de
Vociferabais
Vociferaseis
Vociferasteis
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie lieten je voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie schreeuwdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie boogden optweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferáramosprimera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sNos jactábamos de
Nos jactamos de
Nos jactáramos de
Nos jactásemos de
Vociferábamos
Vociferamos
Vociferásemos
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
wij/we lieten ons voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
wij/we schreeuwdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.wij/we boogden opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferarantercera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactaban de
Se jactaran de
Se jactaron de
Se jactasen de
Vociferaban
Vociferaron
Vociferasen
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze lieten zich voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze schreeuwdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze boogden opderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferarántercera persona plural futuro de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactarán de
Se jactaren de
Vociferaren
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze zullen zich laten voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze zullen schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze zullen bogen opderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferarassegunda persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactabas de
Te jactaras de
Te jactases de
Te jactaste de
Vociferabas
Vociferases
Vociferaste
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je liet je voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je schreeuwdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je boogde optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferarássegunda persona singular futuro de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactarás de
Te jactares de
Vociferares
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je zal je laten voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je zal schreeuwentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je zal bogen optweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferaretercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jactare de
Me jactaré de
Se jactará de
Se jactare de
Vociferará
Vociferaré
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal zich laten voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'
  sMe jactare de
Me jactaré de
Se jactará de
Se jactare de
Vociferará
Vociferaré
ik zal me laten voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'
  sClamará
Clamare
Clamaré
Gritará
Gritare
Gritaré
Voceará
Voceare
Vocearé
Vociferará
Vociferaré
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal schreeuwenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'
  sClamará
Clamare
Clamaré
Gritará
Gritare
Gritaré
Voceará
Voceare
Vocearé
Vociferará
Vociferaré
ik zal schreeuweneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'
  sVociferará
Vociferaré
3.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal bogen opderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'
  sVociferará
Vociferaré
ik zal bogen opeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferaréprimera persona singular futuro de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jactare de
Me jactaré de
Vociferare
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
ik zal me laten voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
ik zal schreeuweneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.ik zal bogen opeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferareissegunda persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactareis de
Os jactaréis de
Vociferaréis
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie zullen je laten voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
Lettergrepen: jul·lie zul·len je la·ten voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie zullen schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie zullen bogen optweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: jul·lie zul·len bo·gen op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferaréissegunda persona plural futuro de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactareis de
Os jactaréis de
Vociferareis
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie zullen je laten voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
Lettergrepen: jul·lie zul·len je la·ten voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie zullen schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie zullen bogen optweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: jul·lie zul·len bo·gen op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferaremosprimera persona plural futuro de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sNos jactaremos de
Nos jactáremos de
Vociferáremos
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
wij/we zullen ons laten voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
wij/we zullen schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.wij/we zullen bogen opeerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferáremosprimera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sNos jactaremos de
Nos jactáremos de
Vociferaremos
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
wij/we zullen ons laten voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
wij/we zullen schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.wij/we zullen bogen opeerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferarentercera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactarán de
Se jactaren de
Vociferarán
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze zullen zich laten voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze zullen schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze zullen bogen opderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferaressegunda persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactarás de
Te jactares de
Vociferarás
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je zal je laten voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je zal schreeuwentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je zal bogen optweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferaríatercera persona singular condicional del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jactaría de
Se jactaría de
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou zich laten voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
  _primera persona singular condicional del verbo 'vociferar'
  sMe jactaría de
Se jactaría de
ik zou me laten voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
  _tercera persona singular condicional del verbo 'vociferar'
  sClamaría
Gritaría
Vocearía
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou schreeuwenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular condicional del verbo 'vociferar'
  sClamaría
Gritaría
Vocearía
ik zou schreeuweneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
  _tercera persona singular condicional del verbo 'vociferar'
3.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou bogen opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
  _primera persona singular condicional del verbo 'vociferar'
ik zou bogen opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferaríaissegunda persona plural condicional del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactaríais de
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie zouden je laten voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
Lettergrepen: jul·lie zou·den je la·ten voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie zouden schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie zou·den schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie zouden bogen optweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: jul·lie zou·den bo·gen op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferaríamosprimera persona plural condicional del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sNos jactaríamos de
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
wij/we zouden ons laten voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
wij/we zouden schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.wij/we zouden bogen opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferaríantercera persona plural condicional del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactarían de
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze zouden zich laten voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze zouden schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze zouden bogen opderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferaríassegunda persona singular condicional del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactarías de
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je zou je laten voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je zou schreeuwentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je zou bogen optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferarontercera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactaban de
Se jactaran de
Se jactaron de
Se jactasen de
Vociferaban
Vociferaran
Vociferasen
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze lieten zich voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze schreeuwdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze boogden opderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferassegunda persona singular presente de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactas de
Te jactes de
Vociferes
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je laat je voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je schreeuwttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je boogt optweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferaseprimera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jactaba de
Me jactara de
Me jactase de
Me jacté de
Se jactaba de
Se jactara de
Se jactase de
Se jactó de
Vociferaba
Vociferara
Vociferé
Vociferó
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
ik liet me voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'
  sMe jactaba de
Me jactara de
Me jactase de
Me jacté de
Se jactaba de
Se jactara de
Se jactase de
Se jactó de
Vociferaba
Vociferara
Vociferé
Vociferó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze liet zich voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'
  sClamaba
Clamara
Clamase
Clamé
Clamó
Gritaba
Gritara
Gritase
Grité
Gritó
Voceaba
Voceara
Vocease
Voceé
Voceó
Vociferaba
Vociferara
Vociferé
Vociferó
ik schreeuwdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ik schreeuw·de

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'
  sVociferaba
Vociferara
Vociferé
Vociferó
3.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze boogde opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'
  sVociferaba
Vociferara
Vociferé
Vociferó
ik boogde opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: ik boog·de op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferaseissegunda persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactabais de
Os jactarais de
Os jactaseis de
Os jactasteis de
Vociferabais
Vociferarais
Vociferasteis
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie lieten je voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie schreeuwdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie boogden optweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferásemosprimera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sNos jactábamos de
Nos jactamos de
Nos jactáramos de
Nos jactásemos de
Vociferábamos
Vociferamos
Vociferáramos
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
wij/we lieten ons voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
wij/we schreeuwdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.wij/we boogden opeerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferasentercera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactaban de
Se jactaran de
Se jactaron de
Se jactasen de
Vociferaban
Vociferaran
Vociferaron
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze lieten zich voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze schreeuwdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze boogden opderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferasessegunda persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactabas de
Te jactaras de
Te jactases de
Te jactaste de
Vociferabas
Vociferaras
Vociferaste
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je liet je voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je schreeuwdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je boogde optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferastesegunda persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactabas de
Te jactaras de
Te jactases de
Te jactaste de
Vociferabas
Vociferaras
Vociferases
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je liet je voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je schreeuwdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je boogde optweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferasteissegunda persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactabais de
Os jactarais de
Os jactaseis de
Os jactasteis de
Vociferabais
Vociferarais
Vociferaseis
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie lieten je voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie schreeuwdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie boogden optweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vocifereprimera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jacte de
Me jacto de
Se jacta de
Se jacte de
Vocifera
Vocifero
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
ik laat me voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
Lettergrepen: ik laat me voor·staan op
  _tercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'vociferar'
  sMe jacte de
Me jacto de
Se jacta de
Se jacte de
Vocifera
Vocifero
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze laat zich voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'vociferar'
  sClama
Clame
Clamo
Grita
Grite
Grito
Vocea
Vocee
Voceo
Vocifera
Vocifero
ik schreeuweerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.ik boog opeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
  _tercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'vociferar'
  sVocifera
Vocifero
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze boogt opderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferéprimera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jactaba de
Me jactara de
Me jactase de
Me jacté de
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
ik liet me voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
ik schreeuwdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: ik schreeuw·de

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.ik boogde opeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: ik boog·de op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
¡vocifere!imperativo singular del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  s¡Jáctense de!
¡Jáctese de!
¡Vociferen!
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
laat u zich voorstaan op!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
schreeuwt u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.boogt u op!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferéissegunda persona plural presente de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sOs jactáis de
Os jactéis de
Vociferáis
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jullie laten je voorstaan optweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
Lettergrepen: jul·lie la·ten je voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jullie schreeuwentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: jul·lie schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.jullie bogen optweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: jul·lie bo·gen op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferemosprimera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sNos jactamos de
Nos jactemos de
Vociferamos
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
wij/we laten ons voorstaan opeerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
wij/we schreeuweneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.wij/we bogen opeerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
¡vociferemos!imperativo plural del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  s¡Jactémonos de!
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
laten we zich laten voorstaan opgebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
Lettergrepen: la·ten we zich la·ten voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
laten we schreeuwengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'schreeuwen'
Lettergrepen: la·ten we schreeu·wen

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.laten we bogen opgebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'bogen op'
Lettergrepen: la·ten we bo·gen op

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferentercera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactan de
Se jacten de
Vociferan
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
zij/ze laten zich voorstaan opderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
zij/ze schreeuwenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.zij/ze bogen opderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
¡vociferen!imperativo plural del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  s¡Jáctense de!
¡Jáctese de!
¡Vocifere!
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
laat u zich voorstaan op!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
schreeuwt u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'schreeuwen'

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.boogt u op!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'bogen op'

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferessegunda persona singular presente de subjuntivo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sTe jactas de
Te jactes de
Vociferas
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
jij/je laat je voorstaan optweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
jij/je schreeuwttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.jij/je boogt optweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vociferoprimera persona singular presente de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sMe jacte de
Me jacto de
Vocifere
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
ik laat me voorstaan opeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
Lettergrepen: ik laat me voor·staan op
2Clamar
Gritar
Vocear
.
ik schreeuweerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Schreeuwen':
(werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 nadrukkelijk vereisen, roepen om.
(onovergankelijk werkwoord; schreeuwde, heeft geschreeuwd; schreeuwer)
1 luid, doordringend roepen van angst, pijn, woede enz.
2 (van kinderen) hard huilen
3 (van sommige dieren) hun natuurlijk geluid voortbrengen
4 slecht, lelijk zingen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; schreeuwde, heeft geschreeuwd)
1 (iets) luid roepend meedelen.
  wn
3.ik boog opeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Bogen op':
(werkwoord; boogde, heeft geboogd)
1 trots zijn op, hoog opgeven van.
vociferótercera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'vociferar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vociferar'
  sSe jactaba de
Se jactara de
Se jactase de
Se jactó de
Vociferaba
Vociferara
Vociferase
1Engreírse
Engreírse de
Jactarse de
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze liet zich voorstaan opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich laten voorstaan op'
2Clamar
Gritar
Vocear
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze schreeuwdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'schreeuwen'
3.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze boogde opderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'bogen op'
vocodersustantivo
  w
vocoderzelfstandig naamwoord
, de  w
vodevilsustantivo
Plural es: vodeviles
(sustantivo, galicismo). Género teatral que incluye un tipo de comedia ligera, con canciones intercaladas, de temas atrevidos y picantes.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vodevil'
, el  w
vaudevillezelfstandig naamwoord
Lettergrepen: vau·de·vil·le
Meervoud is: vaudevilles

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m )
1 luchtig muziektheater met vrolijke melodieën en komische, vaak satirische liedjes.
, de  wn  w
zangspelzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: zang·spel
Dit woord is een samenstelling van 'zang' en 'spel'
Meervoud is: zangspelen

ALLE betekenissen van dit woord:
(het)
1 toneelstuk met muziek en zang.
, het  w
vodevilessustantivo plural de la palabra: Vodevil
(sustantivo, galicismo). Género teatral que incluye un tipo de comedia ligera, con canciones intercaladas, de temas atrevidos y picantes.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vodevil'
, los  w
vaudevillesMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Vaudeville
Lettergrepen: vau·de·vil·les

ALLE betekenissen van het woord 'Vaudeville':
(de m )
1 luchtig muziektheater met vrolijke melodieën en komische, vaak satirische liedjes.
, de  w
zangspelenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Zangspel
Lettergrepen: zang·spe·len
Dit woord is een samenstelling van 'zang' en 'spelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Zangspel':
(het)
1 toneelstuk met muziek en zang.
, de  w
vodkasustantivo
Plural es: vodkas

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vodka'
, el/laCon este sustantivo se puede usar el artículo femenino o masculino a su antojo.  w
wodkazelfstandig naamwoord
Lettergrepen: wod·ka
Meervoud is: wodka's

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m )
1 Oost-Europese sterkedrank, gestookt uit gerst, rogge of aardappelen.
, de  w
vodkassustantivo plural de la palabra: Vodka

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'vodka'
, los/lasCon este sustantivo se puede usar el artículo femenino o masculino a su antojo.  w
wodka'sMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Wodka
Lettergrepen: wod·ka's

ALLE betekenissen van het woord 'Wodka':
(de m )
1 Oost-Europese sterkedrank, gestookt uit gerst, rogge of aardappelen.
, de  w
voivodasustantivo
m. Gobernador de una provincia en los países eslavos.
  w
vojvodezelfstandig naamwoord
  w
VoivodinaNombre (o por antonomasia)
  w
Vojvodinaeigennaam (of antonomasie)
  w

1e 0‑9 A B C D E F G H I J K L M N Ñ O P Q R S T UV W X Y Z ß

2e _ a c e h i lo u xy

3e- l m rs t yz

4e ca ce ci co de dk iv

<-- Vorige/ Anteriorpalabras de
woorden van
VOCABLO ..... VOIVODINAVolgende/ Siguiente -->



arriba