Lijst van 11901 Nederlandse werkwoorden

Ga naar lijst Spaanse werkwoorden
Ir a lista de verbos españoles
Laatst gewijzigd:       15 Nov 2011
Última Actualización: 15 Nov 2011

A B C D E F G H I J K L M N O P QR S T U V W XYZ

<-- Vorige/ AnteriorVolgende/ Siguiente -->

InfinitiefVerleden tijdVoltooid deelwoord
E-mailenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; e-mailde, heeft ge-e-maild)
1 per e-mail verzenden.

E-maildeGe-e-maild
EbaucherenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; ebaucheerde, heeft geëbaucheerd)
1 schetsen, vluchtig ontwerpen, met name het maken van een model in was of klei voor een beeld in marmer of metaal.

EbaucheerdeGeëbaucheerd
EbbenALLE betekenissen van dit woord:
(het)
1 ebbenhout.
(bijvoeglijk naamwoord, alleen attributief)
1 ebbenhouten
2 zwart als ebbenhout.

EbdeGeëbd
EcarterenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; ecarteerde, heeft geëcarteerd)
1 ecarté spelen.
(overgankelijk werkwoord; ecarteerde, heeft geëcarteerd)
1 (formeel) verwijderen, terzijde schuiven.

EcarteerdeGeëcarteerd
EchelonnerenEchelonneerdeGeëchelonneerd
EchoënALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; echode, heeft geëchood)
1 weergalmen.
(overgankelijk werkwoord; echode, heeft geëchood)
1 napraten, nazeggen.

EchodeGeëchood
EchtbrekenALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; echtbreker)
1 (formeel) overspel plegen.

EchtenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; echtte, heeft geëcht; echting)
1 (een kind) wettig verklaren.

In Spaans overeenkomend met: Legitimar
  sLegitimeren
EchtteGeëcht
EclipserenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; eclipseerde, is geëclipseerd)
1 verduisterd worden
2 verdwijnen.

EclipseerdeGeëclipseerd
EconomiserenEconomiseerdeGeëconomiseerd
EenendertigenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; eenendertigde, heeft geëenendertigd)
1 een kaartspel spelen waarbij men 31 punten moet verzamelen.

EenendertigdeGeëenendertigd
EenentwintigenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; eenentwintigde, heeft geëenentwintigd)
1 een kaartspel spelen waarbij men tot 21 punten kaarten van de bank mag kopen.

EenentwintigdeGeëenentwintigd
EerbiedigenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; eerbiedigde, heeft geëerbiedigd; eerbiediging)
1 het bestaansrecht erkennen van (iets) en daarnaar handelen.

In Spaans overeenkomend met: Acatar, Respectar, Respetar
  sHoogachten
Ontzien
Respecteren
Vereren
EerbiedigdeGeëerbiedigd
EestenEestteGeëest
EffectuerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; effectueerde, heeft geëffectueerd; effectuering)
1 ten uitvoer brengen.

EffectueerdeGeëffectueerd
EffenenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; effende, heeft geëffend; effenaar, effening)
1 gladmaken
2 vereffenen.

In Spaans overeenkomend met: Allanar
  sEffen maken
EffendeGeëffend
EgaliserenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; egaliseerde, heeft geëgaliseerd; egalisatie/egalisering)
1 gelijk, gladmaken.

EgaliseerdeGeëgaliseerd
EggenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; egde, heeft geëgd)
1 (grond) met de eg bewerken.

In Spaans overeenkomend met: Rastrillar
EgdeGeëgd
EgotrippenALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; egotripper)
1 zich aan een egotrip overgeven.

EiertikkenALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord)
1 het tegen elkaar tikken van gekookte eieren.

EigenenEigendeGeëigend
EindenEinddeGeëind
EindigenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; eindiging)
1 (eindigde, is geëindigd) niet verder gaan
2 (eindigde, heeft geëindigd) bidden na de maaltijd
3 (eindigde, is geëindigd) (sport) finishen
4 uiteindelijk terechtkomen.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; eindigde, heeft geëindigd)
1 beëindigen.

In Spaans overeenkomend met: Acabarse
Terminar
Acabar
Boquear, Expirar, Terminarse
  sAflopen
Afmaken
Afsluiten
Besluiten
Beëindigen
Ophouden
Uitgaan
Uitlopen
Uitmaken
Uitraken
Verlopen
Voleindigen
EindigdeGeëindigd
EisenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; eiste, heeft geëist; eiser)
1 met alle geweld willen
2 (juridisch) van de rechter als uitspraak verlangen
3 (iets) als een noodzakelijk deel van een proces of actie nodig hebben
.

In Spaans overeenkomend met: Exigir
Reclamar
  sOpeisen
Rekenen
Vereisen
Vergen
Voorschrijven
Vorderen
EisteGeëist
EjaculerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; ejaculeerde, heeft geëjaculeerd; ejaculatie)
1 ejaculaat uitscheiden.

EjaculeerdeGeëjaculeerd
ElektrificerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; elektrificeerde, heeft geëlektrificeerd; elektrificatie)
1 inrichten tot het gebruiken van elektriciteit.

In Spaans overeenkomend met: Electrizar
ElektrificeerdeGeëlektrificeerd
ElektriserenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; elektriseerde, heeft geëlektriseerd)
1 elektriciteit opwekken in, mededelen aan
2 een prikkelende, bezielende werking uitoefenen.

ElektriseerdeGeëlektriseerd
ElektrocuterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; elektrocuteerde, heeft geëlektrocuteerd; elektrocutie)
1 doden door elektrische stroom.

In Spaans overeenkomend met: Electrocutar
ElektrocuteerdeGeëlektrocuteerd
EliderenElideerdeGeëlideerd
EliminerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; elimineerde, heeft geëlimineerd; eliminering/eliminatie)
1 wegwerken, verwijderen of uitschakelen
2 (eufemisme) vermoorden.

In Spaans overeenkomend met: Eliminar
  sAfschaffen
Opdoeken
Uitmaken
Verwijderen
Wegdoen
ElimineerdeGeëlimineerd
EmaillerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; emailleerde, heeft geëmailleerd; emailleur)
1 met email bekleden.

In Spaans overeenkomend met: Esmaltar
EmailleerdeGeëmailleerd
EmanciperenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; emancipeerde, heeft geëmancipeerd; emancipatie)
1 bevrijden van sociale, politieke, wettelijke enz. belemmeringen
2 gelijkstellen voor de wet.

In Spaans overeenkomend met: Emancipar
  sMondig verklaren
Ontvoogden
EmancipeerdeGeëmancipeerd
EmanerenIn Spaans overeenkomend met: Emanar
  sUitstralen
EmaneerdeGeëmaneerd
EmballerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; emballeerde, heeft geëmballeerd; emballeur, emballage)
1 inpakken op grote schaal.

In Spaans overeenkomend met: Embalar, Empaquetar
  sInpakken
Pakken
EmballeerdeGeëmballeerd
EmbarkerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; embarkeerde, is geëmbarkeerd)
1 zich inschepen.
(overgankelijk werkwoord; embarkeerde, heeft geëmbarkeerd)
1 aan boord van een schip brengen.

EmbarkeerdeGeëmbarkeerd
EmenderenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; emendeerde, heeft geëmendeerd; emendatie)
1 verbeteringen aanbrengen in.

EmendeerdeGeëmendeerd
EmigrerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; emigreerde, is geëmigreerd; emigrant, emigratie)
1 verhuizen naar het buitenland.

In Spaans overeenkomend met: Emigrar
  sUittrekken
Uitwijken
EmigreerdeGeëmigreerd
EmitterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; emitteerde, heeft geëmitteerd; emissie)
1 (aandelen enz.) uitgeven
2 (afvalstoffen) uitstoten.

In Spaans overeenkomend met: Editar
Emitir
  sAfgeven
In omloop brengen
Uitgeven
EmitteerdeGeëmitteerd
EmmerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; emmerde, heeft geëmmerd)
1 (pejoratief; informeel) zeuren.

EmmerdeGeëmmerd
EmotionerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; emotioneerde, heeft geëmotioneerd)
1 emoties, ontroering veroorzaken.

EmotioneerdeGeëmotioneerd
EmulgerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; emulgeerde, heeft geëmulgeerd)
1 een emulsie maken van of met.

In Spaans overeenkomend met: Emulsionar
EmulgeerdeGeëmulgeerd
EncadrerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; encadreerde, heeft geëncadreerd; encadrering)
1 inlijsten
2 omsluiten.

EncadreerdeGeëncadreerd
EncanaillerenALLE betekenissen van dit woord:
(wederkerend werkwoord; encanailleerde zich, heeft zich geëncanailleerd)
1 zich inlaten met.

EncanailleerdeGeëncanailleerd
EndosserenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; endosseerde, heeft geëndosseerd)
1 (handel) een wissel of ander stuk aan een ander overdragen door op de rugzijde de ondertekende en gedagtekende clausule te schrijven.

In Spaans overeenkomend met: Endosar, Girar, Traspasar un crédito
  sGireren
Wenden
EndosseerdeGeëndosseerd
EnerverenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; enerveerde, heeft geënerveerd)
1 op de zenuwen werken.

EnerveerdeGeënerveerd
EngagerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; engageerde, heeft geëngageerd)
1 (een artiest) tot bepaalde diensten verbinden
2 (schermen) contact tussen de klingen herstellen.
(wederkerend werkwoord; engageerde zich, heeft zich geëngageerd)
1 zich als artiest verbinden
2 zich verloven.

In Spaans overeenkomend met: Enzarzar
  sBetrekken
In dienst nemen
EngageerdeGeëngageerd
EnquêterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; enquêteerde, heeft geënquêteerd)
1 (iem.) ondervragen over bepaalde meningen, gewoonten enz.

In Spaans overeenkomend met: Encuestar
EnquêteerdeGeënquêteerd
EnscenerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; ensceneerde, heeft geënsceneerd; enscenering)
1 voor het toneel of de film inrichten
2 als schijnvertoning opvoeren.

EnsceneerdeGeënsceneerd
EntamerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; entameerde, heeft geëntameerd)
1 een begin maken met.

EntameerdeGeëntameerd
EntenALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; entte, is geënt)
1 grondvesten op.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; entte, heeft geënt; enting)
1 een loot op een andere boom bevestigen zodat zij zich met die stam kan verbinden
2 inenten.

In Spaans overeenkomend met: Injertar
Inocular
  sInenten
Oculeren
EntteGeënt
EnterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; enterde, heeft geënterd)
1 (ook absoluut) (een vijandelijk schip) aan boord klampen en beklimmen om het te veroveren
2 (informeel) (iem.) aanklampen, aanhouden.

In Spaans overeenkomend met: Aferrar
EnterdeGeënterd
EntertainenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; entertainde, heeft geëntertaind; entertainer, entertaining)
1 vermaken, aangenaam bezighouden.

EntertaindeGeëntertaind
EnthousiasmerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; enthousiasmeerde, heeft geënthousiasmeerd)
1 enthousiast maken.

In Spaans overeenkomend met: Entusiasmar
  sBezielen
EnthousiasmeerdeGeënthousiasmeerd
EntrainerenEntraineerdeGeëntraineerd
EpaterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; epateerde, heeft geëpateerd)
1 overdonderen.

EpateerdeGeëpateerd
EpibrerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; epibreerde, heeft geëpibreerd)
1 (schertsend) niet nader aan te geven werkzaamheden verrichten, waarvan men de indruk wil geven dat ze belangrijk zijn.

EpibreerdeGeëpibreerd
EpilerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; epileerde, heeft geëpileerd; epilatie)
1 ontharen met een pincet.

In Spaans overeenkomend met: Depilar, Depilarse
EpileerdeGeëpileerd
EquiperenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; equipeerde, heeft geëquipeerd)
1 van het nodige voorzien.

EquipeerdeGeëquipeerd
ErbarmenALLE betekenissen van dit woord:
(het)
1 (formeel) medelijden.
(werkwoord; erbarmde, heeft erbarmd)
1 medelijden tonen met, uit medelijden hulp verlenen aan, zich ontfermen over.

ErbarmdeErbarmd
ErenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; eerde, heeft geëerd)
1 hoger aanzien verlenen.

In Spaans overeenkomend met: Honrar
  sHuldigen
Vereren
EerdeGeëerd
ErgerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; ergerde, heeft geërgerd)
1 tot ontstemming of verontwaardiging prikkelen.
(wederkerend werkwoord; ergerde zich, heeft zich geërgerd)
1 ontstemd, geprikkeld worden.

In Spaans overeenkomend met: Corromper
Molestar
Cansar, Cargar, Fastidiar, Hartar
Disgustar, Enojar
  sBedroeven
Tegenstaan
Vermoeien
Vervelen
ErgerdeGeërgerd
ErkennenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; erkende, heeft erkend; erkenning)
1 inzien, toegeven
2 als wettig, echt, juist aanvaarden
3 zich dankbaar tonen voor.

In Spaans overeenkomend met: Confirmar
Reconocer
Confesar, Declarar
  sBekennen
Bekrachtigen
Bevestigen
Herkennen
Onderkennen
Staven
Toegeven
Vormen
ErkendeErkend
ErlangenErlangdeErlangd
EroderenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; erodeerde, is geërodeerd)
1 door wind of water afslijten.

In Spaans overeenkomend met: Erosionar
  sAfslijten
ErodeerdeGeërodeerd
ErotiserenErotiseerdeGeërotiseerd
EruitzienALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; zag eruit, heeft eruitgezien)
1 het genoemde voorkomen hebben
2 de genoemde indruk maken.

Zag eruitEruitgezien
ErvarenALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; ervarener, meest ervaren; ervarenheid)
1 door ondervinding bekwaam.
(overgankelijk werkwoord; ervaarde, heeft ervaren; ervaring)
1 ondervinden, meemaken.

In Spaans overeenkomend met: Experimentar, Pasar la experiencia
  sBeleven
Doormaken
Ondervinden
ErvoerErvaren
ErvenALLE betekenissen van dit woord:
(zelfstandig naamwoord, meervoud)
1 erfgenamen.
(overgankelijk werkwoord; erfde, heeft geërfd)
1 (ook absoluut) (iets) uit een nalatenschap, door erfenis verkrijgen
2 (eigenschappen) van zijn ouders of voorouders meekrijgen.

In Spaans overeenkomend met: Heredar
  sBeërven
ErfdeGeërfd
EscalerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; escaleerde, is geëscaleerd; escalatie)
1 het voorwerp worden van escalatie.
(overgankelijk werkwoord; escaleerde, heeft geëscaleerd)
1 het voorwerp maken van escalatie.

In Spaans overeenkomend met: Escalar
  sMet ladders bestormen
EscaleerdeGeëscaleerd
EscamoterenEscamoteerdeGeëscamoteerd
EscorterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; escorteerde, heeft geëscorteerd)
1 ter bescherming of als bewijs van eer begeleiden.

In Spaans overeenkomend met: Escoltar
  sBegeleiden
Gewapend begeleiden
EscorteerdeGeëscorteerd
EskimoterenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; eskimoteerde, is geëskimoteerd)
1 met de boot omslaan en doordraaien totdat men weer overeind komt.

EskimoteerdeGeëskimoteerd
EssayerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; essayeerde, heeft geëssayeerd)
1 het zilver- of goudgehalte van een voorwerp of munt onderzoeken.

EssayeerdeGeëssayeerd
EsthetiserenEsthetiseerdeGeësthetiseerd
EtalerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; etaleerde, heeft geëtaleerd; etaleur)
1 (winkelwaren) uitstallen
2 met enige voldoening tonen.

In Spaans overeenkomend met: Exhibir, Presentar
Exponer
  sBlootstellen
Tentoonspreiden
Uitbrengen
Uitkramen
Uitstallen
EtaleerdeGeëtaleerd
EtenALLE betekenissen van dit woord:
(het)
1 voedsel
2 maaltijd.
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; at, heeft gegeten)
1 (iets) als voedsel tot zich nemen.

In Spaans overeenkomend met: Consumir
Comer
Cenar
  sBikken
Gebruiken
Nuttigen
Vreten
AtGegeten
EtiketterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; etiketteerde, heeft geëtiketteerd; etikettering)
1 van een etiket voorzien.

In Spaans overeenkomend met: Etiquetar
EtiketteerdeGeëtiketteerd
EtsenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; etste, heeft geëtst)
1 (ook absoluut) in een met hars of was bedekte plaat krassen maken en die vervolgens door een zuur laten inbijten
2 (geneeskunde) aantasten, invreten op.

EtsteGeëtst
EtterenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; etterde, heeft geëtterd)
1 etter afscheiden
2 sarren, treiteren.

In Spaans overeenkomend met: Enconarse
Ulcerarse
Supurar
  sZweren
EtterdeGeëtterd
EtymologiserenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; etymologiseerde, heeft geëtymologiseerd)
1 de historische oorsprong en de verwante vormen van een woord onderzoeken en verklaren.

EtymologiseerdeGeëtymologiseerd
EuropeaniserenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; europeaniseerde, heeft geëuropeaniseerd; europeanisering)
1 de West-Europese denkwijze, zienswijze en levenswijze ingang doen vinden bij.

EuropeaniseerdeGeëuropeaniseerd
EuthanaserenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; euthanaseerde, heeft geëuthanaseerd)
1 euthanasie toepassen op.

EuthanaseerdeGeëuthanaseerd
EvacuerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; evacueerde, is geëvacueerd)
1 om veiligheidsredenen tijdelijk weggaan uit zijn woonplaats.
(overgankelijk werkwoord; evacueerde, heeft geëvacueerd)
1 (personen) om veiligheidsredenen tijdelijk wegvoeren uit hun woonplaats.

In Spaans overeenkomend met: Evacuar
  sOntruimen
EvacueerdeGeëvacueerd
EvaluerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; evalueerde, heeft geëvalueerd; evaluatie)
1 beoordelen, waarderen.

EvalueerdeGeëvalueerd
EvangeliserenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; evangeliseerde, heeft geëvangeliseerd; evangelisatie)
1 het evangelie verkondigen aan.

In Spaans overeenkomend met: Evangelizar
EvangeliseerdeGeëvangeliseerd
EvaporerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; evaporeerde, is geëvaporeerd; evaporatie)
1 verdampen.

EvaporeerdeGeëvaporeerd
EvenarenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; evenaarde, heeft geëvenaard)
1 gelijk te stellen zijn met.

EvenaardeGeëvenaard
EvocerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord) zie evoqueren.

EvoceerdeGeëvoceerd
EvoluerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; evolueerde, heeft/is geëvolueerd)
1 een ontwikkelingsproces doormaken
2 wendingen maken.

In Spaans overeenkomend met: Desarrollarse, Evolucionar
  sOntwikkelen|Zich ontwikkelen
Zich ontwikkelen
EvolueerdeGeëvolueerd
EvoquerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; evoqueerde, heeft geëvoqueerd)
1 (beelden, gevoelens) oproepen.

EvoqueerdeGeëvoqueerd
ExalterenExalteerdeGeëxalteerd
ExaminerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; examineerde, heeft geëxamineerd; examinator)
1 (iem.) onderzoeken, ondervragen naar zijn kundigheden.

In Spaans overeenkomend met: Examinar, Explorar
  sNakijken
Nauwkeurig onderzoeken
ExamineerdeGeëxamineerd
ExcellerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; excelleerde, heeft geëxcelleerd)
1 uitmunten.

ExcelleerdeGeëxcelleerd
ExcerperenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; excerpeerde, heeft geëxcerpeerd)
1 uittrekken.

In Spaans overeenkomend met: Resumir
  sResumeren
Samenvatten
ExcerpeerdeGeëxcerpeerd
ExciterenExciteerdeGeëxciteerd
ExcommunicerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; excommuniceerde, heeft geëxcommuniceerd; excommunicatie)
1 (iem.) van de sacramenten of van de kerkgemeenschap uitsluiten.

In Spaans overeenkomend met: Excomulgar
ExcommuniceerdeGeëxcommuniceerd
ExcuserenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; excuseerde, heeft geëxcuseerd)
1 verontschuldigen.

In Spaans overeenkomend met: Disculpar, Excusar
  sVerontschuldigen
Verschonen
ExcuseerdeGeëxcuseerd
ExecuterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; executeerde, heeft geëxecuteerd; executeur, executie)
1 (juridisch) (een vonnis) voltrekken
2 op grond van een vonnis terechtstellen
3 (gevangenen, gijzelaars e.d.) doden.
(wederkerend werkwoord; executeerde zich, heeft zich geëxecuteerd)
1 (beursterm) zich insolvent verklaren.

In Spaans overeenkomend met: Ejecutar
  sTer dood brengen
Terechtstellen
ExecuteerdeGeëxecuteerd
ExercerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; exerceerde, heeft geëxerceerd)
1 militaire bewegingsoefeningen uitvoeren.

ExerceerdeGeëxerceerd
ExhiberenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; exhibeerde, heeft geëxhibeerd)
1 tentoonstellen, uitstallen
2 (een bewijsstuk) overleggen.

ExhibeerdeGeëxhibeerd
ExisterenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; existeerde, heeft geëxisteerd)
1 bestaan.

ExisteerdeGeëxisteerd
ExpanderenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; expandeerde, is geëxpandeerd)
1 zich uitbreiden.

In Spaans overeenkomend met: Expandir
  sUitbreiden
ExpandeerdeGeëxpandeerd
ExpatriërenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; expatrieerde, heeft geëxpatrieerd; expatriëring)
1 weggaan uit het vaderland.
(overgankelijk werkwoord; expatrieerde, heeft geëxpatrieerd)
1 uit het land verdrijven.

ExpatrieerdeGeëxpatrieerd
ExpediërenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; expedieerde, heeft geëxpedieerd)
1 afzenden, verzenden.

In Spaans overeenkomend met: Despachar, Enviar, Expedir
ExpedieerdeGeëxpedieerd
ExperimenterenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; experimenteerde, heeft geëxperimenteerd)
1 een proef nemen.

In Spaans overeenkomend met: Experimentar
ExperimenteerdeGeëxperimenteerd
ExpirerenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; expireerde, is geëxpireerd)
1 sterven
2 (van termijnen) aflopen.
(overgankelijk werkwoord; expireerde, heeft geëxpireerd)
1 uitademen.

ExpireerdeGeëxpireerd
ExplicerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; expliceerde, heeft geëxpliceerd; explicator/explicateur, explicatie)
1 uitleggen.

ExpliceerdeGeëxpliceerd
ExpliciterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; expliciteerde, heeft geëxpliciteerd; explicitatie)
1 uitdrukkelijk formuleren.

ExpliciteerdeGeëxpliciteerd
ExpliquerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; expliqueerde, heeft geëxpliqueerd)
1 uitleggen.

ExpliqueerdeGeëxpliqueerd
ExploderenALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; explodeerde, is geëxplodeerd; explosie)
1 ontploffen, met een knal uiteenbarsten
2 ontploffen, in woede uitbarsten.

ExplodeerdeGeëxplodeerd
ExploiterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; exploiteerde, heeft geëxploiteerd; exploitant, exploitatie)
1 (een zaak) tegen vast loon of tegen provisie voor rekening van een ander beheren
2 uitbuiten.

In Spaans overeenkomend met: Beneficiar ((mijn),(mina)), Explotar
  sUitbaten
Uitbuiten
Uitmelken
ExploiteerdeGeëxploiteerd
ExplorerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; exploreerde, heeft geëxploreerd; exploratie)
1 een gebied verkennen of op bodemschatten doorzoeken.

In Spaans overeenkomend met: Examinar, Explorar
  sNagaan
Onderzoeken
Uitvissen
Uitzoeken
Verkennen
Vorsen
ExploreerdeGeëxploreerd
ExponerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; exponeerde, heeft geëxponeerd)
1 plaatsen in een kwetsbare positie
2 uiteenzetten
3 (fotografie) aan de inwerking van het licht blootstellen.

ExponeerdeGeëxponeerd
ExporterenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; exporteerde, heeft geëxporteerd)
1 (goederen) uitvoeren.

In Spaans overeenkomend met: Exportar
  sUitvoeren
ExporteerdeGeëxporteerd
ExposerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord, ook absoluut; exposeerde, heeft geëxposeerd)
1 tentoonstellen.

In Spaans overeenkomend met: Exhibir, Exponer
  sTentoonstellen
ExposeerdeGeëxposeerd
ExtensiverenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; extensiveerde, heeft geëxtensiveerd; extensivering)
1 meer extensief maken.

ExtensiveerdeGeëxtensiveerd
ExtraherenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; extraheerde, heeft geëxtraheerd; extractie)
1 (geneeskunde) uittrekken
2 een uittreksel maken van
3 (techniek) een stof uit een mengsel afscheiden.

ExtraheerdeGeëxtraheerd
ExtrapolerenALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; extrapoleerde, heeft geëxtrapoleerd; extrapolatie)
1 (wiskunde) uit bekende termen van een reeks daarbuiten gelegen termen berekenen
2 doorberekenen.

In Spaans overeenkomend met: Extrapolar
ExtrapoleerdeGeëxtrapoleerd
ExtruderenExtrudeerdeGeëxtrudeerd
EzelenEzeldeGeëzeld

A B C D E F G H I J K L M N O P QR S T U V W XYZ

<-- Vorige/ AnteriorVolgende/ Siguiente -->



boven