| Haaien | Haaide | Gehaaid
|
| Haarklieven | |
|
HaarklovenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; haarkloofde, heeft gehaarkloofd; haarklover) 1 muggenziften.
In Spaans overeenkomend met: Criticar, Disputar, Zaherir sBedillen Het lastig maken Vitten | Haarkloofde | Gehaarkloofd
|
| Haarknippen | |
|
| Haarplukken | |
|
HaastenALLE betekenissen van dit woord: (wederkerend werkwoord; haastte zich, heeft zich gehaast) 1 proberen om dat wat men te doen heeft snel af te maken .
In Spaans overeenkomend met: Apremiar, Urgir sDringen Dringend zijn Jachten Tot haast aanzetten Urgent zijn | Haastte | Gehaast
|
HackenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hackte, heeft gehackt; hacker) 1 inbreken in een computer om gegevens te achterhalen of te wijzigen.
| Hackte | Gehackt
|
HagelenALLE betekenissen van dit woord: (onpersoonlijk werkwoord; hagelde, heeft gehageld) 1 in hagelstenen uit de hemel neervallen.
In Spaans overeenkomend met: Granizar
| Hagelde | Gehageld
|
| Hagen | Haagde | Gehaagd
|
HakenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; haakte, heeft gehaakt) 1 smachten naar. (onovergankelijk werkwoord; haakte, heeft gehaakt; haker) 1 met of als met een haak vastzitten. (overgankelijk werkwoord; haakte, heeft gehaakt) 1 (ook absoluut) (een bepaald soort van weefsel) met lussen vervaardigen 2 d.m.v. een haak bevestigen of ophangen 3 (iem.) over zijn uitgestoken voet laten struikelen.
In Spaans overeenkomend met: Colgar de un gancho, Enganchar Hacer a ganchillo, Hacer crochet, Hacer ganchillo
| Haakte | Gehaakt
|
HakkelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hakkelde, heeft gehakkeld) 1 stotteren.
In Spaans overeenkomend met: Balbucear, Balbucir, Farfullar, Tartamudear sStamelen Stotteren | Hakkelde | Gehakkeld
|
HakkenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hakte, heeft gehakt; hakker) 1 onbesuisd slaan of snijden 2 negatieve kritiek leveren 3 (van gabbers) dansen. (overgankelijk werkwoord; hakte, heeft gehakt) 1 (ook absoluut) door slaan met een bijl enz. in kleine stukken verdelen 2 door hakken doen ontstaan 3 met de hak bewerken 4 (voetbal) (de bal) met de achterkant van de schoen spelen.
In Spaans overeenkomend met: Picar Cortar sFijnhakken Houwen Kappen | Hakte | Gehakt
|
HakketakkenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 kibbelen.
| Hakketakte | Gehakketakt
|
| Hakketeren | Hakketeerde | Gehakketeerd
|
HalenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; haalde, heeft gehaald) 1 (ook absoluut) met een beweging naar zich toe in de genoemde positie of toestand brengen 2 met inspanning verwerven 3 erin slagen te bereiken .
In Spaans overeenkomend met: Buscar, Coger, Ir por Sacar Acertar, Dar con, Dar en sGaan halen Inslaan Raken Teisteren Treffen | Haalde | Gehaald
|
HallucinerenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hallucineerde, heeft gehallucineerd) 1 waanvoorstellingen hebben.
| Hallucineerde | Gehallucineerd
|
HalsterenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; halsterde, heeft gehalsterd) 1 de halster aandoen.
| Halsterde | Gehalsterd
|
HalverenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; halveerde, heeft gehalveerd; halvering) 1 in twee gelijke stukken delen 2 tot op de helft verminderen.
In Spaans overeenkomend met: Cortar en dos, Dividir en dos
| Halveerde | Gehalveerd
|
| Halvezolen | Halvezoolde | Gehalvezoold
|
| Halzen | Halsde | Gehalsd
|
HamerenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hamerde, heeft gehamerd) 1 telkens benadrukken. (onovergankelijk werkwoord; hamerde, heeft gehamerd) 1 krachtig kloppen. (overgankelijk werkwoord; hamerde, heeft gehamerd; hamering) 1 (ook absoluut) (iets) met een hamer slaan 2 (ook absoluut) (iem.) meermalen slaan.
In Spaans overeenkomend met: Martillear
| Hamerde | Gehamerd
|
| Hamergooien | |
|
HamerslingerenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 (in België) kogelslingeren.
| |
|
HamsterenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hamsterde, heeft gehamsterd; hamsteraar) 1 bij een dreigend tekort een voorraad aanleggen van (iets).
In Spaans overeenkomend met: Acaparar
| Hamsterde | Gehamsterd
|
HandballenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; handbalde, heeft gehandbald; handballer) 1 (handbal) handbal spelen.
| Handbalde | Gehandbald
|
HandboogschietenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 het schieten met de handboog als sport.
| |
|
HandeldrijvenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; dreef handel, heeft handelgedreven) 1 koopmanszaken doen.
| Dreef handel | Handelgedreven
|
HandelenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; handelde, heeft gehandeld) 1 gaan over. (onovergankelijk werkwoord; handelde, heeft gehandeld; handelaar, handeling) 1 goederen kopen en verkopen 2 een daad of daden verrichten.
In Spaans overeenkomend met: Actuar, Obrar Comerciar, Traficar, Tratar sAgeren Bezig zijn Doen Handel drijven Optreden Te werk gaan | Handelde | Gehandeld
|
| Handen | Handde | Gehand
|
| Handenwringen | |
|
| Handgiften | Handgiftte | Gehandgift
|
HandhavenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; handhaafde, heeft gehandhaafd; handhaver, handhaving) 1 zorgen dat iets blijft bestaan 2 niet terugnemen, staande houden. (wederkerend werkwoord; handhaafde zich, heeft zich gehandhaafd) 1 zich staande houden.
| Handhaafde | Gehandhaafd
|
| Handicappen | Handicapte | Gehandicapt
|
HandlezenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; handlezer) 1 waarzeggen uit de lijnen van de hand.
| |
|
HandtekenenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 tekenen uit de vrije hand 2 zijn handtekening plaatsen.
| |
|
HandwerkenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 bezig zijn met een handwerkje.
| Handwerkte | Gehandwerkt
|
HandzettenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; handzetter) 1 letterzetten met de hand.
| |
|
HangenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hing, heeft gehangen) 1 verlangen naar. (werkwoord; hing, heeft gehangen) 1 gehecht zijn aan. (onovergankelijk werkwoord; hing, heeft gehangen) 1 van boven ondersteund, door eigen zwaarte neerwaarts gestrekt blijven 2 van de opgerichte houding of rechte lijn afwijken 3 zonder steunsel zweven, drijven 4 tot straf opgehangen zijn 5 vastzitten 6 (informeel; sport) (van de bal) in het doel gebracht zijn 7 weinig actief, lusteloos zijn . (overgankelijk werkwoord; hing, heeft gehangen) 1 (iets) zo bevestigen dat het zich door zijn eigen zwaarte omlaag strekt 2 (iem.) ophangen.
In Spaans overeenkomend met: Colgar, Pender
| Hing | Gehangen
|
HangglidenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 deltavliegen.
| Hangglidede | Gehangglided
|
HannesenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hanneste, heeft gehannest) 1 (informeel) klungelen, knoeien.
| Hanneste | Gehannest
|
HanterenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hanteerde, heeft gehanteerd; hanteerder, hantering) 1 omgaan met 2 in de hand nemen.
In Spaans overeenkomend met: Manipular, Tratar sIn handen hebben Manipuleren Omgaan met | Hanteerde | Gehanteerd
|
HaperenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; haperde, heeft gehaperd; hapering) 1 blijven steken .
| Haperde | Gehaperd
|
HappenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hapte, heeft gehapt; happer) 1 ernstig reageren op een plagende opmerking. (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hapte, heeft gehapt) 1 bijten, met de mond grijpen.
In Spaans overeenkomend met: Morder sBeitsen Bijten Knauwen | Hapte | Gehapt
|
HarddravenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; harddraafde, heeft geharddraafd) 1 (van paarden) in wedstrijdverband draven voor een sulky.
| Harddraafde | Geharddraafd
|
| Hardebollen | Hardebolde | Gehardebold
|
HardenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hardde, is gehard; harding) 1 (van lijm, lak e.d.) hard worden. (overgankelijk werkwoord; hardde, heeft gehard) 1 hard maken 2 het weerstandsvermogen vergroten van 3 uithouden, verduren.
In Spaans overeenkomend met: Aguantar hasta el fin Endurecer, Templar sDoorstaan Dulden Stalen Temperen Uithouden Uitstaan Verdragen | Hardde | Gehard
|
HardlopenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; liep hard, heeft/is hardgelopen; hardloper) 1 rennen.
In Spaans overeenkomend met: Correr sHollen Rennen Snellen | Liep hard | Hardgelopen
|
| Hardmaken | Maakte hard | Hardgemaakt
|
HardrijdenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hardrijder) 1 (sport) ijssport waarbij men een bepaalde afstand zo snel mogelijk probeert af te leggen.
| |
|
HarenALLE betekenissen van dit woord: (bijvoeglijk naamwoord, alleen attributief) 1 van haar gemaakt. (onovergankelijk werkwoord; haarde, heeft gehaard) 1 het haar verliezen. (overgankelijk werkwoord; haarde, heeft gehaard) 1 (landbouw) (een zeis) scherpen.
| Haarde | Gehaard
|
HarkenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; harkte, heeft geharkt) 1 met een hark bijeenbrengen, bewerken.
In Spaans overeenkomend met: Rastrillar sAanharken Opharken Uitkammen | Harkte | Geharkt
|
HarmoniserenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; harmoniseerde, heeft geharmoniseerd) 1 harmonisch, tot een goed samenklinkend of samengaand geheel maken.
| Harmoniseerde | Geharmoniseerd
|
HarmoniërenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; harmonieerde, heeft geharmonieerd) 1 een ordelijk en evenwichtig geheel vormen.
| Harmonieerde | Geharmonieerd
|
HarnassenALLE betekenissen van dit woord: (wederkerend werkwoord; harnaste zich, heeft zich geharnast) 1 zich wapenen, sterken.
| Harnaste | Geharnast
|
| Harpen | Harpte | Geharpt
|
HarpoenerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; harpoeneerde, heeft geharpoeneerd) 1 met een harpoen treffen.
| Harpoeneerde | Geharpoeneerd
|
| Harpuizen | Harpuisde | Geharpuisd
|
HarrewarrenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; harrewarde, heeft geharreward) 1 krakelen, ruziën.
| Harrewarde | Geharreward
|
HartenjagenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 zeker kaartspel spelen waarin ten minste de harten alle voor een strafpunt gelden.
| |
|
HaspelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; haspelde, heeft gehaspeld; haspelaar) 1 stuntelen. (overgankelijk werkwoord; haspelde, heeft gehaspeld) 1 tot een warboel maken 2 op een haspel winden.
| Haspelde | Gehaspeld
|
| Hassebassen | Hassebaste | Gehassebast
|
HatenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; haatte, heeft gehaat; hater) 1 langdurig en hevig verafschuwen.
In Spaans overeenkomend met: Abominar, Aborrecer, Detestar, Odiar
| Haatte | Gehaat
|
HavenenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; havende, heeft gehavend) 1 toetakelen, beschadigen.
In Spaans overeenkomend met: Estropear Echar a perder sBederven Beschadigen Knoeien Schenden Stuk maken Stukmaken Toetakelen Verknoeien Verpesten | Havende | Gehavend
|
HeadbangenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; headbangde, heeft geheadbangd; headbanger) 1 met slingerende hoofdbewegingen luidruchtige muziek ondergaan.
| Headbangde | Geheadbangd
|
HeadhuntenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; headhuntte, heeft geheadhunt; headhunter, headhunting) 1 (hoger personeel) via werving en selectie aannemen.
| Headhuntte | Geheadhunt
|
HealenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; healde, heeft geheald) 1 langs paranormale weg genezen.
| Healde | Geheald
|
HebbenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; had, heeft gehad) 1 nut ondervinden van. (werkwoord; had, heeft gehad) 1 moeten. (overgankelijk werkwoord; had, heeft gehad) 1 bezitten of in beheer hebben 2 ter aanduiding van een betrekking of verwantschap 3 beschikken over, als kenmerk hebben 4 ziek zijn door 5 verkeren in (bepaalde omstandigheden) 6 ondervinden, voelen 7 deelachtig zijn of worden door toebedeling of verkrijging 8 er zijn, zich voordoen 9 (van zaken) vertonen, in zich dragen 10 in de genoemde positie of toestand zijn . (hulpwerkwoord) 1 ter omschrijving van de voltooide tijd bij transitieve en subjectieve intransitieve werkwoorden.
In Spaans overeenkomend met: Poseer, Tener Haber sErop nahouden | Had | Gehad
|
HechtenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hechtte, heeft gehecht) 1 vast blijven zitten. (overgankelijk werkwoord; hechtte, heeft gehecht) 1 (een wond) dichtnaaien 2 vastmaken, verbinden. (wederkerend werkwoord; hechtte zich, heeft zich gehecht) 1 zich vastzetten.
In Spaans overeenkomend met: Pegar sLijmen Plakken | Hechtte | Gehecht
|
| Heenbrengen | Bracht heen | Heengebracht
|
HeengaanALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; ging heen, is heengegaan) 1 (formeel) vertrekken 2 (eufemisme) sterven.
| Ging heen | Heengegaan
|
| Heenleiden | Leidde heen | Heengeleid
|
HeenlopenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; liep heen, is heengelopen) 1 weglopen.
| Liep heen | Heengelopen
|
HeenrennenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; rende heen, is heengerend) 1 (formeel) hard weglopen.
| Rende heen | Heengerend
|
| Heenrijden | Reed heen | Heengereden
|
| Heensnellen | Snelde heen | Heengesneld
|
| Heenstappen | Stapte heen | Heengestapt
|
HeentrekkenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; trok heen, is heengetrokken) 1 (formeel) wegtrekken.
| Trok heen | Heengetrokken
|
| Heenvlieden | Vlood heen | Heengevloden
|
HeenvoerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; voerde heen, heeft heengevoerd) 1 (formeel) wegvoeren.
| Voerde heen | Heengevoerd
|
HeenzendenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; zond heen, heeft heengezonden) 1 (formeel) wegsturen.
| Zond heen | Heengezonden
|
HeersenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; heerste, heeft geheerst) 1 op strenge wijze regeren over. (onovergankelijk werkwoord; heerste, heeft geheerst; heerser) 1 macht uitoefenen 2 voorkomen, aangetroffen worden.
In Spaans overeenkomend met: Reinar ((gewoonte, ziekte, wind),(costumbre, enfermedad, viento)) Imperar Gobernar, Regir, Subyugar sBesturen De scepter zwaaien Gelden Regeren | Heerste | Geheerst
|
HeetlopenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; liep heet, is heetgelopen) 1 (van delen van een machine) door wrijving warm worden.
| Liep heet | Heetgelopen
|
HeffenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hief, heeft geheven; heffer, heffing) 1 omhoog brengen 2 (belasting, boete enz.) vorderen.
In Spaans overeenkomend met: Alzar, Levantar sBeuren Omhoogtrekken Ophalen Oprichten Tillen Verheffen Verhogen | Hief | Geheven
|
HeienALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; heide, heeft geheid; heier) 1 (palen) met een heiblok in- of vaststampen.
| Heide | Geheid
|
HeiligenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; heiligde, heeft geheiligd; heiliging) 1 wijden, heilig maken 2 van zonden reinigen 3 eren.
In Spaans overeenkomend met: Santificar
| Heiligde | Geheiligd
|
| Heisteren | Heisterde | Geheisterd
|
HekelenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hekelde, heeft gehekeld; hekeling) 1 scherp veroordelen 2 (vlas, haar enz.) over de hekel halen.
In Spaans overeenkomend met: Cardar sKaarden | Hekelde | Gehekeld
|
HeksenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord) ¶ alleen in verbindingen.
In Spaans overeenkomend met: Embrujar, Hechizar sToveren | Hekste | Gehekst
|
HelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; heelde, is geheeld; heler, heling) 1 gezond worden. (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; heelde, heeft geheeld) 1 het opzettelijk kopen, aannemen of uit winstbejag verbergen van een door misdrijf verkregen voorwerp.
In Spaans overeenkomend met: Cicatrizar ((wond),(herida)), Cicatrizarse ((wond),(herida)), Sanar Encubrir, Receptar sBeter worden Dichtgaan | Heelde | Geheeld
|
HellenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; helde, heeft geheld; helling) 1 afwijken van de loodlijn 2 schuin aflopen 3 geleidelijk gaan, neigen.
In Spaans overeenkomend met: Acurrucarse sOverhellen | Helde | Geheld
|
HelleniserenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; helleniseerde, heeft gehelleniseerd) 1 de Griekse beschaving volgen. (overgankelijk werkwoord; helleniseerde, heeft gehelleniseerd) 1 Helleens, Grieks maken.
| Helleniseerde | Gehelleniseerd
|
HelpenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hielp, heeft geholpen) 1 (iem.) door persoonlijke bemiddeling voorzien van. (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hielp, heeft geholpen; helper) 1 zo handelen dat het ten goede komt aan (iem.) 2 (van zaken) een gunstige uitwerking hebben bij een probleem 3 (iem.) in een winkel bedienen 4 (eufemisme) (huisdieren) castreren of steriliseren.
In Spaans overeenkomend met: Asistir, Secundar, Socorrer Auxiliar, Ayudar Sufragar Atender ((helpen van klanten),(atender clientes)) Prestar servicio, Servir Aprovechar sAssisteren Baten Bedienen Begunstigen Bijstaan Dienen Meehelpen Ter zijde staan Van dienst zijn Van nut zijn Verzorgen | Hielp | Geholpen
|
| Hemelen | Hemelde | Gehemeld
|
| Hemmen | Hemde | Gehemd
|
HengelenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hengelde, heeft gehengeld) 1 slinkse pogingen doen om iets te krijgen of te weten te komen. (onovergankelijk werkwoord; hengelde, heeft gehengeld) 1 met de hengel vissen.
| Hengelde | Gehengeld
|
HengstenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hengstte, heeft gehengst) 1 hard slaan 2 (informeel) hard studeren 3 (van merries) hengstig zijn. (overgankelijk werkwoord; hengstte, heeft gehengst) 1 (van paarden) dekken.
In Spaans overeenkomend met: Golpear sBonken Bonzen | Hengstte | Gehengst
|
HerademenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; herademde, heeft herademd; herademing) 1 opgelucht zijn.
| Herademde | Herademd
|
HerbebossenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herbeboste, heeft herbebost; herbebossing) 1 opnieuw met houtgewas beplanten.
In Spaans overeenkomend met: Repoblar sWeer beplanten Weer bevolken | Herbeboste | Herbebost
|
HerbeginnenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; herbegon, is herbegonnen) 1 opnieuw beginnen met, te.
In Spaans overeenkomend met: Recomenzar
| Herbegon | Herbegonnen
|
| Herbegraven | |
|
| Herbeleggen | Herbelegde | Herbelegd
|
| Herbeleven | Herbeleefde | Herbeleefd
|
HerbenoemenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herbenoemde, heeft herbenoemd; herbenoeming) 1 opnieuw, voor een volgende ambtstermijn benoemen.
| Herbenoemde | Herbenoemd
|
HerbergenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herbergde, heeft geherbergd; herberging) 1 huisvesten 2 bevatten.
In Spaans overeenkomend met: Cobijar Almacenar Albergar sBergen Huisvesten | Herbergde | Geherbergd
|
| Herbevestigen | Herbevestigde | Herbevestigd
|
HerbewapenenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; herbewapende, heeft herbewapend; herbewapening) 1 opnieuw wapens aanschaffen. (overgankelijk werkwoord; herbewapende, heeft herbewapend) 1 opnieuw wapens geven.
| Herbewapende | Herbewapend
|
| Herbezien | |
|
HerbezinnenALLE betekenissen van dit woord: (wederkerend werkwoord; herbezon zich, heeft zich herbezonnen) 1 zich opnieuw beraden.
| |
|
HerbouwenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herbouwde, heeft herbouwd) 1 opnieuw bouwen.
| Herbouwde | Herbouwd
|
HerdefiniërenIn Spaans overeenkomend met: Redefinir
| Herdefinieerde | Geherdefinieerd
|
HerdenkenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; herdacht, heeft herdacht; herdenker, herdenking) 1 de herinnering vieren, met name als nagedachtenis 2 in herinnering brengen.
In Spaans overeenkomend met: Conmemorar Recordar, Rememorar Acordarse sHerinneren|Zich herinneren Terugdenken Zich herinneren | Herdacht | Herdacht
|
| Herdoen | Herdeed | Herdaan
|
HerdopenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herdoopte, heeft herdoopt) 1 een andere naam geven 2 opnieuw dopen.
| Herdoopte | Herdoopt
|
HerdrukkenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herdrukte, heeft herdrukt) 1 opnieuw drukken.
| Herdrukte | Herdrukt
|
| Herenen | Hereende | Hereend
|
HerenigenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herenigde, heeft herenigd; hereniging) 1 weer bijeenbrengen 2 verzoenen.
| Herenigde | Herenigd
|
| Herexamineren | Herexamineerde | Geherexamineerd
|
HerfinancierenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herfinancierde, heeft geherfinancierd) 1 opnieuw financieren.
| Herfinancierde | Geherfinancierd
|
HerformulerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herformuleerde, heeft geherformuleerd; herformulering) 1 opnieuw, anders formuleren.
In Spaans overeenkomend met: Reformular
| Herformuleerde | Geherformuleerd
|
HergebruikenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hergebruikte, heeft hergebruikt; hergebruiker, hergebruik) 1 opnieuw gebruiken.
In Spaans overeenkomend met: Reciclar
| Hergebruikte | Hergebruikt
|
HergevenIn Spaans overeenkomend met: Devolver sReproduceren Teruggeven Vergelden Weergeven | Hergaf | Hergeven
|
HergroeperenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hergroepeerde, heeft gehergroepeerd) 1 opnieuw ordenen, m.n. van militairen na een strijd.
| Hergroepeerde | Gehergroepeerd
|
HerhalenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herhaalde, heeft herhaald; herhaler, herhaling) 1 nog eens hetzelfde doen 2 opnieuw zeggen. (wederkerend werkwoord; herhaalde zich, heeft zich herhaald) 1 nogmaals gebeuren 2 (van kunstenaars, sprekers e.d.) steeds dezelfde motieven, technieken, argumenten aanwenden.
In Spaans overeenkomend met: Instar ((van een verzoek),(la súplica o petición)), Reiterar, Repasar, Repetir sDoornemen Nazeggen | Herhaalde | Herhaald
|
| Herhuisvesten | Herhuisvestte | Geherhuisvest
|
HerijkenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herijkte, heeft herijkt; herijking) 1 (maten en gewichten) opnieuw ijken 2 herwaarderen.
| Herijkte | Herijkt
|
HerindelenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herindeelde, heeft geherindeeld; herindeling) 1 opnieuw, anders indelen.
| Herindeelde | Heringedeeld
|
HerinnerenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; herinnerde, heeft herinnerd) 1 (iem.) doen terugdenken aan 2 de aandacht van iem. vestigen op. (wederkerend werkwoord; herinnerde zich, heeft zich herinnerd) 1 (iets) uit het geheugen oproepen.
In Spaans overeenkomend met: Recordar sOnthouden | Herinnerde | Herinnerd
|
| Herinrichten | Herinrichtte | Heringericht
|
HerinterpreterenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herinterpreteerde, heeft geherinterpreteerd; herinterpretatie) 1 opnieuw, anders interpreteren.
In Spaans overeenkomend met: Reinterpretar
| Herinterpreteerde | Geherinterpreteerd
|
HerintredenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; herintreder, herintreding) 1 terugkeren op de arbeidsmarkt.
In Spaans overeenkomend met: Reentrar
| Herintrad | Heringetreden
|
| Herintroduceren | Herintroduceerde | Geherintroduceerd
|
| Herinvesteren | Herinvesteerde | Geherinvesteerd
|
| Herinvoeren | |
|
HerkansenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; herkanste, heeft herkanst; herkansing) 1 (iets) overdoen.
| Herkanste | Herkanst
|
HerkapitaliserenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; herkapitaliseerde, heeft geherkapitaliseerd) 1 herkapitalisatie toepassen.
| Herkapitaliseerde | Geherkapitaliseerd
|
HerkauwenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; herkauwde, heeft herkauwd; herkauwer, herkauwing) 1 (van plantenetende dieren) het gedeeltelijk verteerde voedsel opnieuw kauwen 2 telkens weer over hetzelfde spreken of denken, tot vervelens toe herhalen.
In Spaans overeenkomend met: Rumiar
| Herkauwde | Herkauwd
|
HerkennenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; herkende, heeft herkend) 1 instemmen met. (overgankelijk werkwoord; herkende, heeft herkend; herkenning) 1 zich herinneren doordat men (iem. of iets) weer ziet of hoort.
In Spaans overeenkomend met: Reconocer sErkennen Onderkennen | Herkende | Herkend
|
HerkeurenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herkeurde, heeft herkeurd; herkeuring) 1 opnieuw keuren.
| Herkeurde | Herkeurd
|
HerkiezenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herkoos, heeft herkozen; herkiezing) 1 opnieuw kiezen.
In Spaans overeenkomend met: Reelegir
| Herkoos | Herkozen
|
HerkrijgenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herkreeg, heeft herkregen; herkrijging) 1 terugkrijgen.
| Herkreeg | Herkregen
|
HerladenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herlaadde, heeft herladen) 1 opnieuw laden.
| Herlaadde | Herladen
|
HerleidenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herleidde, heeft herleid; herleiding) 1 vereenvoudigen tot de basis 2 in een andere eenheid uitdrukken 3 (in België, niet algemeen) verminderen, reduceren.
In Spaans overeenkomend met: Reducir sInkrimpen Reduceren Vereenvoudigen Zetten | Herleidde | Herleid
|
HerlevenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; herleefde, is herleefd; herleving) 1 opleven, weer tot bloei, actueel, levendig worden na een inzinking.
In Spaans overeenkomend met: Resurgir Reponerse sHerrijzen Opleven Wederopstaan | Herleefde | Herleefd
|
HerlezenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herlas, heeft herlezen; herlezing) 1 opnieuw lezen.
In Spaans overeenkomend met: Releer sOverlezen | Herlas | Herlezen
|
HermuntenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hermuntte, heeft hermunt; hermunting) 1 opnieuw munten 2 de waarde opnieuw bepalen van.
| Hermuntte | Hermunt
|
HernemenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hernam, heeft hernomen; herneming) 1 het spreken voortzetten 2 (in België, niet algemeen) opnieuw beginnen, hervat worden. (overgankelijk werkwoord; hernam, heeft hernomen) 1 (in België, niet algemeen) hervatten, na een onderbreking weer verder gaan met.
In Spaans overeenkomend met: Recuperar, Reponer sHerroepen Terughalen Terugkrijgen Terugnemen | Hernam | Hernomen
|
HernieuwenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hernieuwde, heeft hernieuwd) 1 (iets abstracts) vernieuwen.
| Hernieuwde | Hernieuwd
|
| Heronderhandelen | Heronderhandelde | Heronderhandeld
|
| Herontdekken | Herontdekte | Herontdekt
|
| Herontginnen | Herontgon | Herontgonnen
|
HerontwerpenIn Spaans overeenkomend met: Replantear
| Herontwierp | Herontworpen
|
| Heropbouwen | Heropbouwde | Heropgebouwd
|
HeropenenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; heropende, heeft heropend; heropening) 1 wederom openen, opnieuw openstellen.
In Spaans overeenkomend met: Reabrir
| Heropende | Heropend
|
| Heroprichten | Heroprichtte | Heropgericht
|
| Heropvoeden | Heropvoedde | Heropgevoed
|
HerordenenIn Spaans overeenkomend met: Reajustar
| Herordende | Herordend
|
HeroriënterenIn Spaans overeenkomend met: Reorientar
| Heroriënteerde | Geheroriënteerd
|
HeroverenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; heroverde, heeft heroverd; heroveraar, herovering) 1 na verlies terugwinnen.
In Spaans overeenkomend met: Reconquistar
| Heroverde | Heroverd
|
HeroverwegenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; heroverwoog, heeft heroverwogen; heroverweging) 1 opnieuw overwegen.
In Spaans overeenkomend met: Reconsiderar
| Heroverwoog | Heroverwogen
|
HerpakkenALLE betekenissen van dit woord: (wederkerend werkwoord; herpakte zich, heeft zich herpakt) 1 (in België, niet algemeen) zich herstellen, er weer bovenop komen.
| Herpakte | Herpakt
|
HerplaatsenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herplaatste, heeft herplaatst; herplaatsing) 1 nog eens plaatsen.
| Herplaatste | Herplaatst
|
| Herrekenen | Herrekende | Herrekend
|
HerrijzenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; herrees, is herrezen) 1 wederom oprijzen.
In Spaans overeenkomend met: Realzarse, Resurgir Reponerse sHerleven Opleven Wederopstaan | Herrees | Herrezen
|
HerroepenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herriep, heeft herroepen; herroeping) 1 terugnemen, intrekken.
In Spaans overeenkomend met: Recuperar Retractar, Retractarse Retratar sHernemen Intrekken Terughalen Terugkomen Terugkrijgen Terugnemen | Herriep | Herroepen
|
| Herschatten | Herschatte | Herschat
|
HerscheppenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herschiep, heeft herschapen; herschepper, herschepping) 1 een nieuwe gedaante of vorm geven.
In Spaans overeenkomend met: Transformar, Transformarse sVeranderen Vermaken Vervormen | Herschiep | Herschapen
|
HerschikkenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herschikte, heeft herschikt; herschikking) 1 opnieuw, anders schikken.
| Herschikte | Herschikt
|
HerscholenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herschoolde, heeft herschoold; herscholing) 1 opnieuw scholen.
| Herschoolde | Herschoold
|
HerschrijvenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herschreef, heeft herschreven; herschrijving) 1 opnieuw, anders schrijven.
In Spaans overeenkomend met: Reescribir
| Herschreef | Herschreven
|
HersenspoelenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hersenspoelde, heeft gehersenspoeld; hersenspoeling) 1 iem. door psychische druk en lichamelijk geweld willoos maken en indoctrineren.
| Hersenspoelde | Gehersenspoeld
|
| Hersmeden | Hersmeedde | Hersmeed
|
| Herspellen | Herspelde | Herspeld
|
HerstellenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; herstelde, heeft hersteld) 1 weer op zijn vorige plaats, in de vorige toestand plaatsen. (onovergankelijk werkwoord; herstelde, is hersteld; hersteller, herstelling) 1 weer verbeteren tot in de oude, gezonde staat, beter worden. (overgankelijk werkwoord; herstelde, heeft hersteld) 1 weer in goede of bruikbare staat brengen 2 (de oorspronkelijke toestand) laten terugkeren 3 (een gebrek, ongerechtigheid) verhelpen, opheffen. (wederkerend werkwoord; herstelde zich, heeft zich hersteld) 1 weer in de vorige toestand terugkeren 2 zijn zelfbeheersing terugkrijgen.
In Spaans overeenkomend met: Reponer Convalecer, Recuperarse, Remontar ((schoeisel),(calzada)), Restablecer Aderezar, Arreglar, Enmendar, Rehacer, Reparar, Restaurar sMaken Repareren Verhelpen Verstellen | Herstelde | Hersteld
|
| Herstemmen | Herstemde | Herstemd
|
HerstructurerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herstructureerde, heeft geherstructureerd; herstructurering) 1 een andere structuur geven.
| Herstructureerde | Geherstructureerd
|
HertalenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hertaalde, heeft hertaald) 1 omzetten naar eenvoudiger taal.
| Hertaalde | Hertaald
|
HertellenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hertelde, heeft herteld) 1 opnieuw tellen.
In Spaans overeenkomend met: Recontar
| Hertelde | Herteld
|
HertrouwenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hertrouwde, is hertrouwd) 1 opnieuw trouwen.
| Hertrouwde | Hertrouwd
|
HeruitbrengenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; bracht heruit, heeft heruitgebracht) 1 opnieuw uitgeven.
| Heruitbracht | Heruitgebracht
|
| Heruitgeven | Heruitgaf | Heruitgegeven
|
HeruitzendenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; zond heruit, heeft heruitgezonden) 1 (radio, tv) opnieuw uitzenden door radio of tv 2 (radio, tv) een signaal van een zendstation opvangen en versterkt weer doorzenden.
In Spaans overeenkomend met: Devolver Retransmitir sRetourneren Terugbezorgen Terugbrengen Terugsturen Terugwijzen | Heruitzond | Heruitgezonden
|
HervallenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; herviel, is hervallen) 1 (in België) terugvallen, in een vroegere toestand komen.
| Herviel | Hervallen
|
HervattenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hervatte, heeft hervat) 1 na een onderbreking weer verder gaan met.
In Spaans overeenkomend met: Reanudar, Reemprender, Retomar sWeer opnemen | Hervatte | Hervat
|
| Herverdelen | Herverdeelde | Herverdeeld
|
HerverkavelenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; herverkavelde, heeft herverkaveld; herverkaveling) 1 (grondbezit) opnieuw, anders verkavelen.
| Herverkavelde | Herverkaveld
|
HerverzekerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herverzekerde, heeft herverzekerd; herverzekering) 1 (van assurantiemaatschappijen) een verzekerd bedrag weer bij andere maatschappijen verzekeren, om het risico minder groot te maken.
| Herverzekerde | Herverzekerd
|
HervindenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hervond, heeft hervonden) 1 terugvinden. (wederkerend werkwoord; hervond zich, heeft zich hervonden) 1 zijn zelfbeheersing terugkrijgen.
In Spaans overeenkomend met: Reencontrar sHerwinnen | Hervond | Hervonden
|
HervormenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hervormde, heeft hervormd; hervormer, hervorming) 1 (een beleid, een organisatie) grondig veranderen.
In Spaans overeenkomend met: Reformar, Remodelar sReformeren | Hervormde | Hervormd
|
HerwaarderenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herwaardeerde, heeft geherwaardeerd; herwaardering) 1 opnieuw de waarde bepalen van.
| Herwaardeerde | Geherwaardeerd
|
HerwerkenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herwerkte, heeft herwerkt) 1 (in België) herzien.
| Herwerkte | Herwerkt
|
HerwinnenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herwon, heeft herwonnen) 1 opnieuw verkrijgen 2 via een recyclingsproces verkrijgen. (wederkerend werkwoord; herwon zich, heeft zich herwonnen) 1 zich herstellen.
In Spaans overeenkomend met: Recobrar, Reencontrar sHervinden | Herwon | Herwonnen
|
| Herzeggen | Herzegde, Herzei | Herzegd
|
HerzienALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; herzag, heeft herzien; herziening) 1 verbeteren na zorgvuldige controle of overweging.
In Spaans overeenkomend met: Inspeccionar, Revisar sInspecteren Nakijken Nazien Reviseren | Herzag | Herzien
|
HetenIn de betekenis van: Heet maken
In Spaans overeenkomend met: sBenoemen Genoemd worden Noemen Uitmaken voor | Heette | Geheet
|
HetenIn de betekenis van: 1. de naam dragen, genoemd worden 2. gekwalificeerd worden als, doorgaan voor
In Spaans overeenkomend met: Llamar, Nombrar Llamarse sBenoemen Genoemd worden Noemen Uitmaken voor | Heette | Geheten
|
HeugenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; heugde, heeft geheugd) 1 in iemands geheugen zijn.
| Heugde | Geheugd
|
| Heulen | Heulde | Geheuld
|
HeupwiegenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; heupwiegde, heeft geheupwiegd; heupwieging) 1 heen en weer bewegen met de heupen.
| Heupwiegde | Geheupwiegd
|
HevelenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hevelde, heeft geheveld; heveling) 1 (een vloeistof) d.m.v. een hevel opvoeren, af- of overtappen.
| Hevelde | Geheveld
|
| Hielen | Hielde | Gehield
|
HieuwenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hieuwde, heeft gehieuwd) 1 met een windas ophijsen.
| Hieuwde | Gehieuwd
|
HijgenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hijgde, heeft gehijgd; hijger) 1 kort en hoorbaar of moeilijk ademhalen.
In Spaans overeenkomend met: Acezar, Anhelar, Jadear sZwoegen | Hijgde | Gehijgd
|
HijsenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hees, heeft gehesen; hijser) 1 optillen aan een kabel of touw 2 met moeite iets in de genoemde positie brengen 3 veel drinken.
In Spaans overeenkomend met: Izar, Largar ((vlag, zeilen)) Enarbolar ((vlag),(bandera)) Jalar sOphalen Ophijsen Planten Uitsteken Verhalen Voorttrekken | Hees | Gehesen
|
HikkenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hikte, heeft gehikt) 1 een of meermalen een hik geven.
| Hikte | Gehikt
|
HinderenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hinderde, heeft gehinderd; hindering) 1 hinder veroorzaken.
In Spaans overeenkomend met: Contrariar Dificultar, Encocorar, Estorbar, Fastidiar, Incomodar, Marear, Molestar, Perturbar sBelemmeren Dwarsbomen Lastig vallen Storen Tegenwerken Verstoren Vervelen | Hinderde | Gehinderd
|
| Hineininterpretieren | |
|
| Hink-stap-springen | |
|
HinkelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hinkelde, heeft/is gehinkeld; hinkelaar) 1 op één been voortspringen, vooral als kinderspel.
| Hinkelde | Gehinkeld
|
HinkenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hinkte, heeft/is gehinkt) 1 mank lopen 2 hinkelen.
In Spaans overeenkomend met: Cojear, Renquear sKreupel lopen Mank lopen Slecht functioneren Trekken | Hinkte | Gehinkt
|
HinkepinkenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hinkepinkte, heeft/is gehinkepinkt) 1 (pejoratief) hinken, mank gaan.
| Hinkepinkte | Gehinkepinkt
|
HinnikenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hinnikte, heeft gehinnikt) 1 het voor paarden kenmerkende geluid laten horen 2 grof lachen.
In Spaans overeenkomend met: Balar, Gritar, Ladrar, Rebuznar Relinchar sBalken Blaten Brullen Grommen Loeien Schreeuwen | Hinnikte | Gehinnikt
|
HintenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hintte, heeft gehint) 1 een hint geven.
| Hintte | Gehint
|
HippelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hippelde, heeft/is gehippeld) 1 zich met kleine sprongetjes voortbewegen.
| Hippelde | Gehippeld
|
HippenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hipte, heeft gehipt) 1 springend voortgaan.
| Hipte | Gehipt
|
HistoriserenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; historiseerde, heeft gehistoriseerd) 1 tot iets historisch maken.
| Historiseerde | Gehistoriseerd
|
HitsenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hitste, heeft gehitst) 1 in woord en geschrift aanzetten tot iets laakbaars.
| Hitste | Gehitst
|
HobbelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hobbelde, heeft/is gehobbeld) 1 schuddend voortgaan.
In Spaans overeenkomend met: Balancear sBalanceren Schommelen Wiegelen Wiegen Wippen | Hobbelde | Gehobbeld
|
| Hobbyen | Hobbyde | Gehobbyd
|
HockeyenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hockeyde, heeft gehockeyd; hockeyer) 1 hockey spelen.
| Hockeyde | Gehockeyd
|
HoedenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hoedde, heeft gehoed) 1 oppassen, uitkijken voor. (overgankelijk werkwoord; hoedde, heeft gehoed; hoeder) 1 beschermen, bewaken 2 (vee) bewaken, terwijl het weidt.
In Spaans overeenkomend met: Custodiar, Guardar sBewaken Bewaren De wacht hebben Waken over | Hoedde | Gehoed
|
HoekenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hoekte, heeft gehoekt) 1 bij boksen, een hoekstoot toedienen aan.
| Hoekte | Gehoekt
|
HoepelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hoepelde, heeft gehoepeld) 1 met de hoepel spelen.
| Hoepelde | Gehoepeld
|
HoerenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hoerde, heeft gehoerd) 1 hoereren.
| Hoerde | Gehoerd
|
HoererenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hoereerde, heeft gehoereerd; hoereerder) 1 een ontuchtig leven leiden.
| Hoereerde | Gehoereerd
|
HoestenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hoestte, heeft gehoest) 1 plotseling met een schurend geluid uitademen.
In Spaans overeenkomend met: Toser
| Hoestte | Gehoest
|
| Hoetelen | Hoetelde | Gehoeteld
|
HoevenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hoefde, heeft gehoefd) 1 (van zaken) nodig zijn. (overgankelijk werkwoord; hoefde, heeft gehoefd) 1 moeten, behoren te doen.
In Spaans overeenkomend met: Necesitar sBehoeven Toe zijn aan | Hoefde | Gehoefd, Gehoeven
|
| Hogen | Hoogde | Gehoogd
|
HogeschoolrijdenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 paardendressuur beoefenen.
| |
|
HokkenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hokte, heeft gehokt) 1 (pejoratief) ongehuwd samenwonen .
| Hokte | Gehokt
|
HolenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; holede, heeft geholed) 1 (golf) (mbt. de putt) maken, scoren.
| Hoolde | Gehoold
|
HollenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; holde, heeft/is gehold) 1 (van paarden) doorrennen, niet meer naar de teugel luisteren 2 hard lopen .
In Spaans overeenkomend met: Correr sHardlopen Rennen Snellen | Holde | Gehold
|
HomogeniserenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; homogeniseerde, heeft gehomogeniseerd; homogenisator) 1 homogeen maken.
In Spaans overeenkomend met: Homogenizar
| Homogeniseerde | Gehomogeniseerd
|
HomologerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; homologeerde, heeft gehomologeerd; homologatie) 1 bekrachtigen, goedkeuren.
| Homologeerde | Gehomologeerd
|
HompelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hompelde, heeft/is gehompeld) 1 mank of kreupel lopen.
| Hompelde | Gehompeld
|
HonenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hoonde, heeft gehoond) 1 met verachting bespotten.
In Spaans overeenkomend met: Burlarse, Mofarse sBespotten Gekscheren Spotten Uitlachen | Hoonde | Gehoond
|
HongerenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hongerde, heeft gehongerd) 1 sterk verlangen naar. (onovergankelijk werkwoord; hongerde, heeft gehongerd) 1 honger lijden.
| Hongerde | Gehongerd
|
| Hongerlijden | Leed honger | Hongergeleden
|
HongerstakenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 in hongerstaking zijn.
| |
|
HonkballenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; honkbalde, heeft gehonkbald; honkballer) 1 honkbal spelen.
| Honkbalde | Gehonkbald
|
| Honken | Honkte | Gehonkt
|
HonorerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; honoreerde, heeft gehonoreerd; honorering) 1 belonen voor arbeid 2 als geldig erkennen.
In Spaans overeenkomend met: Reconocer
| Honoreerde | Gehonoreerd
|
HoofdrekenenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 rekenen zonder de getallen op te schrijven.
| |
|
HoofdschuddenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 schudden met het hoofd, ten teken van afkeuring of weigering.
| |
|
HoogachtenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; achtte hoog, heeft hooggeacht; hoogachting) 1 hoge achting hebben voor.
In Spaans overeenkomend met: Apreciar, Estimar Acatar sAchten Achting hebben voor Achting toedragen Eerbiedigen Ontzien Vereren | Achtte hoog | Hooggeacht
|
HooghoudenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hield hoog, heeft hooggehouden) 1 in ere houden.
| Hield hoog | Hooggehouden
|
HoogschattenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; schatte hoog, heeft hooggeschat; hoogschatting) 1 hoogachten.
| Schatte hoog | Hooggeschat
|
HoogspringenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hoogspringer) 1 over een lat op zekere hoogte springen, als sport.
| |
|
HooienALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hooide, heeft gehooid; hooier) 1 hooi winnen van (een stuk land).
| Hooide | Gehooid
|
HopenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hoopte, heeft gehoopt) 1 verlangen naar (iets dat moet gebeuren). (overgankelijk werkwoord; hoopte, heeft gehoopt) 1 (ook absoluut) gunstige verwachtingen koesteren t.o.v. iets dat men wenst 2 opstapelen.
In Spaans overeenkomend met: Esperar, Tener esperanza
| Hoopte | Gehoopt
|
HoppenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hopte, heeft gehopt) 1 tijdens meditatie springen en zweven 2 voortdurend naar elders gaan. (overgankelijk werkwoord; hopte, heeft gehopt) 1 hop toevoegen bij.
| Hopte | Gehopt
|
HopsenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hopste, heeft/is gehopst) 1 zich op logge wijze springend voortbewegen.
| Hopste | Gehopst
|
HordelopenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hordeloper) 1 loopnummer in de atletiek, waarbij men horden moet passeren.
| |
|
| Horden | Hordde | Gehord
|
HorenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hoorde, heeft gehoord) 1 ergens zijn plaats hebben 2 moeten volgens bepaalde normen. (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hoorde, heeft gehoord) 1 met het gehoor waarnemen 2 uit het gehoorde opmaken 3 luisteren naar.
In Spaans overeenkomend met: Oír Ser conforme, Ser conveniente, Ser decoroso Deber, Tener que sBehoren Behoren te Betamen Dienen Moeten Passen Vernemen Verplicht zijn om te Verstaan Voegen | Hoorde | Gehoord
|
HortenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hortte, heeft gehort) 1 haperen .
| Hortte | Gehort
|
HospitaliserenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hospitaliseerde, is gehospitaliseerd; hospitalisatie/hospitalisering) 1 zo gewend raken aan de verzorging in een ziekenhuis of inrichting dat men zich daarbuiten moeilijk kan handhaven. (overgankelijk werkwoord; hospitaliseerde, heeft gehospitaliseerd; hospitalisatie) 1 (iem.) in een ziekenhuis opnemen.
In Spaans overeenkomend met: Hospitalizar
| Hospitaliseerde | Gehospitaliseerd
|
HospiterenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hospiteerde, heeft gehospiteerd) 1 als aanstaand leraar lessen op een middelbare school bijwonen en zelf geven, om praktijkervaring op te doen.
| Hospiteerde | Gehospiteerd
|
| Hossebossen | Hosseboste | Gehossebost
|
HosselenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hosselde, heeft gehosseld) 1 (informeel) scharrelen om aan eten of geld te komen.
| Hosselde | Gehosseld
|
HossenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hoste, heeft/is gehost) 1 in een rij springend en dansend voortgaan.
| Hoste | Gehost
|
HostenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hostte, heeft gehost) 1 (een website e.d.) via een netwerk oproepbaar maken.
| Hostte | Gehost
|
| Hotsen | Hotste | Gehotst
|
| Hotten | Hotte | Gehot
|
HoudenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; hield, heeft gehouden) 1 achten. (werkwoord; hield, heeft gehouden) 1 liefde, genegenheid voelen voor 2 gesteld zijn op, lusten. (onovergankelijk werkwoord; hield, heeft gehouden; houder) 1 vast blijven, in of op elkaar blijven zitten . (overgankelijk werkwoord; hield, heeft gehouden) 1 niet afstaan, blijven bezitten 2 vasthouden, niet loslaten 3 beletten door te gaan 4 tot zijn gebruik of genoegen in huis hebben 5 in de genoemde positie of toestand laten blijven 6 onderhouden, in acht nemen 7 (een evenement) laten plaatsvinden 8 beheren . (wederkerend werkwoord; hield zich, heeft zich gehouden) 1 de schijn aannemen van wat genoemd wordt.
In Spaans overeenkomend met: Mantener Contener Dar lugar a, Ocasionar Tener sBeleggen Bevatten Bijhouden Inhouden Teweegbrengen Uitschrijven Vasthouden Vervatten | Hield | Gehouden
|
HousenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; housete, heeft gehouset) 1 dansen op housemuziek.
| Housede | Gehoused
|
| Houtbewerken | |
|
HouthakkenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord) 1 bomen omhakken of fijnhakken.
| Hakte hout | Houtgehakt
|
| Houtsnijden | |
|
| Houtvlotten | |
|
HouwenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hieuw, heeft gehouwen) 1 (ook absoluut) met een groot, zwaar en scherp voorwerp slaan 2 door hakken vormen.
In Spaans overeenkomend met: Batir, Golpear, Pegar Cortar sHakken Kappen Klappen Kloppen Meppen Slaan | Hieuw | Gehouwen
|
| Hoven | Hoofde | Gehoofd
|
HovenierenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hovenierde, heeft gehovenierd) 1 de tuinbouw beoefenen 2 in de tuin werken.
| Hovenierde | Gehovenierd
|
HozenALLE betekenissen van dit woord: (onpersoonlijk werkwoord; hoosde, heeft gehoosd) 1 gieten, stortregenen. (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hoosde, heeft gehoosd) 1 (water) uit een vaartuig scheppen en het overboord gooien.
In Spaans overeenkomend met: Extraer, Sacar sOntlenen Putten Scheppen | Hoosde | Gehoosd
|
HuichelenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; huichelde, heeft gehuicheld; huichelaar) 1 de valse indruk trachten te wekken van.
| Huichelde | Gehuicheld
|
| Huidvetten | Huidvette | Gehuidvet
|
| Huilebalken | Huilebalkte | Gehuilebalkt
|
HuilenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; huilde, heeft gehuild; huiler) 1 (van mensen) tranen laten stromen als uiting van emoties 2 hoge, langgerekte, klagende geluiden voortbrengen.
In Spaans overeenkomend met: Gañir Aullar Llorar Ulular sKrijten Roepen Schreien Wenen | Huilde | Gehuild
|
HuishoudenALLE betekenissen van dit woord: (het; huishoudens) 1 geheel van zaken betreffende de dagelijkse zorg voor een woning en haar bewoners 2 persoon of groep personen die een huishouding voert. (onovergankelijk werkwoord; hield huis, heeft huisgehouden) 1 de huishouding doen 2 tekeergaan.
In Spaans overeenkomend met: Cuidar la casa, Llevar la casa sBeheren Besturen | Hield huis | Huisgehouden
|
HuisvestenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; huisvestte, heeft gehuisvest; huisvesting) 1 onderkomen verschaffen aan.
In Spaans overeenkomend met: Alojar, Cobijar sHerbergen | Huisvestte | Gehuisvest
|
| Huiven | Huifde | Gehuifd
|
HuiverenALLE betekenissen van dit woord: (werkwoord; huiverde, heeft gehuiverd) 1 terugschrikken voor. (onovergankelijk werkwoord; huiverde, heeft gehuiverd) 1 bibberen van kou, schrik of afkeer.
In Spaans overeenkomend met: Temblequear, Tiritar Estremecerse, Temblar sBeven Beven van de kou Bibberen Rillen Trillen | Huiverde | Gehuiverd
|
HuizenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; huisde, heeft gehuisd) 1 wonen 2 (van onstoffelijke zaken) aanwezig zijn.
In Spaans overeenkomend met: Habitar sGevestigd zijn Resideren Wonen | Huisde | Gehuisd
|
| Hukken | Hukte | Gehukt
|
HuldigenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; huldigde, heeft gehuldigd; huldiging) 1 eer bewijzen 2 erkennen als juist.
In Spaans overeenkomend met: Honrar sEren Vereren | Huldigde | Gehuldigd
|
HullenIn Spaans overeenkomend met: Enrollar sInwikkelen Omhullen Toestoppen Woelen | Hulde | Gehuld
|
| Hulpverlenen | Verleende hulp | Hulpverleend
|
HumaniserenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; humaniseerde, heeft gehumaniseerd; humanisering) 1 tot een zedelijk of beschaafd mens maken 2 humaan maken.
| Humaniseerde | Gehumaniseerd
|
HummenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; humde, heeft gehumd) 1 hum of hm zeggen.
| Humde | Gehumd
|
HunkerenIn Spaans overeenkomend met: Desear Anhelar, Añorar, Suspirar sHaken naar Reikhalzen Smachten Smachten naar Snakken naar Verlangen Zuchten Zuchten naar | Hunkerde | Gehunkerd
|
HuppelenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; huppelde, heeft/is gehuppeld) 1 zich onregelmatig dansend voortbewegen.
| Huppelde | Gehuppeld
|
HuppenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hupte, heeft/is gehupt) 1 met beide benen tegelijk springen.
| Hupte | Gehupt
|
| Hupsen | Hupste | Gehupst
|
HurenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; huurde, heeft gehuurd; huurder) 1 (iets) tegen betaling tijdelijk in gebruik nemen 2 (iem.) tijdelijk in dienst nemen.
In Spaans overeenkomend met: Arrendar Tomar a sueldo Alquilar, Tomar en alquiler sAannemen Aanwerven Afhuren Charteren In dienst nemen Tewerkstellen | Huurde | Gehuurd
|
HurkenALLE betekenissen van dit woord: (zelfstandig naamwoord, meervoud) ¶ alleen in verbindingen. (onovergankelijk werkwoord; hurkte, is gehurkt) 1 op de hurken zitten.
In Spaans overeenkomend met: Estar en agazapado, Estar en cuclillas sIn elkaar duiken | Hurkte | Gehurkt
|
HusselenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; husselde, heeft gehusseld) 1 hutselen.
| Husselde | Gehusseld
|
HutselenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hutselde, heeft gehutseld) 1 voortdurend schudden.
| Hutselde | Gehutseld
|
HutsenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord) zie hutselen.
| Hutste | Gehutst
|
HuwenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; huwde, is gehuwd) 1 (formeel) trouwen. (overgankelijk werkwoord; huwde, heeft gehuwd) 1 trouwen met.
In Spaans overeenkomend met: Desposarse sTrouwen | Huwde | Gehuwd
|
HydrerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hydreerde, heeft gehydreerd) 1 (de moleculen van een stof) waterstof doen opnemen zonder dat daarbij een andere stof afsplitst.
In Spaans overeenkomend met: Hidratar sInweken Vocht toevoegen aan | Hydreerde | Gehydreerd
|
HypenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hypete, heeft gehypet; hyper) 1 via de media tot hype maken.
| Hypete | Gehypet
|
HyperboliserenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord, ook absoluut; hyperboliseerde, heeft gehyperboliseerd; hyperbolisering) 1 overdrijven.
| Hyperboliseerde | Gehyperboliseerd
|
HyperventilerenALLE betekenissen van dit woord: (onovergankelijk werkwoord; hyperventileerde, heeft gehyperventileerd; hyperventilant, hyperventilatie) 1 te snel en te diep ademhalen waardoor hartkloppingen en benauwdheid ontstaan.
| Hyperventileerde | Gehyperventileerd
|
HypnotiserenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hypnotiseerde, heeft gehypnotiseerd; hypnotiseur, hypnotisering) 1 onder hypnose brengen.
In Spaans overeenkomend met: Hipnotizar sBiologeren | Hypnotiseerde | Gehypnotiseerd
|
HypostaserenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hypostaseerde, heeft gehypostaseerd) 1 (een abstractie) tot een zelfstandigheid verheffen.
| Hypostaseerde | Gehypostaseerd
|
HypothekerenALLE betekenissen van dit woord: (overgankelijk werkwoord; hypothekeerde, heeft gehypothekeerd) 1 als hypotheek of onderpand stellen 2 (in België) de realisering of het voortbestaan van iets bemoeilijken of in gevaar brengen.
| Hypothekeerde | Gehypothekeerd
|