Klein woordenboek Spaans-Nederlands en vv met 302438 woorden

Ga naar woordenboek gesorteerd op Nederlandse naam
Ir a diccionario clasificado en nombre holandés

Klik op de eerste letter van het gezochte Spaanse woord uit de rij aangeduid met 1e.
Indien de rij met 2e, 3e, 4e aanwezig is, kies dan ook de tweede, derde en vierde letter.
Elija el primer carácter de la palabra buscada de la fila indicada con 1e.
Cuando también hay una fila indicada con 2e, 3e, 4e, elija el segundo, tercer, cuarto carácter.

Laatst gewijzigd:       01 Sep 2010
Última Actualización: 01 Sep 2010

14-03-2007: Cinco militares argentinos fueron condenados a cadena perpetua por la desaparición y muerte de tres ítalo-argentinos durante la dictadura militar (1976-1983) que gobernó ese país sudamericano. Los condenados son el ex capitán Alfredo Astiz, conocido como el "Angel Rubio de la Muerte", los capitanes de navío Jorge Eduardo Acosta y Raúl Vildoza, así como el contralmirante Antonio Vañek y el prefecto naval Héctor Antonio Febres.

1e 0‑9A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z ß

2e 0‑9 a b c d e f g h i j k l m n o p q r st u v x y z

3ea b e h i kl mo r tu

4e- c dghi j lmn q r s uvx

5e ba

<-- Vorige/ AnteriorVolgende/ Siguiente -->

Spaans/españolNederlands/holandés
atatercera persona singular presente de indicativo del verbo 'atar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atar'
  sAte
1.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t knooptderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'knopen'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t striktderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'strikken'
2Ligar.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t bindt vastderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastbinden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t bindtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'binden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t maakt vastderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastmaken'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t sluit aanderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'aansluiten'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t verbindtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'verbinden'
¡ata!imperativo singular del verbo 'atar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atar'
  s¡Atad!
1.knoop!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'knopen'

ALLE betekenissen van het woord 'Knopen':
(overgankelijk werkwoord; knoopte, heeft geknoopt)
1 d.m.v. knopen vastmaken
2 vervaardigen uit band, touw enz. door hierin bepaalde knopen te leggen
strik!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'strikken'

ALLE betekenissen van het woord 'Strikken':
(overgankelijk werkwoord; strikte, heeft gestrikt)
1 (ook absoluut) (veters, een das) tot een strik binden
2 met, in een strik vangen
3 (iem.) overhalen iets te doen
2Ligar.bind vast!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'vastbinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Vastbinden':
(overgankelijk werkwoord; bond vast, heeft vastgebonden)
1 door binden vastmaken
bind!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'binden'

ALLE betekenissen van het woord 'Binden':
(onovergankelijk werkwoord; bond, heeft gebonden)
1 (van vloeistoffen) dik worden
(overgankelijk werkwoord; bond, heeft gebonden)
1 (ook absoluut) een band of verbinding tot stand brengen
2 (een touw of dergelijk voorwerp) door het leggen van een knoop vastmaken
3 vastmaken door middel van een touw dat geknoopt wordt
4 (iem.) boeien
5 (iem.) in zijn vrijheid beperken
6 (boeken) in katernen opnaaien en in een band zetten
7 door vastknopen doen ontstaan
8 (een vloeistof) dik maken
9 (muziek) twee of meer noten (op een muziekblad) met een boogje koppelen of (bij het spelen) in elkaar over laten lopen
10 (scheikunde) een verbinding aangaan met
maak vast!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'vastmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Vastmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte vast, heeft vastgemaakt; vastmaking)
1 maken dat iets vastzit
2 (in België, niet algemeen) op slot doen, sluiten
sluit aan!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'aansluiten'

ALLE betekenissen van het woord 'Aansluiten':
bij (werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten)
1 gaan meedoen met
(onovergankelijk werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten; aansluiting)
1 zonder gaping overgaan of verbonden zijn
2 (van personen) dicht achter anderen gaan staan of lopen
(overgankelijk werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten)
1 verbinden met een stroom- of telefoonnet, waterleiding enz.
2 aan iets of iemand doen sluiten zonder tussenruimte
verbind!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'verbinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Verbinden':
(overgankelijk werkwoord; verbond, heeft verbonden; verbinder, verbinding)
1 aan elkaar vastmaken
2 in samenhang brengen
3 (een patiënt, wond) behandelen door het aanbrengen van verband
4 telefonisch aansluiten
atabatercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
1.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t knooptederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'knopen'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
ik knoopteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'knopen'
Lettergrepen: ik knoop·te

ALLE betekenissen van het woord 'Knopen':
(overgankelijk werkwoord; knoopte, heeft geknoopt)
1 d.m.v. knopen vastmaken
2 vervaardigen uit band, touw enz. door hierin bepaalde knopen te leggen
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t striktederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'strikken'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
ik strikteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'strikken'
Lettergrepen: ik strik·te

ALLE betekenissen van het woord 'Strikken':
(overgankelijk werkwoord; strikte, heeft gestrikt)
1 (ook absoluut) (veters, een das) tot een strik binden
2 met, in een strik vangen
3 (iem.) overhalen iets te doen
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
2Ligar.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t bond vastderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastbinden'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
ik bond vasteerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastbinden'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Vastbinden':
(overgankelijk werkwoord; bond vast, heeft vastgebonden)
1 door binden vastmaken
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t bondderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'binden'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
ik bondeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'binden'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Binden':
(onovergankelijk werkwoord; bond, heeft gebonden)
1 (van vloeistoffen) dik worden
(overgankelijk werkwoord; bond, heeft gebonden)
1 (ook absoluut) een band of verbinding tot stand brengen
2 (een touw of dergelijk voorwerp) door het leggen van een knoop vastmaken
3 vastmaken door middel van een touw dat geknoopt wordt
4 (iem.) boeien
5 (iem.) in zijn vrijheid beperken
6 (boeken) in katernen opnaaien en in een band zetten
7 door vastknopen doen ontstaan
8 (een vloeistof) dik maken
9 (muziek) twee of meer noten (op een muziekblad) met een boogje koppelen of (bij het spelen) in elkaar over laten lopen
10 (scheikunde) een verbinding aangaan met
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t maakte vastderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastmaken'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
ik maakte vasteerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastmaken'
Lettergrepen: ik maak·te vast

ALLE betekenissen van het woord 'Vastmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte vast, heeft vastgemaakt; vastmaking)
1 maken dat iets vastzit
2 (in België, niet algemeen) op slot doen, sluiten
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t sloot aanderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'aansluiten'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
ik sloot aaneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'aansluiten'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Aansluiten':
bij (werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten)
1 gaan meedoen met
(onovergankelijk werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten; aansluiting)
1 zonder gaping overgaan of verbonden zijn
2 (van personen) dicht achter anderen gaan staan of lopen
(overgankelijk werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten)
1 verbinden met een stroom- of telefoonnet, waterleiding enz.
2 aan iets of iemand doen sluiten zonder tussenruimte
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t verbondderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'verbinden'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'
  sAtara
Atase
Até
Ató
Ligaba
Ligara
Ligase
Ligó
Ligué
ik verbondeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'verbinden'
Lettergrepen: ik ver·bond

ALLE betekenissen van het woord 'Verbinden':
(overgankelijk werkwoord; verbond, heeft verbonden; verbinder, verbinding)
1 aan elkaar vastmaken
2 in samenhang brengen
3 (een patiënt, wond) behandelen door het aanbrengen van verband
4 telefonisch aansluiten
atabaissegunda persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atar'
  sAtarais
Ataseis
Atasteis
1.jullie knooptentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'knopen'

ALLE betekenissen van het woord 'Knopen':
(overgankelijk werkwoord; knoopte, heeft geknoopt)
1 d.m.v. knopen vastmaken
2 vervaardigen uit band, touw enz. door hierin bepaalde knopen te leggen
jullie striktentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'strikken'

ALLE betekenissen van het woord 'Strikken':
(overgankelijk werkwoord; strikte, heeft gestrikt)
1 (ook absoluut) (veters, een das) tot een strik binden
2 met, in een strik vangen
3 (iem.) overhalen iets te doen
2Ligar.jullie bonden vasttweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastbinden'
Lettergrepen: jul·lie bon·den vast

ALLE betekenissen van het woord 'Vastbinden':
(overgankelijk werkwoord; bond vast, heeft vastgebonden)
1 door binden vastmaken
jullie bondentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'binden'
Lettergrepen: jul·lie bon·den

ALLE betekenissen van het woord 'Binden':
(onovergankelijk werkwoord; bond, heeft gebonden)
1 (van vloeistoffen) dik worden
(overgankelijk werkwoord; bond, heeft gebonden)
1 (ook absoluut) een band of verbinding tot stand brengen
2 (een touw of dergelijk voorwerp) door het leggen van een knoop vastmaken
3 vastmaken door middel van een touw dat geknoopt wordt
4 (iem.) boeien
5 (iem.) in zijn vrijheid beperken
6 (boeken) in katernen opnaaien en in een band zetten
7 door vastknopen doen ontstaan
8 (een vloeistof) dik maken
9 (muziek) twee of meer noten (op een muziekblad) met een boogje koppelen of (bij het spelen) in elkaar over laten lopen
10 (scheikunde) een verbinding aangaan met
jullie maakten vasttweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastmaken'

ALLE betekenissen van het woord 'Vastmaken':
(overgankelijk werkwoord; maakte vast, heeft vastgemaakt; vastmaking)
1 maken dat iets vastzit
2 (in België, niet algemeen) op slot doen, sluiten
jullie sloten aantweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'aansluiten'
Lettergrepen: jul·lie slo·ten aan

ALLE betekenissen van het woord 'Aansluiten':
bij (werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten)
1 gaan meedoen met
(onovergankelijk werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten; aansluiting)
1 zonder gaping overgaan of verbonden zijn
2 (van personen) dicht achter anderen gaan staan of lopen
(overgankelijk werkwoord; sloot aan, heeft aangesloten)
1 verbinden met een stroom- of telefoonnet, waterleiding enz.
2 aan iets of iemand doen sluiten zonder tussenruimte
jullie verbondentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'verbinden'
Lettergrepen: jul·lie ver·bon·den

ALLE betekenissen van het woord 'Verbinden':
(overgankelijk werkwoord; verbond, heeft verbonden; verbinder, verbinding)
1 aan elkaar vastmaken
2 in samenhang brengen
3 (een patiënt, wond) behandelen door het aanbrengen van verband
4 telefonisch aansluiten
atabalsustantivo
Plural es: atabales
(sustantivo). Instrumento musical de percusión con caja semiesférica metálica, cubierta con una piel tensa; es una variedad de tambor.
FAM. Timbalero, -a.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabal'
, el  w  sTimbal
paukzelfstandig naamwoord
Één lettergreep
Meervoud is: pauken

ALLE betekenissen van dit woord:
(de; pauken)
1 ketelvormig slaginstrument
, de  w
atabaleatercera persona singular presente de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalee
Piafa
Piafe
Tabalea
Tabalee
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stamptderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stampvoetderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t trappeltderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
¡atabalea!imperativo singular del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  s¡Atabalead!
¡Piafa!
¡Piafad!
¡Tabalea!
¡Tabalead!
stamp!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
stampvoet!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
trappel!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleabatercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleara
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stamptederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleara
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik stampteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: ik stamp·te

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleara
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stampvoettederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleara
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik stampvoetteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ik stamp·voet·te

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleara
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t trappeldederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleara
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik trappeldeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: ik trap·pel·de

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleabaissegunda persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalearais
Atabaleaseis
Atabaleasteis
Piafabais
Piafarais
Piafaseis
Piafasteis
Tabaleabais
Tabalearais
Tabaleaseis
Tabaleasteis
jullie stamptentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie stampvoettentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie trappeldentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleábamosprimera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleamos
Atabaleáramos
Atabaleásemos
Piafábamos
Piafamos
Piafáramos
Piafásemos
Tabaleábamos
Tabaleamos
Tabaleáramos
Tabaleásemos
wij/we stampteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
wij/we stampvoetteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
wij/we trappeldeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleabantercera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalearan
Atabalearon
Atabaleasen
Piafaban
Piafaran
Piafaron
Piafasen
Tabaleaban
Tabalearan
Tabalearon
Tabaleasen
zij/ze stamptenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze stampvoettenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze trappeldenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleabassegunda persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalearas
Atabaleases
Atabaleaste
Piafabas
Piafaras
Piafases
Piafaste
Tabaleabas
Tabalearas
Tabaleases
Tabaleaste
jij/je stamptetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je stampvoettetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je trappeldetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
¡atabalead!imperativo plural del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  s¡Atabalea!
¡Piafa!
¡Piafad!
¡Tabalea!
¡Tabalead!
stamp!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
stampvoet!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
trappel!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleadaforma conjugada (femenino singular) del participio pasado del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleadas
Atabaleado
Atabaleados
Piafada
Piafadas
Piafado
Piafados
Tabaleada
Tabaleadas
Tabaleado
Tabaleados
gestamptregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: ge·stampt

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
gestampvoetregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ge·stamp·voet

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
getrappeldregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: ge·trap·peld

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleadasforma conjugada (femenino plural) del participio pasado del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleada
Atabaleado
Atabaleados
Piafada
Piafadas
Piafado
Piafados
Tabaleada
Tabaleadas
Tabaleado
Tabaleados
gestamptregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: ge·stampt

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
gestampvoetregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ge·stamp·voet

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
getrappeldregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: ge·trap·peld

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleadoparticipio pasado del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleada
Atabaleadas
Atabaleados
Piafada
Piafadas
Piafado
Piafados
Tabaleada
Tabaleadas
Tabaleado
Tabaleados
gestamptregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: ge·stampt

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
gestampvoetregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ge·stamp·voet

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
getrappeldregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: ge·trap·peld

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleadosforma conjugada (masculino plural) del participio pasado del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleada
Atabaleadas
Atabaleado
Piafada
Piafadas
Piafado
Piafados
Tabaleada
Tabaleadas
Tabaleado
Tabaleados
gestamptregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: ge·stampt

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
gestampvoetregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ge·stamp·voet

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
getrappeldregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: ge·trap·peld

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleáissegunda persona plural presente de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleéis
Piafáis
Piaféis
Tabaleáis
Tabaleéis
jullie stampentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: jul·lie stam·pen

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie stampvoetentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: jul·lie stamp·voe·ten

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie trappelentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: jul·lie trap·pe·len

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleamosprimera persona plural presente de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleábamos
Atabaleáramos
Atabaleásemos
Atabaleemos
Piafábamos
Piafamos
Piafáramos
Piafásemos
Piafemos
Tabaleábamos
Tabaleamos
Tabaleáramos
Tabaleásemos
Tabaleemos
wij/we stampeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
  _primera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleábamos
Atabaleáramos
Atabaleásemos
Atabaleemos
Piafábamos
Piafamos
Piafáramos
Piafásemos
Piafemos
Tabaleábamos
Tabaleamos
Tabaleáramos
Tabaleásemos
Tabaleemos
wij/we stampteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleábamos
Atabaleáramos
Atabaleásemos
Atabaleemos
Piafábamos
Piafamos
Piafáramos
Piafásemos
Piafemos
Tabaleábamos
Tabaleamos
Tabaleáramos
Tabaleásemos
Tabaleemos
wij/we stampvoeteneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
  _primera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleábamos
Atabaleáramos
Atabaleásemos
Atabaleemos
Piafábamos
Piafamos
Piafáramos
Piafásemos
Piafemos
Tabaleábamos
Tabaleamos
Tabaleáramos
Tabaleásemos
Tabaleemos
wij/we stampvoetteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
wij/we trappeldeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleábamos
Atabaleáramos
Atabaleásemos
Atabaleemos
Piafábamos
Piafamos
Piafáramos
Piafásemos
Piafemos
Tabaleábamos
Tabaleamos
Tabaleáramos
Tabaleásemos
Tabaleemos
wij/we trappeleneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleantercera persona plural presente de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleen
Piafan
Piafen
Tabalean
Tabaleen
zij/ze stampenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze stampvoetenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze trappelenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleandogerundio del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sPiafando
Tabaleando
stampendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
stampvoetendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
trappelendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabalearinfinitivo de un verbo
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  D  sPiafar
Tabalear
  ci
conjugaciones del INDICATIVO
PresentePréterito indefinido
AtabaleoAtabaleé
AtabaleasAtabaleaste
AtabaleaAtabaleó
AtabaleamosAtabaleamos
AtabaleáisAtabaleasteis
AtabaleanAtabalearon
Futuro/CondicionalPréterito imperfecto 
AtabalearéíaAtabaleaba
AtabalearásíasAtabaleabas
AtabalearáíaAtabaleaba
AtabalearemosíamosAtabaleábamos
AtabalearéisíaisAtabaleabais
AtabalearáníanAtabaleaban
  cs
conjugaciones del SUBJUNTIVO
PresentePréterito imperfect ra
AtabaleeAtabaleara
AtabaleesAtabalearas
AtabaleeAtabaleara
AtabaleemosAtabaleáramos
AtabaleéisAtabalearais
AtabaleenAtabalearan
FuturoPréterito imperfecto se
AtabaleareAtabalease
AtabalearesAtabaleases
AtabaleareAtabalease
AtabaleáremosAtabaleásemos
AtabaleareisAtabaleaseis
AtabalearenAtabaleasen
  cp
conjugaciones del IMPERATIVO
afirmativonegativo
Atabalea(tú)No atabalees
Atabalee(usted)No atabalee
Atabalead(vosotros)No atabaleéis
Atabaleen(ustedes)No atabaleen
Formas impersonales
participio pasado    Gerundio
AtabaleadoAtabaleando
stampenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: stam·pen
Verbuiging:
stampen - stampte - gestampt


ALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
  w
stampvoetenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: stamp·voe·ten
Verbuiging:
stampvoeten - stampvoette - gestampvoet


ALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
trappelenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: trap·pe·len
Verbuiging:
trappelen - trappelde - getrappeld


ALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabalearatercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleaba
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stamptederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik stampteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: ik stamp·te

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stampvoettederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik stampvoetteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ik stamp·voet·te

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t trappeldederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabalease
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik trappeldeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: ik trap·pel·de

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabalearátercera persona singular futuro de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleare
Piafará
Piafare
Tabaleará
Tabaleare
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal stampenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal stampvoetenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal trappelenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearaissegunda persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleabais
Atabaleaseis
Atabaleasteis
Piafabais
Piafarais
Piafaseis
Piafasteis
Tabaleabais
Tabalearais
Tabaleaseis
Tabaleasteis
jullie stamptentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie stampvoettentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie trappeldentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleáramosprimera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleábamos
Atabaleamos
Atabaleásemos
Piafábamos
Piafamos
Piafáramos
Piafásemos
Tabaleábamos
Tabaleamos
Tabaleáramos
Tabaleásemos
wij/we stampteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
wij/we stampvoetteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
wij/we trappeldeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearantercera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleaban
Atabalearon
Atabaleasen
Piafaban
Piafaran
Piafaron
Piafasen
Tabaleaban
Tabalearan
Tabalearon
Tabaleasen
zij/ze stamptenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze stampvoettenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze trappeldenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearántercera persona plural futuro de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalearen
Piafarán
Piafaren
Tabalearán
Tabalearen
zij/ze zullen stampenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze zullen stampvoetenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze zullen trappelenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearassegunda persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleabas
Atabaleases
Atabaleaste
Piafabas
Piafaras
Piafases
Piafaste
Tabaleabas
Tabalearas
Tabaleases
Tabaleaste
jij/je stamptetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je stampvoettetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je trappeldetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearássegunda persona singular futuro de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleares
Piafarás
Piafares
Tabalearás
Tabaleares
jij/je zal stampentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je zal stampvoetentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je zal trappelentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearetercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleará
Atabalearé
Piafará
Piafare
Piafaré
Tabaleará
Tabaleare
Tabalearé
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal stampenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleará
Atabalearé
Piafará
Piafare
Piafaré
Tabaleará
Tabaleare
Tabalearé
ik zal stampeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleará
Atabalearé
Piafará
Piafare
Piafaré
Tabaleará
Tabaleare
Tabalearé
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal stampvoetenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleará
Atabalearé
Piafará
Piafare
Piafaré
Tabaleará
Tabaleare
Tabalearé
ik zal stampvoeteneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleará
Atabalearé
Piafará
Piafare
Piafaré
Tabaleará
Tabaleare
Tabalearé
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zal trappelenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleará
Atabalearé
Piafará
Piafare
Piafaré
Tabaleará
Tabaleare
Tabalearé
ik zal trappeleneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabalearéprimera persona singular futuro de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleare
Piafare
Piafaré
Tabaleare
Tabalearé
ik zal stampeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
ik zal stampvoeteneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
ik zal trappeleneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleareissegunda persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalearéis
Piafareis
Piafaréis
Tabaleareis
Tabalearéis
jullie zullen stampentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len stam·pen

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie zullen stampvoetentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: jul·lie zul·len stamp·voe·ten

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie zullen trappelentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len trap·pe·len

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabalearéissegunda persona plural futuro de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleareis
Piafareis
Piafaréis
Tabaleareis
Tabalearéis
jullie zullen stampentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len stam·pen

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie zullen stampvoetentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: jul·lie zul·len stamp·voe·ten

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie zullen trappelentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len trap·pe·len

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabalearemosprimera persona plural futuro de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleáremos
Piafaremos
Piafáremos
Tabalearemos
Tabaleáremos
wij/we zullen stampeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
wij/we zullen stampvoeteneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
wij/we zullen trappeleneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleáremosprimera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalearemos
Piafaremos
Piafáremos
Tabalearemos
Tabaleáremos
wij/we zullen stampeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
wij/we zullen stampvoeteneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
wij/we zullen trappeleneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearentercera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalearán
Piafarán
Piafaren
Tabalearán
Tabalearen
zij/ze zullen stampenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze zullen stampvoetenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze zullen trappelenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearessegunda persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalearás
Piafarás
Piafares
Tabalearás
Tabaleares
jij/je zal stampentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je zal stampvoetentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je zal trappelentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearíatercera persona singular condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sPiafaría
Tabalearía
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zou stampenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
  _primera persona singular condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sPiafaría
Tabalearía
ik zou stampeneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
  _tercera persona singular condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sPiafaría
Tabalearía
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zou stampvoetenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
  _primera persona singular condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sPiafaría
Tabalearía
ik zou stampvoeteneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
  _tercera persona singular condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sPiafaría
Tabalearía
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t zou trappelenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
  _primera persona singular condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sPiafaría
Tabalearía
ik zou trappeleneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabalearíaissegunda persona plural condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sPiafaríais
Tabalearíais
jullie zouden stampentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: jul·lie zou·den stam·pen

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie zouden stampvoetentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: jul·lie zou·den stamp·voe·ten

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie zouden trappelentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: jul·lie zou·den trap·pe·len

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabalearíamosprimera persona plural condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sPiafaríamos
Tabalearíamos
wij/we zouden stampeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
wij/we zouden stampvoeteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
wij/we zouden trappeleneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearíantercera persona plural condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sPiafarían
Tabalearían
zij/ze zouden stampenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze zouden stampvoetenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze zouden trappelenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearíassegunda persona singular condicional del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sPiafarías
Tabalearías
jij/je zou stampentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je zou stampvoetentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je zou trappelentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalearontercera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleaban
Atabalearan
Atabaleasen
Piafaban
Piafaran
Piafaron
Piafasen
Tabaleaban
Tabalearan
Tabalearon
Tabaleasen
zij/ze stamptenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze stampvoettenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze trappeldenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleassegunda persona singular presente de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalees
Piafas
Piafes
Tabaleas
Tabalees
jij/je stampttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je stampvoettweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je trappelttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleasetercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleaba
Atabaleara
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stamptederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabaleara
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik stampteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: ik stamp·te

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabaleara
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stampvoettederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabaleara
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik stampvoetteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ik stamp·voet·te

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabaleara
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t trappeldederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabaleaba
Atabaleara
Atabaleé
Atabaleó
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
Tabaleó
ik trappeldeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: ik trap·pel·de

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleaseissegunda persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleabais
Atabalearais
Atabaleasteis
Piafabais
Piafarais
Piafaseis
Piafasteis
Tabaleabais
Tabalearais
Tabaleaseis
Tabaleasteis
jullie stamptentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie stampvoettentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie trappeldentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleásemosprimera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleábamos
Atabaleamos
Atabaleáramos
Piafábamos
Piafamos
Piafáramos
Piafásemos
Tabaleábamos
Tabaleamos
Tabaleáramos
Tabaleásemos
wij/we stampteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
wij/we stampvoetteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
wij/we trappeldeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleasentercera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleaban
Atabalearan
Atabalearon
Piafaban
Piafaran
Piafaron
Piafasen
Tabaleaban
Tabalearan
Tabalearon
Tabaleasen
zij/ze stamptenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze stampvoettenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze trappeldenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleasessegunda persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleabas
Atabalearas
Atabaleaste
Piafabas
Piafaras
Piafases
Piafaste
Tabaleabas
Tabalearas
Tabaleases
Tabaleaste
jij/je stamptetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je stampvoettetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je trappeldetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleastesegunda persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleabas
Atabalearas
Atabaleases
Piafabas
Piafaras
Piafases
Piafaste
Tabaleabas
Tabalearas
Tabaleases
Tabaleaste
jij/je stamptetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je stampvoettetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je trappeldetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleasteissegunda persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleabais
Atabalearais
Atabaleaseis
Piafabais
Piafarais
Piafaseis
Piafasteis
Tabaleabais
Tabalearais
Tabaleaseis
Tabaleasteis
jullie stamptentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie stampvoettentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie trappeldentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleetercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalea
Atabaleo
Piafa
Piafe
Piafo
Tabalea
Tabalee
Tabaleo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stamptderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stampvoetderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabalea
Atabaleo
Piafa
Piafe
Piafo
Tabalea
Tabalee
Tabaleo
ik stampvoeteerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ik stamp·voet

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
ik stampeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
  _tercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabalea
Atabaleo
Piafa
Piafe
Piafo
Tabalea
Tabalee
Tabaleo
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t trappeltderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.
  sAtabalea
Atabaleo
Piafa
Piafe
Piafo
Tabalea
Tabalee
Tabaleo
ik trappeleerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleéprimera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleaba
Atabaleara
Atabalease
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafé
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleé
ik stampteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: ik stamp·te

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
ik stampvoetteeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ik stamp·voet·te

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
ik trappeldeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: ik trap·pel·de

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
¡atabalee!imperativo singular del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  s¡Atabaleen!
¡Piafe!
¡Piafen!
¡Tabalee!
¡Tabaleen!
stampt u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
stampvoet u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
trappelt u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleéissegunda persona plural presente de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleáis
Piafáis
Piaféis
Tabaleáis
Tabaleéis
jullie stampentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Lettergrepen: jul·lie stam·pen

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
jullie stampvoetentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: jul·lie stamp·voe·ten

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
jullie trappelentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
Lettergrepen: jul·lie trap·pe·len

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleemosprimera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleamos
Piafamos
Piafemos
Tabaleamos
Tabaleemos
wij/we stampeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
wij/we stampvoeteneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
wij/we trappeleneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleentercera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalean
Piafan
Piafen
Tabalean
Tabaleen
zij/ze stampenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
zij/ze stampvoetenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
zij/ze trappelenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
¡atabaleen!imperativo plural del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  s¡Atabalee!
¡Piafe!
¡Piafen!
¡Tabalee!
¡Tabaleen!
stampt u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'stampen'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
stampvoet u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'stampvoeten'

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
trappelt u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleessegunda persona singular presente de subjuntivo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleas
Piafas
Piafes
Tabaleas
Tabalees
jij/je stampttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampen'
jij/je stampvoettweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
jij/je trappelttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabaleoprimera persona singular presente de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabalee
Piafe
Piafo
Tabalee
Tabaleo
ik stampvoeteerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
Lettergrepen: ik stamp·voet

ALLE betekenissen van het woord 'Stampvoeten':
(onovergankelijk werkwoord; stampvoette, heeft gestampvoet; stampvoeter)
1 met de voeten hard op de grond stoten
ik stampeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
Één lettergreep

ALLE betekenissen van het woord 'Stampen':
(onovergankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 met de voet of een voorwerp krachtig op de grond stoten
2 (van machines) dreunend stoten en schokken
3 (van varende schepen) schommelen om de breedteas, waarbij de boeg diep in de golven steekt
4 (in België) trappen, schoppen
5 (wielersport) stoempen
(overgankelijk werkwoord; stampte, heeft gestampt)
1 door stoten kleiner of fijner maken
2 door stoten van de bolster ontdoen
3 door te stampen in genoemde toestand brengen
ik trappeleerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'

ALLE betekenissen van het woord 'Trappelen':
(onovergankelijk werkwoord; trappelde, heeft getrappeld; trappeling)
1 in vlug tempo de benen beurtelings optrekken en weer uitstrekken
atabaleótercera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'atabalear'
(verbo intransitivo). Golpear el caballo el suelo con las patas delanteras cuando está parado, generalmente manifestando impaciencia o cólera. SIN. Patear, escarbar.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabalear'
  sAtabaleaba
Atabaleara
Atabalease
Piafaba
Piafara
Piafase
Piafó
Tabaleaba
Tabaleara
Tabalease
Tabaleó
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stamptederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampen'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t stampvoettederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'stampvoeten'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t trappeldederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'trappelen'
atabalessustantivo plural de la palabra: Atabal
(sustantivo). Instrumento musical de percusión con caja semiesférica metálica, cubierta con una piel tensa; es una variedad de tambor.
FAM. Timbalero, -a.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atabal'
, los  w  sTimbales
paukenMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Pauk
Lettergrepen: pau·ken

ALLE betekenissen van dit woord:
(onovergankelijk werkwoord; paukte, heeft gepaukt)
1 de pauken slaan
, de  w
atábamosprimera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atar'
  sAtamos
Atáramos
Atásemos
1.wij/we knoopteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'knopen'
wij/we strikteneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'strikken'
2Ligar.wij/we bonden vasteerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastbinden'
wij/we bondeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'binden'
wij/we maakten vasteerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastmaken'
wij/we sloten aaneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'aansluiten'
wij/we verbondeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'verbinden'
atabantercera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atar'
  sAtaran
Ataron
Atasen
1.zij/ze knooptenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'knopen'
zij/ze striktenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'strikken'
2Ligar.zij/ze bonden vastderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastbinden'
zij/ze bondenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'binden'
zij/ze maakten vastderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastmaken'
zij/ze sloten aanderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'aansluiten'
zij/ze verbondenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'verbinden'
atabassegunda persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'atar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'atar'
  sAtaras
Atases
Ataste
1.jij/je knooptetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'knopen'
jij/je striktetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'strikken'
2Ligar.jij/je bond vasttweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastbinden'
jij/je bondtweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'binden'
jij/je maakte vasttweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'vastmaken'
jij/je sloot aantweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'aansluiten'
jij/je verbondtweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'verbinden'

1e 0‑9A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z ß

2e 0‑9 a b c d e f g h i j k l m n o p q r st u v x y z

3ea b e h i kl mo r tu

4e- c dghi j lmn q r s uvx

5e ba

<-- Vorige/ AnteriorVolgende/ Siguiente -->

boven