Klein woordenboek Spaans-Nederlands en vv met 339183 woorden

Ga naar woordenboek Nederlands-Spaans; Ir a diccionario holandés-español.

Klik op de eerste letter van het gezochte Spaanse woord uit de rij aangeduid met 1e. Indien de rij met 2e, 3e, 4e etc. aanwezig is, kies dan ook de tweede, derde, vierde ... letter.
Elija el primer carácter de la palabra española buscada de la fila indicada con 1e. Cuando también hay una fila indicada con 2e, 3e, 4e, etc. elija el segundo, tercer, cuarto ... carácter.

Laatst gewijzigd:   29 Oct 2012  ; última actualización: 29 Oct 2012.

Tenerife, isla de la primavera eterna

1e 0‑9 A B C D E F G H I J K L M N Ñ O P Q R S TU V W X Y Z ß

2e- c dfgij l m n r s t v xz

3e ag al ap ba be bi br bu

<-- Vorige/ Anteriorpalabras de
woorden van
U ..... UBUNTUVolgende/ Siguiente -->

Spaans/españolNederlands/holandés
uconjunción

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'u'
  w  sO
ofvoegwoord
Één lettergreep

ALLE betekenissen van dit woord:
(onderschikkend voegwoord)
1 in tegenstellend zinsverband, bij meer dan één mogelijkheid
2 oftewel
3 zo niet, dan
4 na een ontkenning als inleiding van de vervolgzin in een balansschikking
5 ongeveer.
(nevenschikkend voegwoord)
1 als inleiding van een bijzin waarvan de inhoud nog onzeker is
2 toegevend
3 alsof
4 (informeel) na een vraagwoord
5 bij verzwegen hoofdzin
6 als sterke bevestiging.
  wn
UagadugúNombre (o por antonomasia)
Uagadugú. Capital de Burkina Faso.
  w
Ouagadougoueigennaam (of antonomasie)
  w
ualabisustantivo
  w  f
wallabyzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: wal·la·by
is een klein soort Kangoeroe.
, de  w
uapitísustantivo
m. zool. Mamífero rumiante de la familia de los cérvidos, de mayor tamaño que el ciervo europeo, que vive en Alaska y Siberia.
  w
wapitizelfstandig naamwoord
  w
UbanguiNombre (o por antonomasia)
(francés Oubangui [pronunciación: /ubanguí/]), río del centro de África (Congo y República Centroafricana), de 1,100 km; desemboca en el río Congo.
  w
Ubanguieigennaam (of antonomasie)
  w
ÚbedaNombre (o por antonomasia)
ciudad del S de España, a 35 km al NE de Jaén; gentilicio: ubetense.
  w
Úbedaeigennaam (of antonomasie)
  w
ubicatercera persona singular presente de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbique
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lokaliseertderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze bevindt zichderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze ligtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
¡ubica!imperativo singular del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Ubicad!
1Ubicación.lokaliseer!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
bevind je!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
lig!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicabatercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicara
Ubicase
Ubicó
Ubiqué
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lokaliseerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'ubicar'
  sUbicara
Ubicase
Ubicó
Ubiqué
ik lokaliseerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: ik lo·ka·li·seer·de

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
ik bevond meeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: ik be·vond me

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  _tercera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'ubicar'
  sEstaba
Estuve
Estuviera
Estuviese
Estuvo
Me ubicaba
Me ubicara
Me ubicase
Me ubiqué
Se ubicaba
Se ubicara
Se ubicase
Se ubicó
Ubicara
Ubicase
Ubicó
Ubiqué
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze bevond zichderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lagderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
  _primera persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'ubicar'
  sEstaba
Estuve
Estuviera
Estuviese
Estuvo
Me ubicaba
Me ubicara
Me ubicase
Me ubiqué
Se ubicaba
Se ubicara
Se ubicase
Se ubicó
Ubicara
Ubicase
Ubicó
Ubiqué
ik lageerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicabaissegunda persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicarais
Ubicaseis
Ubicasteis
1Ubicación.jullie lokaliseerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie bevonden jetweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie be·von·den je

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie lagentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie la·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicábamosprimera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicamos
Ubicáramos
Ubicásemos
1Ubicación.wij/we lokaliseerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
wij/we bevonden onseerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
wij/we lageneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicabantercera persona plural preterito imperfecto de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaran
Ubicaron
Ubicasen
1Ubicación.zij/ze lokaliseerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze bevonden zichderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze lagenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicabassegunda persona singular preterito imperfecto de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaras
Ubicases
Ubicaste
1Ubicación.jij/je lokaliseerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je bevond jetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je lagtweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicaciónsustantivo
(Acción y efecto de ubicar)
Esta palabra no tiene plural

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicación'
, la
1.lokaliserenzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: lo·ka·li·se·ren
Dit woord heeft geen meervoud

ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
, het
2.liggenzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: lig·gen
Dit woord heeft geen meervoud

ALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
, het  wn
¡ubicad!imperativo plural del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Ubica!
1Ubicación.lokaliseer!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
bevind je!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
lig!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicadaforma conjugada (femenino singular) del participio pasado del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicadas
Ubicado
Ubicados
1Ubicación.gelokaliseerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: ge·lo·ka·li·seerd

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
gelegenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: ge·le·gen

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; meer gelegen, meest gelegen)
1 geschikt voor datgene waarvan sprake is.
  wn
zich bevondenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'bevinden'
Lettergrepen: zich be·von·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  wn
ubicadasforma conjugada (femenino plural) del participio pasado del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicada
Ubicado
Ubicados
1Ubicación.gelokaliseerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: ge·lo·ka·li·seerd

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
gelegenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: ge·le·gen

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; meer gelegen, meest gelegen)
1 geschikt voor datgene waarvan sprake is.
  wn
zich bevondenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'bevinden'
Lettergrepen: zich be·von·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  wn
ubicadoparticipio pasado del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicada
Ubicadas
Ubicados
1Ubicación.gelokaliseerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: ge·lo·ka·li·seerd

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
gelegenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: ge·le·gen

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; meer gelegen, meest gelegen)
1 geschikt voor datgene waarvan sprake is.
  wn
zich bevondenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'bevinden'
Lettergrepen: zich be·von·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  wn
ubicadosforma conjugada (masculino plural) del participio pasado del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicada
Ubicadas
Ubicado
1Ubicación.gelokaliseerdregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: ge·lo·ka·li·seerd

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
gelegenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: ge·le·gen

ALLE betekenissen van dit woord:
(bijvoeglijk naamwoord; meer gelegen, meest gelegen)
1 geschikt voor datgene waarvan sprake is.
  wn
zich bevondenonregelmatig voltooid deelwoord van het werkwoord 'bevinden'
Lettergrepen: zich be·von·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  wn
ubicáissegunda persona plural presente de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbiquéis
1Ubicación.jullie lokaliserentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: jul·lie lo·ka·li·se·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie bevinden jetweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie be·vin·den je

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie liggentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie lig·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicamosprimera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicábamos
Ubicáramos
Ubicásemos
Ubiquemos
1Ubicación.wij/we lokaliseerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'ubicar'
  sUbicábamos
Ubicáramos
Ubicásemos
Ubiquemos
wij/we lokalisereneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
wij/we bevinden onseerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
  _primera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'ubicar'
  sEstábamos
Estamos
Estemos
Estuviéramos
Estuviésemos
Estuvimos
Nos ubicábamos
Nos ubicamos
Nos ubicáramos
Nos ubicásemos
Nos ubiquemos
Ubicábamos
Ubicáramos
Ubicásemos
Ubiquemos
wij/we bevonden onseerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
wij/we lageneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
  _primera persona plural presente de indicativo del verbo 'ubicar'
  sEstábamos
Estamos
Estemos
Estuviéramos
Estuviésemos
Estuvimos
Nos ubicábamos
Nos ubicamos
Nos ubicáramos
Nos ubicásemos
Nos ubiquemos
Ubicábamos
Ubicáramos
Ubicásemos
Ubiquemos
wij/we liggeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicantercera persona plural presente de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbiquen
1Ubicación.zij/ze lokaliserenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze bevinden zichderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze liggenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicandogerundio del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
1Ubicación.lokaliserendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zich bevindendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
liggendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: lig·gend

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicándomegerundio del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sEstando
Ubicando
Ubicándonos
Ubicándoos
Ubicándose
Ubicándote
me bevindendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
liggendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: lig·gend

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicándonosgerundio del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sEstando
Ubicando
Ubicándome
Ubicándoos
Ubicándose
Ubicándote
ons bevindendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
liggendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: lig·gend

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicándoosgerundio del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sEstando
Ubicando
Ubicándome
Ubicándonos
Ubicándose
Ubicándote
je bevindendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
liggendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: lig·gend

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicándosegerundio del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sEstando
Ubicando
Ubicándome
Ubicándonos
Ubicándoos
Ubicándote
zich bevindendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
liggendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: lig·gend

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicándotegerundio del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sEstando
Ubicando
Ubicándome
Ubicándonos
Ubicándoos
Ubicándose
je bevindendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
liggendonvoltooid deelwoord van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: lig·gend

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
¡ubicaos!imperativo plural del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Está!
¡Estad!
¡Ubica!
¡Ubicad!
¡Ubícate!
bevind je!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
lig!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicarinfinitivo de un verbo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  ci
conjugaciones del INDICATIVO
PresentePréterito indefinido
UbicoUbiqué
UbicasUbicaste
UbicaUbicó
UbicamosUbicamos
UbicáisUbicasteis
UbicanUbicaron
Futuro/CondicionalPréterito imperfecto 
UbicaréíaUbicaba
UbicarásíasUbicabas
UbicaráíaUbicaba
UbicaremosíamosUbicábamos
UbicaréisíaisUbicabais
UbicaráníanUbicaban
  cs
conjugaciones del SUBJUNTIVO
PresentePréterito imperfect ra
UbiqueUbicara
UbiquesUbicaras
UbiqueUbicara
UbiquemosUbicáramos
UbiquéisUbicarais
UbiquenUbicaran
FuturoPréterito imperfecto se
UbicareUbicase
UbicaresUbicases
UbicareUbicase
UbicáremosUbicásemos
UbicareisUbicaseis
UbicarenUbicasen
  cp
conjugaciones del IMPERATIVO
afirmativonegativo
Ubica(tú)No ubiques
Ubique(usted)No ubique
Ubiquemos(nosotros)No ubiquemos
Ubicad(vosotros)No ubiquéis
Ubiquen(ustedes)No ubiquen
Formas impersonales
participio pasado    Gerundio
UbicadoUbicando
1Ubicación.lokaliserenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: lo·ka·li·se·ren
Verbuiging:
lokaliseren - lokaliseerde - gelokaliseerd


ALLE betekenissen van dit woord:
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zich bevindenwerkwoordsvorm
Lettergrepen: zich be·vin·den
Verbuiging:
zich bevinden - bevond zich - zich bevonden


ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
liggenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: lig·gen
Verbuiging:
liggen - lag - gelegen


ALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
zich bevindenwerkwoordsvorm
Lettergrepen: zich be·vin·den
Verbuiging:
zich bevinden - bevond zich - zich bevonden


ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ubicaratercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaba
Ubicase
Ubicó
Ubiqué
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lokaliseerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'ubicar'
  sUbicaba
Ubicase
Ubicó
Ubiqué
ik lokaliseerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: ik lo·ka·li·seer·de

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
ik bevond meeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: ik be·vond me

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'ubicar'
  sEstaba
Estuve
Estuviera
Estuviese
Estuvo
Me ubicaba
Me ubicara
Me ubicase
Me ubiqué
Se ubicaba
Se ubicara
Se ubicase
Se ubicó
Ubicaba
Ubicase
Ubicó
Ubiqué
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze bevond zichderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lagderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'ubicar'
  sEstaba
Estuve
Estuviera
Estuviese
Estuvo
Me ubicaba
Me ubicara
Me ubicase
Me ubiqué
Se ubicaba
Se ubicara
Se ubicase
Se ubicó
Ubicaba
Ubicase
Ubicó
Ubiqué
ik lageerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicarátercera persona singular futuro de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicare
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal lokaliserenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal zich bevindenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal liggenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicaraissegunda persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicabais
Ubicaseis
Ubicasteis
1Ubicación.jullie lokaliseerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie bevonden jetweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie be·von·den je

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie lagentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie la·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicáramosprimera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicábamos
Ubicamos
Ubicásemos
1Ubicación.wij/we lokaliseerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
wij/we bevonden onseerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
wij/we lageneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicarantercera persona plural preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaban
Ubicaron
Ubicasen
1Ubicación.zij/ze lokaliseerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze bevonden zichderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze lagenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicarántercera persona plural futuro de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaren
1Ubicación.zij/ze zullen lokaliserenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze zullen zich bevindenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze zullen liggenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicarassegunda persona singular preterito de subjuntivo (ra) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicabas
Ubicases
Ubicaste
1Ubicación.jij/je lokaliseerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je bevond jetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je lagtweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicarássegunda persona singular futuro de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicares
1Ubicación.jij/je zal lokaliserentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je zal je bevindentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je zal liggentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicaretercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicará
Ubicaré
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal lokaliserenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'
  sUbicará
Ubicaré
ik zal lokalisereneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'
  sEstará
Estaré
Estuviere
Me ubicare
Me ubicaré
Se ubicará
Se ubicare
Ubicará
Ubicaré
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal zich bevindenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'
  sEstará
Estaré
Estuviere
Me ubicare
Me ubicaré
Se ubicará
Se ubicare
Ubicará
Ubicaré
ik zal me bevindeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  _tercera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'
  sEstará
Estaré
Estuviere
Me ubicare
Me ubicaré
Se ubicará
Se ubicare
Ubicará
Ubicaré
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zal liggenderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
  _primera persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'
  sEstará
Estaré
Estuviere
Me ubicare
Me ubicaré
Se ubicará
Se ubicare
Ubicará
Ubicaré
ik zal liggeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicaréprimera persona singular futuro de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicare
1Ubicación.ik zal lokalisereneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
ik zal me bevindeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ik zal liggeneerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicareissegunda persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaréis
1Ubicación.jullie zullen lokaliserentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: jul·lie zul·len lo·ka·li·se·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie zullen je bevindentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie zul·len je be·vin·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie zullen liggentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len lig·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicaréissegunda persona plural futuro de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicareis
1Ubicación.jullie zullen lokaliserentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: jul·lie zul·len lo·ka·li·se·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie zullen je bevindentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie zul·len je be·vin·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie zullen liggentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie zul·len lig·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicaremosprimera persona plural futuro de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicáremos
1Ubicación.wij/we zullen lokalisereneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
wij/we zullen ons bevindeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
wij/we zullen liggeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicáremosprimera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaremos
1Ubicación.wij/we zullen lokalisereneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
wij/we zullen ons bevindeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
wij/we zullen liggeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicarentercera persona plural futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicarán
1Ubicación.zij/ze zullen lokaliserenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze zullen zich bevindenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze zullen liggenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicaressegunda persona singular futuro de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicarás
1Ubicación.jij/je zal lokaliserentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je zal je bevindentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je zal liggentweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicaríatercera persona singular condicional del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou lokaliserenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
  _primera persona singular condicional del verbo 'ubicar'
ik zou lokalisereneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
  _tercera persona singular condicional del verbo 'ubicar'
  sEstaría
Me ubicaría
Se ubicaría
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou zich bevindenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
  _primera persona singular condicional del verbo 'ubicar'
  sEstaría
Me ubicaría
Se ubicaría
ik zou me bevindeneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  _tercera persona singular condicional del verbo 'ubicar'
  sEstaría
Me ubicaría
Se ubicaría
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze zou liggenderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
  _primera persona singular condicional del verbo 'ubicar'
  sEstaría
Me ubicaría
Se ubicaría
ik zou liggeneerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicaríaissegunda persona plural condicional del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
1Ubicación.jullie zouden lokaliserentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: jul·lie zou·den lo·ka·li·se·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie zouden je bevindentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie zou·den je be·vin·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie zouden liggentweede persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie zou·den lig·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicaríamosprimera persona plural condicional del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
1Ubicación.wij/we zouden lokalisereneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
wij/we zouden ons bevindeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
wij/we zouden liggeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicaríantercera persona plural condicional del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
1Ubicación.zij/ze zouden lokaliserenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze zouden zich bevindenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze zouden liggenderde persoon meervoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicaríassegunda persona singular condicional del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
1Ubicación.jij/je zou lokaliserentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je zou je bevindentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je zou liggentweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden toekomende tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicarontercera persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaban
Ubicaran
Ubicasen
1Ubicación.zij/ze lokaliseerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze bevonden zichderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze lagenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicarseinfinitivo de un verbo

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sEstar
Ubicar
  ci
conjugaciones del INDICATIVO
PresentePréterito indefinido
Me ubicoMe ubiqué
Te ubicasTe ubicaste
Se ubicaSe ubicó
Nos ubicamosNos ubicamos
Os ubicáisOs ubicasteis
Se ubicanSe ubicaron
Futuro/CondicionalPréterito imperfecto 
Me ubicaréíaMe ubicaba
Te ubicarásíasTe ubicabas
Se ubicaráíaSe ubicaba
Nos ubicaremosíamosNos ubicábamos
Os ubicaréisíaisOs ubicabais
Se ubicaráníanSe ubicaban
  cs
conjugaciones del SUBJUNTIVO
PresentePréterito imperfect ra
Me ubiqueMe ubicara
Te ubiquesTe ubicaras
Se ubiqueSe ubicara
Nos ubiquemosNos ubicáramos
Os ubiquéisOs ubicarais
Se ubiquenSe ubicaran
FuturoPréterito imperfecto se
Me ubicareMe ubicase
Te ubicaresTe ubicases
Se ubicareSe ubicase
Nos ubicáremosNos ubicásemos
Os ubicareisOs ubicaseis
Se ubicarenSe ubicasen
  cp
conjugaciones del IMPERATIVO
afirmativonegativo
Ubícate(tú)No te ubiques
Ubíquese(usted)No se ubique
Ubiquémonos(nosotros)No nos ubiquemos
Ubicaos(vosotros)No os ubiquéis
Ubíquense(ustedes)No se ubiquen
Formas impersonales
participio pasado    Gerundio
UbicadoUbicándome,... etc.
zich bevindenwerkwoordsvorm
Lettergrepen: zich be·vin·den
Verbuiging:
zich bevinden - bevond zich - zich bevonden


ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
liggenwerkwoord (infinitief)
Lettergrepen: lig·gen
Verbuiging:
liggen - lag - gelegen


ALLE betekenissen van dit woord:
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
zich bevindenwerkwoordsvorm
Lettergrepen: zich be·vin·den
Verbuiging:
zich bevinden - bevond zich - zich bevonden


ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ubicassegunda persona singular presente de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbiques
1Ubicación.jij/je lokaliseerttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je bevindt jetweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je ligttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicasetercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaba
Ubicara
Ubicó
Ubiqué
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lokaliseerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'ubicar'
  sUbicaba
Ubicara
Ubicó
Ubiqué
ik lokaliseerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: ik lo·ka·li·seer·de

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
ik bevond meeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: ik be·vond me

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  _tercera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'ubicar'
  sEstaba
Estuve
Estuviera
Estuviese
Estuvo
Me ubicaba
Me ubicara
Me ubicase
Me ubiqué
Se ubicaba
Se ubicara
Se ubicase
Se ubicó
Ubicaba
Ubicara
Ubicó
Ubiqué
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze bevond zichderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lagderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
  _primera persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'ubicar'
  sEstaba
Estuve
Estuviera
Estuviese
Estuvo
Me ubicaba
Me ubicara
Me ubicase
Me ubiqué
Se ubicaba
Se ubicara
Se ubicase
Se ubicó
Ubicaba
Ubicara
Ubicó
Ubiqué
ik lageerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicaseissegunda persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicabais
Ubicarais
Ubicasteis
1Ubicación.jullie lokaliseerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie bevonden jetweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie be·von·den je

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie lagentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie la·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicásemosprimera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicábamos
Ubicamos
Ubicáramos
1Ubicación.wij/we lokaliseerdeneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
wij/we bevonden onseerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
wij/we lageneerste persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicasentercera persona plural preterito de subjuntivo (se) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaban
Ubicaran
Ubicaron
1Ubicación.zij/ze lokaliseerdenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze bevonden zichderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze lagenderde persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicasessegunda persona singular preterito de subjuntivo (se) del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicabas
Ubicaras
Ubicaste
1Ubicación.jij/je lokaliseerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je bevond jetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je lagtweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicastesegunda persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicabas
Ubicaras
Ubicases
1Ubicación.jij/je lokaliseerdetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je bevond jetweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je lagtweede persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
ubicasteissegunda persona plural preterito indefinido de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicabais
Ubicarais
Ubicaseis
1Ubicación.jullie lokaliseerdentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie bevonden jetweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie be·von·den je

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie lagentweede persoon meervoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie la·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
¡ubícate!imperativo singular del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Está!
¡Estad!
¡Ubica!
¡Ubicad!
¡Ubicaos!
bevind je!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
lig!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicoprimera persona singular presente de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbique
1Ubicación.ik lokaliseereerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
ik bevind meeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: ik be·vind me

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ik ligeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubicótercera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaba
Ubicara
Ubicase
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lokaliseerdederde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze bevond zichderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lagderde persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'
UbinasNombre (o por antonomasia)
  w
Ubinaseigennaam (of antonomasie)
vulkaan, (Peru).
  w
ubiquetercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbica
Ubico
1Ubicación.hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze lokaliseertderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'ubicar'
  sUbica
Ubico
ik lokaliseereerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
ik bevind meeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: ik be·vind me

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
  _tercera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'ubicar'
  sEstá
Esté
Estoy
Me ubico
Me ubique
Se ubica
Se ubique
Ubica
Ubico
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze bevindt zichderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
hij/u/men/het/er/ge/gij/'t/zij/ze ligtderde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
  _primera persona singular presente de subjuntivo del verbo 'ubicar'
  sEstá
Esté
Estoy
Me ubico
Me ubique
Se ubica
Se ubique
Ubica
Ubico
ik ligeerste persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubiquéprimera persona singular preterito indefinido de indicativo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicaba
Ubicara
Ubicase
1Ubicación.ik lokaliseerdeeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (aantonende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: ik lo·ka·li·seer·de

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
ik bevond meeerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: ik be·vond me

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ik lageerste persoon enkelvoud onvoltooid verleden tijd (onregelmatig) (aantonende wijs) van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
¡ubique!imperativo singular del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Ubiquen!
1Ubicación.lokaliseert u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
bevindt u zich!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ligt u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubiquéissegunda persona plural presente de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicáis
1Ubicación.jullie lokaliserentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: jul·lie lo·ka·li·se·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jullie bevinden jetweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: jul·lie be·vin·den je

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
jullie liggentweede persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: jul·lie lig·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
¡ubiquémonos!imperativo plural del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Estemos!
¡Ubiquemos!
laten we liggengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: la·ten we lig·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
laten we zich bevindengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: la·ten we zich be·vin·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ubiquemosprimera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicamos
1Ubicación.wij/we lokalisereneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
wij/we bevinden onseerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
wij/we liggeneerste persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
¡ubiquemos!imperativo plural del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
1Ubicación.laten we lokaliserengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'lokaliseren'
Lettergrepen: la·ten we lo·ka·li·se·ren

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
laten we liggengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'liggen'
Lettergrepen: la·ten we lig·gen

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
laten we zich bevindengebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich bevinden'
Lettergrepen: la·ten we zich be·vin·den

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ubiquentercera persona plural presente de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbican
1Ubicación.zij/ze lokaliserenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
zij/ze bevinden zichderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
zij/ze liggenderde persoon meervoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
¡ubiquen!imperativo plural del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Ubique!
1Ubicación.lokaliseert u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'lokaliseren'

ALLE betekenissen van het woord 'Lokaliseren':
(overgankelijk werkwoord; lokaliseerde, heeft gelokaliseerd; lokalisatie)
1 tot een bepaalde plaats beperken
2 de plaats vaststellen van
3 (van met name software) geschikt maken voor de lokale markt.
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
bevindt u zich!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ligt u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
¡ubíquense!imperativo plural del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Esté!
¡Estén!
¡Ubique!
¡Ubiquen!
¡Ubíquese!
bevindt u zich!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ligt u!gebiedende wijs meervoud van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubiquessegunda persona singular presente de subjuntivo del verbo 'ubicar'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  sUbicas
1Ubicación.jij/je lokaliseerttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'lokaliseren'
2Asistencia
Estar
Ubicación
Ubicarse
.
jij/je bevindt jetweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'zich bevinden'
jij/je ligttweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (aanvoegende wijs) van het werkwoord 'liggen'
¡ubíquese!imperativo singular del verbo 'ubicarse'

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubicar'
  s¡Esté!
¡Estén!
¡Ubique!
¡Ubiquen!
¡Ubíquense!
bevindt u zich!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'zich bevinden'

ALLE betekenissen van het woord 'Bevinden':
(overgankelijk werkwoord; bevond, heeft bevonden; bevinding)
1 na waarneming tot de genoemde conclusie komen.
(wederkerend werkwoord; bevond zich, heeft zich bevonden)
1 in de genoemde toestand zijn
2 aanwezig zijn, zich ophouden.
ligt u!gebiedende wijs enkelvoud van het werkwoord 'liggen'

ALLE betekenissen van het woord 'Liggen':
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 afhangen van.
(werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 (informeel) bezig zijn met.
(onovergankelijk werkwoord; lag, heeft gelegen)
1 in horizontale positie op een vlak rusten
2 zich bevinden
3 in de genoemde toestand verkeren
4 (van zaken) in rust zijn
5 overeenkomen met iemands gewoonte, karakter of aanleg.
  wn
ubresustantivo
Plural es: ubres
(sustantivo). En los mamíferos, teta de la hembra.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubre'
, la  w
uierzelfstandig naamwoord
Lettergrepen: ui·er
Verkleinwoord is: uiertje [ui·er·tje]], het
Meervoud is: uiers

ALLE betekenissen van dit woord:
(de m ; uiers)
1 onder aan de buik hangend uitwendig gedeelte van de melkklier bij bepaalde zoogdieren.
, de  wn  w
ubressustantivo plural de la palabra: Ubre
(sustantivo). En los mamíferos, teta de la hembra.

Haga clic para acceso al Dicconario de la Lengua Española de la REAL ACADEMIA ESPAÑOLA para la palabra 'ubre'
, las  w
uiersMeervoud van het zelfstandig naamwoord: Uier
Lettergrepen: ui·ers

ALLE betekenissen van het woord 'Uier':
(de m ; uiers)
1 onder aan de buik hangend uitwendig gedeelte van de melkklier bij bepaalde zoogdieren.
, de  w
UbuntuNombre (o por antonomasia)
  w
Ubuntueigennaam (of antonomasie)
  w

1e 0‑9 A B C D E F G H I J K L M N Ñ O P Q R S TU V W X Y Z ß

2e- c dfgij l m n r s t v xz

3e ag al ap ba be bi br bu

<-- Vorige/ Anteriorpalabras de
woorden van
U ..... UBUNTUVolgende/ Siguiente -->



boven