(Cnicus benedictus)
Deze plant wordt ook wel Benediktenkruid genoemd.
De plant zelf werd in de 15e eeuw vanuit India naar Europa overgebracht. Dat gebeurde van de kennelijk aanwezige heelkundige eigenschappen van de plant. Er werd gefluisterd, dat de plant bijzondere krachten had om mensen van migraine af te kunnen helpen.
Afgezien van deze bijzonder eigenschappen, is de plant het aanzien meer dan waard. Heel bijzonder zijn de langwerpig en sterk ingekorven behaarde bladeren, die een vreemde schoonheid uitstralen.
Uiteindelijk werd de plant vroeger voor vele ziekteverschijnselen gebruikt. Men noemde hem ook wel "de toevlucht voor de zieken",
"de schatkist der armen" en "vaders panacee".
Voorts werd hij aangeprezen als middel ter versterking van het geheugen. Ook kalmerende werkingen leek de plant te bezitten.
Terwijl hij ook te boek stond als een uitstekend middel voor de koortswering.
Voor gebruik dient men de plantendelen en dan voor de bloei te oogsten en op een stofvrije en droge plaats uit de zon in bosjes op te hangen.
De aftreksels die u er van kunt maken zijn bitter en dienen dus wat te worden opgezoet. Dat kan met wijn of gewoon wat suiker.
Het beste kunt u voor elke maaltijd een glaasje innemen.
Eigenschappen: aansterkend, antiseptisch, koortswerend, spijsvertering bevorderend, urinedrijvend.