Zwarte mosterd
(Brassica nigra)

Men noemt de plant ook wel Bruine Mosterd, Rode Mosterd en Keek.
Vrijwel iedereen kent Mosterd als een kruid voor gebruik in de keuken bij het bereiden van eten. De plant zelf komt vrij algemeen voor in Europa. Voordat de mensen de planten gingen verspreiden, kwam de soort alleen voor in het Middellandse Zeegebied en West-Azië.
Beschrijvingen van het gebruik ervan gaan al terug tot 4 eeuwen voor onze jaartelling.
Voor het verkrijgen van de Mosterdpasta gebruikt men vermalen Mosterdzaden en het sap van onrijpe druiven. Het gebruik ervan duikt voor het eerst op in een beschrijving uit 1288. Tegenwoordig is het een van de meest gebruikte specerijen in het Westen. In plaats van de Zwarte Mosterd wordt in de voedselindustrie ook wel de Witte Mosterd gebruikt (Sinapis alba L.). Dat witte slaat dan hoofdzakelijk op de kleur van de zaden. Deze zijn wat fijner van smaak en minder scherp. Deze plant en de soort Arvensis worden ook wel Herik genoemd. De zaden van dit soort planten kunnen lange tijd in de grond wachten tot er een gunstig moment komt om te ontkiemen. Daarmee gedragen ze zich een beetje overeenkomstig de qua bloeiwijze gelijkende Koolzaad planten. Beide types hebben vers omgewerkte grond nodig om tot massale ontkieming te komen.
Gebruik in bescheiden dosis bevordert de spijsvertering. Lijders aan Dyspepsie (spijsverterings problemen) kunnen het gebruik beter vermijden.
Eigenschappen: braakwekkend, doorbloeding bevorderend, purgerend (Witte Mosterd).