(Rosa afzeliana, Rosa caesia, Rosa canina, Rosa obtusifolia, Rosa stylosa)
Deze rozensoort wordt ook wel Heggeroos, Wiepedoorn en Wilde Roos genoemd.
In ons land komen negen soorten wilde rozen voor. De Hondsroos is een van hen. Hij groeit langs bosranden en allerlei andere plekken, waar hij bij machte is zijn lange groeischeuten boven ander gewas uit te doen tronen. Als hij het goed naar de zin heeft, dan kan het een kollosale vrijwel ondoordringbare kluwen van hoog opgaande takken worden. Door zijn bijzondere groeikracht wordt de Hondsroos ook veel gebruikt als onderstam om er andere rozensoorten op te enten.
In de geneeskunde worden delen van deze heesterachtige plant dankbaar gebruikt. Zowel de bloemen, bladeren als de bottels worden gebruikt als een laxeermiddel of om wonden sneller te laten genezen. De bottels bevatten een hoog vitamina C gehalte en kunnen gebruikt worden voor aanvulling bij een vitamine C gebrek.
De bloeitijd ligt voornamelijk in de maanden mei t/m juli. Daarna verschijnen de felgekleurde bottels.
Eigenschappen: aansterkend, laxerend, samentrekkend, urinedrijvend, vitamine C aanvullend, wondhelend.