(Glycine max)
De sojaboon is een peulvrucht die voor een belangrijk deel bestaat uit olie, eiwit, koolhydraten en vezel. Voor sommige toepassingen wordt de boon in zijn geheel verwerkt. Vaker echter wordt eerst de olie eruit gehaald; de rest wordt dan hetzij opgewerkt tot sojameel, sojabloem en sojaeiwitconcentraat, hetzij verwerkt in de veevoederindustrie. Soja groeit het beste in gebieden met warme, vochtige zomers, zoals de Verenigde Staten, Brazilië en Argentinië. Nederland importeert jaarlijks ± 4 miljoen ton, vanuit vooral de Verenigde Staten van Amerika, uit Brazilië en nog geringe hoeveelheden uit Italië en Frankrijk. De sojaboon groeit niet in Nederland. De sojaboon wordt traditioneel al heel lang gebruikt (onder andere in het verre oosten) en verwerkt tot producten als tofu, tempeh, tahoe, miso en ketjap. Van meer recente datum is de toepassing als vervanger van amandelen in spijs. Behalve de rechtstreekse toepassing als spijsolie/slaolie wordt sojaolie in een groot aantal productcategorieën verwerkt, vaak ook nog samen met andere (plantaardige) vetten. Hierbij valt te denken aan margarine, halvarine en andere boterhamsmeersels, bakkersvetten en bak- en braadproducten, frituurvetten, mayonaise, slasauzen en dressings, koekjes, koffiecreamer, chocoladefantasie en -coatings, en in kant-en-klaarmaaltijden. Sojalecithine is een bestanddeel van de vetten in de sojaboon dat wordt toegepast als emulgeermiddel in bakkerijproducten, snoep- en chocoladecoatings, als stabilisator in bakkersvetten en als anti-spatmiddel in margarine. Het ontvette sojameel kan worden opgewerkt tot sojaproducten met verschillend eiwitgehalte voor allerlei toepassingen, waaronder brood en bakkerijproducten, brood- en cakemix, pannenkoekmeel, taart- of pizzabodems, vleesvervangende 'sojaburgers' en snacks, kant-en-klare mixen voor soepen en sauzen, kant-en-klaarmaaltijden, pastaproducten, snoep, sojamelk en dieetvoedingsmiddelen.